"Abraham ontdekt de God van ons leven"

1974-11-01
  • Jaargang 18
  • nummer 40
De moeilijke vraag van Izaäk komt: "Vader, waar is het offer?"
Ik mag niet zeggen, dat Abraham zijn zoon misleidt. Misschien heeft hij de hartverscheurende werkelijkheid voor de jonge ogen nog enigszins bedekt. "De Hére zorgt daarvoor, mijn zoon". Maar wat heeft Izaäk gevóeld? Gedàcht misschien aan deze mogelijkheid? Het gebéurde toch, ook om hem heen in Kanaän?! Heeft zijn vader hem met die ingehouden woorden geseind: "Jongen, áls dat verschrikkelijke gebeurt, dan is Hij nog Gód?! Wist de zoon net zo goed als de vader hoe benauwend de gang naar Moria was? "De Here zorgt ervoor", - dat is verstikkend als God komt aan je enige, die je lief hebt. Maar ook, als je bedenkt het kind van die rekening te kunnen zijn!
Ik ben er niet zo zeker van - zoals veel kinderbijbels willen doen geloven - dat bij de bouw van dat altaar nog zoveel te zeggen viel. Béiden wisten dunkt me niet beter, de vader én de zoon, dan dat als God voor een offer zorgt, je zèlf dat offer kunt wezen!
Zo ligt Izaäk op het altaar. Abraham grijpt het mes!
En dán is daar God, de ware God.
Hij zegt: "Abraham, houd op! Nu weet Ik, dat ge me vreest bóven alles! Maar doe hèm niets! Zo is het genoeg. Gij hóeft niet Abraham!
Want ik wil wéten of ik de enige voor u ben! Maar, Abraham, Ik ben de God, die ánders is. Ik ben de God die gééft, zèlf".
En Abraham kijkt om zich heen, ziet de ram, verstrikt met de horens in de struiken. En offers die in plaats van zijn zoon. Dáár leert hij het, en Israël, en wij: er mág vervanging wezen! En dit is de ware God, die daarvoor Zèlf zorgt! Brandoffers en offers voor de schuld, jazeker. Maar God vráágt ze van geen mens. Hij gééft ze aan de mens! God is niet de onmogelijk veeleisende! Maar de God die alles gééft! En die alle schulden vergeeft. En dát heeft Abraham gezien en beleden. Als Gód ertussen komt en zèlf vervanging biedt, - dan leert Abraham zijn grote les. Dan ontdekt hij, dat God niet ijskoud mensen waagt aan zijn eer. Maar dat zijn eer is: mensen redden! Die het leven schonk aan hemel en aarde, geheel alleen, als Hij op weg gaat om de wereld te redden van verderf en schuld, dan is Hij het weer alléén, die álles geeft! Dàt moest Abraham, Gods vriend, als een wonder weten. Abraham ziet hoe wáár zijn woorden, straks tot de jongen, nu zijn: DE HERE ZORGT ERVOOR, mijn zoon. Hij nóemt die offerberg zelfs zo. En daaraan kunnen we zien: hier heeft Abraham de ontdekking van zijn leven gedaan. Hier keek hij God in de ogen en in het hart. De God, die gééft! De onuitsprekelijke verrassing. Israël houdt er een gezegde aan over: over zijn God, de andere, de werkelijke.
Verwonderd zullen ze altijd. weer zijn, als de altaren roken, en Gód vervanging biedt. Dan zullen ze elkaar aanzien en het zeggen: er wórdt in voorzien, door de HERE zelf, op zijn heilige berg.
Dit is het unieke van God. Daarom is Hij niet te vergelijken met welke god en macht in de wereld ook. Als het gaat om onze wijding aan God, om het offer voor onze schulden, om ons léven, dan voorziet de Here zèlf daarin. Het ándere van Israël, van de Chr. gemeente, is heel simpel: het andere van God. En dat doorbreekt totaal wèlke oude of nieuwe godsvoorstelling ook! Dat heeft geen mens bedacht. Zo heeft God zich geopenbáárd! Aan Abraham, zijn vriend, allereerst. Want deze God heeft een welbehagen in mènsen!
En nu zie ik, dat dit bericht bijbel is. Bericht van God, de Vader van Jezus Christus door den Hei lige Geest. Want nu zie ik uit de verrassing van Abraham komen de waarheid van Jezus Christus: God voorziet er zelf in. Abraham heeft het voorgezegd aan allen, die door het geloof kinderen van hem zijn, naar de belófte erfgenamen!
En dan worden zelfs de woorden van Gen. 22 gestoken scherp: ga, neem uw enige, die ge liefhebt!
God heeft het Abraham en Israël en ons gezegd om ons te brengen op Zijn spoor. Die eis: neem uw enige, uw geliefde, - die heeft God tenslotte alleen aan Zichzèlf gestèld! Je leest in het N.T. van de grote vertrouwelijkheid van Jezus Christus met zijn Vader.
Maar je leest ook, dat die Christus zonder protest ondergaat aan alle kwaad van deze wereld. Je leest, dat de spijkers jagen door zijn vlees, dat de dood drenst in zijn bloed. Je hoort Hem roepen: mijn God, mijn God ... Maar dàn antwoordt niemand. De Vader grijpt niet in om het mes te keren!
Want tèen op Golgotha gebeurde wat Izaäk vrij maakt. En Israël. En wie er vandaag maar een kind van déze God wil zijn!
Toen gebeurde wat God liet ontdekken door Abraham, zijn vriend, en wat Hij bevestigt van kind tot kind: de HERE zorgt er zèlf voor. In de overgave van Christus Jezus in de dood! Dat is het evangelie ook vandaag. Voor ieder die het aandurft zijn godsvoorstellingen eraan te geven, zich over te geven aan die God. Om die er zelf in voorzien heeft.
Abrahams moeilijkste reis werd Gods diepste openbaring aan hem.
En deze dingen zijn geschreven opdat ook u gelooft. En door dat geloof het leven hebt in de Naam van deze God. Die naam is Jezus Christus, de enige Naam, die gegeven is, waardoor wij moeten behouden worden.

Gebed

Here God, wij prijzen U. Want in en door uw Woord verlost U mensen van hun waanideeën over U.
U rafelt de leugens uiteen, die ons tot wanhoop zouden brengen over U. Wij danken U, dat het U daarom gaat in de verkondiging van uw evangelie.
Wij bidden U: geef, dat dit verrassend evangelie van profeten en apostelen gehóórd wordt! Uit uw Woord blijkt, dat U een welbehagen hebt in mensen. Dat zij uw lieve lust zijn, de inzet van héél uw werk op deze wereld. Het blijkt, dat U de kramptoestanden kent, die de wereld en de mensen teisteren en dat U er raad mee weet, raad uit weet. Want U alleen tornt er tegenop door het Woord van uw Geest.
En daarom durven we U ook bidden.
Bidden voor deze wereld en haar bewoners, dat U ons allen verlost van de leugen over U en onszelf. Bidden voor de regeerders van deze wereld, dat ze wijsheid zoeken bij U. Heer, we weten wel: ze komen vaker in het nieuws als onderwerp van kritiek dan als onderwerp in ons gebed aan u. Daarom bidden we U nu voor hen en voor de volkeren: maak U bekend als de Enige die de waan doorbreekt en die het leven geeft in Jezus Christus.
We bidden U voor wie ziek zijn.
Misschien al lang, geteisterd, ontluisterd.
Dat kan verstikkend zijn, Here. We bidden U voor de mensen, die het niet meer zien zitten, die wanhopig zijn. Here God, openbaar U. Als de enige, die het allemaal weet en kent en die werkelijk verlost en redt. Voor zieken bidden we, dat U ze redt van de dood. En ook als U een andere weg gaat, dat U ze dan uitkomst geeft in de dood. In dat énige, dat U de handschoen hebt opgenomen tegen zonde en dood en verderf en ellende! En dat U niet eerder rust, dan dat de aarde verlóst is, vol van de kennis van U in levende mensen.
Wij bidden U voor uw gemeente op heel deze wereld. Breidt U haar uit. Laat uw verlossing doorbreken in alle krampachtige toestanden waar de mensheid onder gebukt gaat. Laat uw kinderen in blijde verrassing uw Woord verkondigen en doen, totdat Jezus terugkomt.
Here, de zegen voor alle volken der aarde is uw onderneming blijkens uw eed aan Abraham, uw vrind. Láát dat werk van U op heel de wereld blijken! En zend Hem, Uw Zoon Jezus Christus, om uw grandioze onderneming te voltooien.
Tot uw eer, die is: redding van de mensen. Amen

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief