De aktuele les van een oude Kerst-problematiek
1974-12-20
In 1966 verscheen in de BB.- serie onder de titel "Een kind is ons geboren" de vertaling van een interessant duits boekje, waarin ons een kleine bloemlezing geboden wordt van kerstpreken de eeuwen door. De verzamelaar, Hans Jürgen Schultz, heeft het geheel en verder ook elk door hem gekozen tijdvak van een kort inleidend woord voorzien. Ik geef nu een citaat van blz. 23: "De bisschop van Rome bepaalde deze datum (25 december, H.S.) tenslotte tot het geboorte feest van de Zoon van God. De reden hiervan kan tevens gelegen zijn in het feit dat keizer Aurelianus omstreeks 270 deze dag tot feest van de Onoverwinnelijke Zon (Dies Invicti Solis) had uitgekozen. Als tachtig jaar later in Rome de eerste kerstdienst wordt gehouden, moet daarmee de overwinning van Christus, die de ware Zon is, over de heidense cultus betuigd worden.- Jaargang 18
- nummer 47
Steeds weer verwijzen latere kerkvaders naar deze symbolische betekenis van de dag .... Augustinus voert tegen de bewering, dat de christenen niet anders dan het geboortefeest van de zon - zij het dan onder een vreemde naamvieren, aan: "Wij vieren de 25ste december niet wegens de geboorte van de zon, maar wegens de geboorte van Hem die de zon geschapen heeft ... "."
Het begin van dit citaat is in zekere zin het tegengestelde van het slot. Toch lezen we alles op één pagina! In het begin viert de kerk de overwinning van Christus op het heidendom. Maar aan het eind moet Augustinus de kerk verdedigen tegen het misverstand, dat toch in feite het heidendom het gewonnen zou hebben! Hij doet dat bekwaam.
Maar de vraag blijft: Waar kon dat misverstand vandaan komen?
Met deze vraag raken we een problematiek die oud is maar nog niet gestorven. Om het maar kras te zeggen: Wat is er nu met die 25ste december gebeurd? Heeft de kerk de wereld "gekerstend"? Of heeft de wereld de kerk "verwereldlijkt"?
* Achtergronden
Ja, hoe kon de wereld zo hard terugslaan?
Hoe kon zij - zij het ook bij wijze van misverstand zo pijnlijk de Christus-overwinning omzetten in een triomf van het heidendom? Was dat louter onnozelheid of had de kerk daar schuld aan?
We moeten, dacht ik, niet vergeten, dat de houding van de kerk tegenover de wereld al van heel vroege tijden af "dubbelzinnig"
is geweest. Aan de ene kant beleefde men de tegenstelling. Men dacht in de lijn van Rom. 8 : 7 en .1 Gor. 2 : 14, waar de relatie tussen "de natuurlijke mens", "het vlees", en het werk en de gezindheid van de Heilige Geest gevat wordt onder termen van vijandschap.
Tegenover de wereld paste slechts het "Bekeert u!".
Aan de andere kant hadden mensen van vorming en beschaving vaak een groot respekt voor de heidense (vooral Griekse) filosofie.
Was het niet zo, dat God in een soort algemeen verlichtingswerk "waarheid-sporen" had uitgezaaid alom onder de volken? Had dat niet zijn grote waarde? En het bedenkelijke resultaat van deze overwegingen was, dat men het christelijk geloof ook ging beschouwen als de afbouw van hetgeen - veelal ondeugdelijk en volstrekt ongenoegzaam - onder de leiding van heidense architekten was opgezet!
"Tegenstelling" èn "afbouw". Zie daar de "dubbelzinnigheid". Zie daar een kombinatie, die zichzelf eigenlijk niet overeind kan houden wegens haar innerlijke tegenstrijdigheid.
Zo is men in latere tijden - tegen het spraakgebruik van de Schrift in - de genade als "bovennatuurlijk" gaan kwalificeren. Ook hierin liggen twee lijnen als het ware verstrengeld: Enerzijds moet de genade van God de mens bekeren, maar anderzijds moet die genade de mens afbouwen. Er komt een "kop" op - "boven-natuurlijk".
Men wist aan de ene kant heel goed dat Aristoteles een onbekeerde heiden was. Maar men kon zijn geweldige wijsbegeerte toch mooi gebruiken voor de christelijke theologie. Aristoteles had voor de "onderbouw" gezorgd. De christelijke "afbouw" verzorgen wij wel!
* Stroom en tégenstroom
Hoe kon de wereld in verband met de 25ste december de Christusoverwinning zo pijnlijk inzetten in een overwinning van het heidendom?
Dat was de vraag waarnaar we nu weer terugkeren.
Ik ben ervan overtuigd, dat de "dubbelzinnigheid" in de kerkelijke benadering van de wereld hier méé schuld heeft. "Goed" stond immers nooit alleen maar tegenover "slecht" (de tegenstelling) maar ook altijd weer tegenover "minder" (de afhouw). Het geloof stond niet alleen tegenover het heidendom maar het was ook steeds weer te vinden "in het verlèngde" van de "edelste" heidense gedachten. De kerk stelde naast het "unieke" van haar boodschap steeds weer een soort konkurrentie-motief: Christus is "superieur" aan het hoogste dat het heldendom biedt. Maar zo komt men ook vanzelf tot een bizonder belangrijke vraag! Waar moet men nu in de beoordeling van het feest van 25 december eigenlijk starten?
Wat is het uitgangspunt? De kerk zei natuurlijk: "Bij Jezus Christus, want Hij is de Zon der gerechtigheid.
Van Hem uit moet de wereld gekerstend worden!". Maar die kerk had eigenlijk zèlf aan de wereld een ander uitgangspunt toegestaan: het heidense gedachtengoed!
Geeft Christus niet de "afbouw"? Vinden we Hem "dus"
niet in het verlengde van wat we zelf aan "edele" gedachten meebrengen?
Kunnen we onze eigen lijnen niet doortrekken om zo Christus te- vinden? En daar had je dus de ellende! Augustinus mocht er het zijne van zeggen, maar hoe is het nu - in vroegere en in latere tijden? Wordt de wereld "gekerstend?" Of wordt de kerk "verwereldlijkt"? Stroom en tégenstroom! Aan welke kant staat het kerstfeest?
* De les
Zo gaat het wanneer de "afbouwidee" zich een plaats verovert naast de antithese, de tegenstelling!
Zo gaat het wanneer de kerk het unieke van haar boodschap gaat overzetten 'in een konkurrentiesfeer.
Denkt u vooral niet, dat de "afbouw-gedachte" heeft afgedaan.
Ze heeft wel een nieuwe gestalte, maar ze is er nog volop.
Wanneer de kerk bij de wereld het kerstfeest gaat annonceren als "het feest van de vrede" of als "het feest van de gerechtigheid" of (grover) als "het feest van het kind", dan zitten we er eigenlijk al middenin. Dan hoopt de kerk te kunnen aanknopen bij wat de mensen zèlf meebrengen aan gedachten over "vrede" en "gerechtigheid" en bij wat de mensen aan gevoelens bezitten ten aanzien van "het kind". En ze hoopt dan toch eerlijk Jezus Christus te kunnen laten zien als de "afbouw", als het "eigenlijke", als de "vervulling" van al dat gedachtenmateriaal.
En toch ook nog wel als de Overwinnaar van de wereld!
Maar in veel praten over Jezus van Nazareth zit iets dat oneindig triest is. Men krijgt als het ware het gevoel dat de kerk de bocht niet meer kan maken. De "Jezusgedachte"
(niet Hijzelf!) wordt als een haas, die - eenmaal gevangen in de lichtbundel van de moderne gedachtengang - geen eigen bewegingskracht meer heeft. Ze is gebonden in het wereldse patroon!
Dan kerstent de kerk niet meer, al bedoelde zij dat wèl te doen.
Neen, zij raakt verwereldlijkt!
Het kerstfeest maar afschaffen dan? Voor mijn gevoel zou de kerk dan het werkelijke probleem niet aanpakken. Zij zou zich alleen maar terugtrekken van het terrein waar zij haar fouten heeft gemaakt.
En ze zou dat terrein bijna lètterlijk aan de heidenen overgeven! Maar zou dat werkelijk op bekering wijzen? Of op een teleurstelling in het "konkurrerende" zaken-doen? Laten we liever beseffen, dat de kerk niet -"iets beters" maar iets unieks te bieden heeft! Zij mag gedenken en prediken de geboorte van Christus de Heer. Zij moet geheel en al van Hem uit spreken. Van Hem uit en niet "naar Hem toe"! Hij ligt niet in het verlengde van wat we uit onszelf al meebrengen. Alleen van Hèm uit kan de kerk over vrede spreken. Van Hem uit! Er is geen "voorgebakken" algemeen begrip van vrede of van gerechtigheid waar Hij achteraf de kroon op mag zetten!
God is beledigd als we zijn Zoon, onze Verlosser, als "superieur" gaan -beschouwen, want Hij is uniek! En dat betekent dus ook, dat de kerk de wereld alleen kan overwinnen, als zij niet poogt met die wereld te konkurreren!