Polemiek en ethiek (slot)

1975-04-04
  • Jaargang 19
  • nummer 14
• Zelfkritiek

Door de overgang van ds Arntzen zijn de binnen- en buiten-verbanders weer even heel sterk bij elklaar bepaald.
Ik ga alleen op enkele ethische aspekten van deze zaak in.
Ds Arntzen legde zijn ambt neer en werd in De Reformatie door prof. Douma in de binnenverbandse kerken welkom geheten. Dit is fijn voor ds Arntzen, maar was een welkom-zonder-meer op zijn plaats?
Wat is er in De Reformatie de afgelopen dertig jaar fel geschreven als een vrijgemaakt predikant zijn ambt neerlegde en overging naar de gereformeerde kerken.
Hij werd dan een ontrouwe herder genoemd. Iemand die de kudde in de steek liet.
Er werd' in De Reformatie fel van leer getrokken, als vrijgemaakte predikanten dan overleg voerden met hoogleraren van de theologische hogeschool aan de Oudestraat te Kampen.
En wat deed ds Arntzen ... ?
In het midden van de jaren zestig hadden meer dan dertig predikanten de vrijgemaakte kerken verlaten en aan het eind van de jaren zestig kwamen meer dan 25000 vrijgemaakten buiten het kerkverband te staan. Reeds voordien hadden honderden deze kerken verlaten. In De Reformatie kregen en krijgen zij een niet mild oordeel over zich uitgesproken, maar van zelfonderzoek en zelfkritiek is in ddt blad helaas weinig te merken geweest. Is daar dan echt geen reden voor? Is er in de binnenverbandse kerken geen geestelijke ruimte voor om de vraag publiek te stellen: zijn we -op de goede weg?, zijn we niet tekort geschoten?, wat doen we om de buitenverbanders te zeekien?

• Gewond

Ds Arntzen is in de buitenverbandse kerken teleurgesteld, Hij kon zich niet vinden in de methode, het tempo en de uitwerking waarin deze kerken weer tot een geordend kerkelijk samenleven proberen te komen.
Dit is een vreemd argument.
Natuurlijk gaat dit proces langzaam.
Is er dan niets gebeurd in de vrijgemaakte kerken in de jaren zestig?
Zowel bij de binnen- als buitenverbanders is enorm veel verdriet geweest over de geslagen breuk.
Maar vooral bij de buitenverbanders zijn gewonden gevallen. Niet alleen persoonlijke eer werd gekrenkt, maar er is geestelijke pijn geleden. De wonden zijn bij velen nog niet geheeld. Ik ken mensen, die de afgelopen vijf jaar nog maar zelden in een. kerk komen.
Soms zoeken zij de woordverkondiging, maar blijven dan weer wéken weg. Zij zijn geestelijk haast onherstelbaar gewond, beschadigd misschien.
Natuurlijk gaat het in de buitenverbandse kerken nogal moeilijk.
Laten we eerlijk zijn: kan het anders?
Ds Arntzen heeft gemeend voor de tweede keer zijn ambt te moeten neerleggen. Weliswaar door gewetensnood gedreven, deed hij dit uit vrije wil. Maar heeft hij ooit beseft, wat het is met kollega's op te trekken die geschorst geweest waren, die voor kerk en wereld als oneerbaar ten toon gesteld waren?
Er is vreselijk veel leed geleden; ook onder de binnenverbanders, maar waarom merken wij daar zo weinig van?

Richt ik me te eenzijdig tot de binnenverbandse kerken?
Maar zijn zij het niet die zeggen pal te staan voor 'Schrift en belijdenis'?, die zeggen 'kerk van Christus' te zijn?
Ja, je zou zeggen: dat moet anderen toch jaloers maken?
Dat is het toch?
Maar we merken er zo weinig van. We ervaren te veel hun hardheid, hun gelijk-hebberige houding. We merken duidelijk het opsommen van verschillen, zonder de poging elkaar te zoeken waar we elkaar kunnen vinden. Juist deze ethische elementen van liefde en zong voor elkaar, het elkaar willen dienen en zoeken zijn zo weinig op te merken.
Als ik aan de binnenverbandse kerken denk, dan bekrui:pt me een gevoel van triestheid. De kerk is toch ons aller Moeder? Ook die kerken.
Ik zou aan die kerken willen vragen: 0 Moeder, hoe is deze hardheid in u gekomen? Waarom hebt u uw kinderen van u verstoten, terwijl u zei dat ze bij u .hoorden en dat u hen nodig had?
Ethisch staan wij als gereformeerden in een zwakke, vaak slechte traditie. We staan direkt klaar om met een beschuldigend vingertje te wijzen naar het gesekulariseerde denken van theologen als Kuitert en Wiersinga en naar het gesekulariseerde denken van hen die voor abortus en euthanasie zijn.
Maar zijn wij minder gesekulariseerd in de onethische wijze waarin we met elkaar omgaan?
Zijn de bedoelde slechte polemieken in De Reformatie ethisch minder ernstig gesekulariseerd in wereldse strijdmethoden, dan Kuitert en Wiersinga in hun theologie?
Ik beantwoord deze vragen niet zonder meer bevestigend. Het zou een zeer ernstige beschuldiging zijn. Maar dat ik deze vragen stel, zegt natuurlijk genoeg van de ernst van het probleem waar ik op wijs. Natuurlijk zijn wij danig verontrust over anderen, vooral over 'linkse' theologen, maar in ethisch opzicht te weinig over onszelf!
Of gaat er iets veranderen?
Binnenkort zal prof. Douma voor een congres spreken over de ethiek in de gereformeerde gezindte.
Er lijkt me voor hem geen moeilijker onderwerp denkbaar.
Nogmaals: schreef ik te eenzijdig gericht op de binnenverbanders?
Zij staan nog altijd het dichtst bij ons.
Nu ik dit artikel af heb - voorzover een artikel ooit af kan zijn - stel ik mezelf de vraag: hoe durf je dit alles te schrijven?
De persarbeid in Opbouw gaat toch allerminst vrij uit? Heb ik zelf ook geen fouten gemaakt in artikelen. De aandachtige lezer van Opbouw zal echter ook gemerkt hebben, dat de polemieken in ons blad de laatste jaren zeer behoedzaam gevoerd zijn. Hier is opzettelijk naar gestreeft. De redaktie is zich terdege bewust van de gevaren en van het onchristelijke
in een onethische polemiek
lik heb dit willen schrijven, omdat het me nodig leek. Hoewel de kritiek op binnenverbanders duidelijk is, hoop ik de goede toon gevonden te hebben. Hopelijk komt er iets van over, dat de inhoud van mijn verhaal in de eerste plaats zelfkritiek is, zowel persoonlijk als voor de buitenverbandse kerken.
Zelfkritiek als 'reiniging des harten', met de bede: Uw Koninkrijk kome.
Ben ik te scherp geweest, men vergeve het mij; het was niet de bedoeling iemand te kwetsen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief