Ons leven is met Christus verborgen in God

1974-08-30
  • Jaargang 18
  • nummer 31
Wat leven en dood in het menselijk bestaan zeggen wil moeten we uit de Schrift leren verstaan.
De Bijbel spreekt van levenden, die dood zijn (Luk. 9: 60) en van doden, die voor God leven (Luk.
20: 38). Wij kunnen midden in de zonde leven en dan noemt de Schrift dat: dood zijn in zonden en misdaden (Col. 2 : 13). En Paulus zegt: we kunnen om Jezus' wil voortdurend ten dode worden overgeleverd, opdat het leven van Jezus in ons sterfelijk vlees wordt geopenbaard (2 Cor. 4: 11).
Het Evangelie leert ons verstaan dat in Christus als het vleesgeworden Woord het leven is (Joh. 1:4). Hij is het leven (Joh. 14:6).
Want gelijk de Vader het leven heeft in Zichzelf, alzo heeft Hij ook den Zoon gegeven het leven te hebben in Zichzelf (Joh. 6: 26).
En allen die in Hem geloven hebben in Christus het eeuwige leven.
Dat leven van Jezus Christus wordt door de Geest in de Zijnen geopenbaard, reeds nu in hun sterfelijke vlees. Het is het leven van Christus in de Zijnen (2 Cor. 4 : 12). En dat leven is blijdschap en vreugde, een beginsel van de eeuwige vreugde, die eenmaal in volkomenheid hun deel zal zijn.
Want zolang we nog in ons zwak en sterfelijk vlees verkeren, is de volheid en volkomenheid van ons leven met Christus verborgen in God (Col. 3: 3). Die volkomenheid zal ons hiernamaals geschonken worden. Als Christus wederkomt en allen die in Hem ontslapen zijn, uit de doden worden opgewekt.
Dan zal het eeuwige leven in al zijn volheid ons deel zijn, in een verheerlijkt, onsterfelijk en Geestelijk lichaam: het sluitstuk van Christus' verlossingswerk, onze volkomen vernieuwing door de Heilige Geest.
Naar die toekomst zien we uit.
Wanneer Christus verschijnt, die ons leven is, zullen ook wij met Hem verschijnen in heerlijkheid, (Col. 3: 4).


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief