TAIZÉ
1974-09-13
Veel mensen, die Taizé bezoeken komen onder de indruk van wat daar gebeurt. Ik behoor ook tot deze mensen. Niet iedereen zal Taizé als indrukwekkend ervaren. Er zijn mensen, die er tamelijk kritisch tegenover staan. Het lijkt mij ook niet juist om aan kritische overwegingen geen aandacht te besteden.- Jaargang 18
- nummer 33
• Waardering en kritiek
Men kan de vraag stellen of de kerkdiensten in Taizé niet te veel emotioneel beleefd worden. Kan deze emotionele beleving niet tot gevolg hebben, dat wij bepaalde, duidelijke verschillen tussen kerken van verschillende confessie niet meer zien? Wordt er niet te veel gesproken op de toon van de politieke theologie? Zijn de diskussiegroepen niet met te modieuze onderwerpen bezig en te weinig met bijbelstudie? Is de geloofsbeleving niet te sterk op de individuele persoon gericht? Is het gevaar van een te subjektieve en eigenwillige geloofsbeleving niet erg groot?
Wij kunnen nog wel meer vragen stellen. In principe ben ik geneigd deze vragen allemaal bevestigend te beantwoorden.
Er zijn echter zo veel dingen in het leven, waarover wij de vraag kunnen stellen: schuilt er niet een gevaar in? Dat wil dan natuurlijk nog niet zeggen, dat deze dingen ook direkt gevaarlijk zijn.
Het is waar, dat velen een verblijft in Taizé nogal emotioneel beleven. Naar mijn indruk is dat ook goed. Het geloven in niet alleen een verstandelijke zaak. Ook op het gevoel van de mens wordt een appèl gedaan. In de kerkdiensten van Taizé speelt ook het kunstzinnige en het estetische element van de schoonheid een grote rol. Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in de koorzang, in het orgelspel, dat in de dienst een belangrijke plaats inneemt.
Enkele gebrandschilderde ramen, ikonen en kaarsen verhogen de schoonheid van het interieur en van de diensten. Toch overheersen deze estetische aspekten van de kerk en van de diensten in Taizé niet. Het interieur van de kerk maakt zelfs een sobere indruk.
Het kenmenkende van Taizé lijkt mij, dat dit alles een bescheiden plaats in de diensten inneemt. Er worden psalmen en andere liederen gezongen. Men leest uit de bijbel, bidt en mediteert. Het orgelspel, de koorzang, de ikonen, de kaarsen en de zondagse prediking zijn aanwezig. Alles is er, maar geen van deze elementen overheerst. Het geloofsleven gaat niet in één van deze elementen op.
Ook al ben ik geneigd bepaalde kritische vragen bevestigend te beantwoorden, bij mij staat de waardering voor Taizé voorop.
Wij zijn toch al zo gauw geneigd overal gevaren in te zien. Wij willen als gereformeerden overal risiko's en eventuele gevaren uitbannen.
Alles moet naar mijn indruk op een goudschaaltje gewogen worden. Daar zit natuurlijk iets goeds in. Het getuigt van een voorzichtige wijze van leven. Het is echter opvallend, dat deze voorzichtigheid meestal betrekking heeft op vernieuwingen in de kerken. Veel minder ten aanzien van het traditionele. De historische gegroeide manier waarop de meeste kerkdiensten gehouden worden, is ons vertrouwd en wij zeggen dat het goed is. Het gaat toch goed?
Beseffen wij dan niet dat het vaak beter en mooier kan? Dan zien velen opeens gevaren. Deze overmatige voorzichtigheid voor veranderingen geeft veel gereformeerden tets krampachtigs.
Laat ik een voorbeeld noemen.
Er bestaat in sommige kerken kritiek op de nieuwe psalmberijming en op het nieuwe liedboek.
Uit verschillende besprekingen van het liedboek heb ik begrepen, dat bepaalde kritieken juist zijn. Maar wat betekent dat nu?
Betekent dat, dat wij het hele liedboek maar ongebruikt moeten laten liggen? Laat er een bepaald aantal liederen zijn waarop in een gemeente ernstige kritiek bestaat, dan zingt zij die liederen niet. Wij hoeven toch niet alles te zingen?
Als wij 100 gezangen niet zingen, blijven er nog altijd 391 over.
Het liedboek biedt een grote rijkdom aan christelijke liederen die het belijden van de kerk in vele eeuwen weergeeft. Wij komen liederen tegen, die reeds eeuwen geleden werden gezongen en ook moderne, waarin het geloof eigentijds wordt beleden.
Kritiek op het liedboek laten overheersen met het gevolg dat wij het ongebruikt laten liggen, betekent in eenvoudig nederlands: met het badwater het kind weggooien.
Daar komt nog bij, dat de kritici van nieuwe psalmberijming en de oude berijming van 1773 eens kritisch moeten bekijken.
Ik wil hier echter niet te veel van zeggen. Het is bedoeld als een voorbeeld. Een goed bedoelde ,voorzichtigheid kan zo gemakkelijk leiden tot een krampachtige levenshouding.
• Stilte
Ik heb er geen behoefte aan om te waarschuwen tegen de emotionele geloofsbeleving in Taizé.
In de eerste plaats, omdat zij in de kerkdiensten wel een belangrijke, maar geen overheersende plaats inneemt.
In de tweede plaats, omdat de westerse mens in het algemeen en wij, gereformeerden met name, een zeer verstandelijke opvatting van het geloof hebben.
Wij leven in een drukke en jachtige wereld. Onze agenda's staan vol met afspraken, wij kijken regelmatig op ons horloge, velen hebben nauwelijks tijd om rustig te eten en in de sportwereld worden records gebroken met een tiende van een seconde. Wij jachten en ja,gen ... en de kerk doet mee. Predikanten en ouderlingen hebben het druk en hebben haast.
Een kerkdienst mag nog maar een uur, hoogstens vijf kwartier duren.
In Taizé kent men na het Bijbellezen momenten van meditatie, ongeveer vijf minuten. Men oefent zich in het mediteren over het zojuist gelezene. Dit is geen wereldvreemde of oosterse spiritualiteit.
Zijn er dan geen gevaren voor het mystieke, vage geloofsbeleven?
Natuurlijk zullen er wel op een of andere manier gevaren op te duiken zijn. Het gaat er echter om, dat de mens na het biibellezen stil wordt voor God. Tijdens de kerkdienst bestaan tijd en gelegenheid om geduldig en deemoedig te zwijgen. De gelezen woorden moet men verinnerlijken.
Is het geloof dan niet uit het horen en het horen niet door het Woord van Christus? (Rom. 10: 17). Jawel, maar Paulus zegt ook dat niet iedereen dit Woord verstaat of wil verstaan. De Geest van God moet het doen! De mens moet voor de boodschap open staan en biddend dit alles overwegen in zijn hart.
Wij leven in een wereld met veel woorden, veel boeken en stencils.
Er is altijd lawaai. Hilversum III draait de hele nacht door. Ook onze kerkdiensten zijn met woorden gevuld. Wij kunnen veel van Taizé leren in de oefening tot meditatie. Ook in het invoegen van enkele minuten stilte in het door de predikant uitgesproken gebed, voor een persoonlijk, stil gebed.
Waarschijnlijk weten wij in het begin niet wat wij met die stilte moeten doen. De dominee zal het wel moeilijk vinden om een paar minuten zijn mond te houden. Wij zullen allemaal wel een beetje verlegen zijn met de stilte. Des te meer mag het ons aan -het denken zetten, hoezeer wij het moeten leren om stil te zijn voor God.
• Positieve kritiek
Het is onjuist om hetgeen men heeft meegemaakt in Taizé om te zetten in kritiek op 'eigen' kerken.
Nog erger om zich van zijn 'thuiskerk' te distantiëren. Dan bezoekt men Taizé met een religieus snobisme.
Wie Taizé echter niet als toerist, maar serieus. bezoekt, zal zich waarschijnlijk toch afvragen: wat doe ik met deze ervaringen?, wat neem ik er van mee?
Er zijn zo veel dingen die je als bijbels ervaart en die je in je eigen kerken zo graag gerealiseerd zou willen zien.
Vandaar deze artikelen in "Opbouw", Zij zijn niet geschreven met de bedoeling van een keiharde kritiek.
Ik wilde er op wijzen, dat wij van Taizé iets kunnen leren, Naar mijn indruk kunnen onze kerkdiensten beter, mooier en voor het geloofsleven van de mensen opbouwender ingericht worden.
Ondanks kritiek die men op Taizé kan hebben, is het duidelijk dat de broeders er naar streven om met de wezenlijke zaken van het christelijk geloven bezig te zijn.
Zij zoeken de bedreigde situaties in de wereld. Zij helpen mensen in nood. Daarin willen zij gehoorzaam zijn aan het woord van Christus: wat gij aan één van Mijn geringste broeders hebt gedaan, dat hebt gij Mij gedaan (Matt. 25 : 40).
Zij willen hun leven om Christus' wil inzetten voor anderen. Al hun aktiviteiten worden gedragen door hun geloven in God, De kerkdiensten in Taizé vormen het centrum, de batterij, van hun aktiviteiten.
Zij roepen in deze dagen, de tijd van het jongerenconcilie, de mensen, met name de jeugd, op hun plaats in de wereld onder ogen te zien en de handen uit de mouwen te steken. Zij roepen op om mee te helpen de nood in de wereld een beetje te verkleinen. Zij roepen de christenen op om hun onderlinge eenheid. te zoeken. Zij leven niet als mensen, die er zelf beter van willen worden. Zekeringen voor een veilige toekomst brengen zij niet aan, want wie zijn leven wil behouden, die zal het verliezen.
Daarom bestaat in Taizé de regel, dat wij door strijd en gebed zoeken naar gemeenschap met God en met elkaar. Hierover gaat ook het Woord van God. Het liefhebben van de medemens is geen vanzelfsprekende of gemakkelijke zaak, De aandrang voor een egocentrisch leven is groot. Wij worden vaak zo door onszelf in beslag genomen, dat wij er niet aan toe komen de ander te begrijpen en een vriend voor hem of haar te zijn.
Dit geldt voor onze naaste verhoudingen en voor onze verdrukte medemensen in andere landen.
Dáárom strijd, daarom ook gebed en bijbellezen.
Er is oefening in bidden, bijbellezen en mediteren voor nodig.
De bijbel geeft haar geheimen bij oppervlakkige lezing niet prijs.
Het leven van een christen wordt niet gebouwd door statige volzinnen van belijdenisgeschriften om te herhalen wat men toch al weet. Strijd en gebed bouwen het leven van de christen in het steeds beter willen verstaan van de bijbelse boodschap en in het niet vrijblijvend staan ten opzichte van de medemens.
Hoe vaak moeten steeds weer de rechten van minderbedeelden bevochten worden.
Gerechtigheid schijnt men steeds te moeten afdwingen, omdat er altijd mensen zijn die er, ondanks hun overvloed, niet minder van willen worden, Daarom ook: strijd en gebed om mensen te worden met meer bereidheid tot gemeenschapszin.