Catechisatie volgens Jezus

2013-01-26
  • Jaargang 57
  • nummer 2
Jezus’ laatste instructie aan zijn volgelingen was ‘discipelen te maken’. Omdat Hij ze geen syllabus, PowerPointpresentatie of curriculum gaf, worstelen wij nog steeds met de vraag: wat moet een catechisant allemaal weten? We hebben van alles geprobeerd om de juiste informatie over te brengen, van preken tot catechisatie en van kringen tot zondagschool, alles met wisselend succes. De realiteit is dat de methode van Jezus om discipelen te maken veel meer gefocust was op relatie en actie dan op informatie en kennis. De échte vraag is dus: hoe maakte Jezus discipelen?

‘Hij ging de berg op en riep al degenen bij zich op wie hij zijn keuze had laten vallen, en ze kwamen naar hem toe. Hij stelde twaalf van hen aan als apostel; ze moesten hem vergezellen, en hij wilde hen ook uitzenden om het goede nieuws bekend te maken’ (Marcus 3:13-14).
In deze twee verzen wordt de hele strategie van Jezus om discipelen te maken zichtbaar:
1. Hij selecteert een aantal catechisanten,
2. die Hij vraagt om Hem te vergezellen.
3. In die relatie staat Hij centraal, Hij is het voorbeeld,
4. waarna Hij hen uitzendt om het goede nieuws bekend te maken.

1. Jezus selecteert
‘Jezus beperkte 90 procent van zijn bediening tot 12 Joden, omdat het de enige manier was om alle Amerikanen te bereiken’, zei dominee en schrijver Eugene Peterson eens.
Jezus had na een paar goede preken en het doen van wonderen en tekenen een grote groep gelovigen om zich heen verzameld. In plaats van deze geweldige aandacht te koesteren, gaat Hij de berg op om ‘degenen tot zich te roepen op wie Hij zijn keuze had laten vallen’. Jezus koos twaalf specifieke personen, catechisanten zo je wilt, en nodigde hen uit in zijn leven.
Je vraagt je toch direct af: Waarom riskeert Jezus de dynamiek van jaloezie?
Waarom niet gewoon de menigte uitbreiden, zoals de gemiddelde dominee doet? Jezus wist als geen ander dat zijn Koninkrijk gebaseerd moest zijn op de diepe en onverwoestbare overtuigingen van een paar. Niet op het drijfzand van oppervlakkige indrukken in de hoofden van de menigte.
Met andere woorden: Jezus had genoeg visie om klein te denken.
Je zult nooit onderdeel zijn van Jezus’ discipelschapsbeweging als je niet de moed hebt een paar mensen bewust te selecteren.

2. Jezus kiest voor relatie, niet voor een programma
‘Jezus’ aandacht ging niet uit naar programma’s om de massa te bereiken, maar naar mannen die gevolgd zouden worden door de massa’, zei theoloog Robert Coleman.
In plaats van klaslokalen, boeken en huiswerk gebruikte Jezus schapen, lelies en boerderijen om zijn catechisanten te leren. Voor sommigen schokkend, maar een programma maakt geen discipelen. We kunnen mensen niet in een programma stoppen zodat ze aan het eind van de productielijn als discipelen van de band rollen. Discipelen maken kost tijd. Dat is ook de reden dat Jezus zijn catechisanten uitnodigde om ‘Hem te vergezellen’.
Jezus’ model voor discipelschap was rabbijns. De rabbi werd gezien als de levende Thora, de geïncarneerde wet. Het eigenlijke leven van de rabbi werd gezien als het model, het voorbeeld. Dat betekent dus dat een discipel het leven van zijn rabbi kopieert, en niet alleen zijn onderwijs aanhoort. Wanneer hij dat doet, wordt de wet in hem vervuld en zal hij heilig zijn.
Er bestaat een verhaal waarin een zekere Moshe zich als leerling verstopt onder het bed van zijn rabbi. Wanneer hij door de vrouw van de rabbi wordt ontdekt, vraagt de rabbi hem verbijsterd wat hij daar doet. Moshe antwoordt in alle oprechtheid: ‘Maar rabbi, ik wil de Thora kennen, ook hierin.’ Discipelschap heeft alles te maken met imitatie van leven naar leven en niet met informatie van hoofd naar hoofd. Jij bent het beste materiaal!
Om met Paulus’ woorden te spreken: ‘Volg mij na zoals ik Christus navolg’ (1 Korintiërs 11:1)!

3. Jezus staat centraal
Howard Hendricks zei: ‘Veel christenen zijn als slechte foto’s. Overbelicht en onderontwikkeld.’ Wanneer Boeddha op sterven ligt, vragen zijn discipelen hem hoe hij herinnerd wil worden. Boeddha’s antwoord lijkt welhaast christelijk: ‘Het gaat niet om mij, maar om mijn leer, bedenk die.’ Bij Jezus is het precies andersom. In de drie jaar dat Jezus met zijn discipelen optrekt, staat Hij centraal, als persoon. Catechisatie heeft mijns inziens dus alles te maken met een groeiende aanbidding van Hem, gelijkvormig worden aan Hem, meer verwonderd raken over wie Hij is.
Om met Johannes’ woorden te spreken: ‘Hij moet groter worden en ik kleiner.’ Discipelschap gaat ten diepste om de toewijding aan Jezus in alle facetten van het leven.

4. Jezus denkt in generaties
‘Jezus’ plan om discipelen te maken is niet verloochend, het is genegeerd’, stelde de al eerder geciteerde theoloog Robert Coleman.
De beste leiders zijn zij die zichzelf vervangbaar maken. Jezus was zo’n leider. Hij zorgde ervoor dat zijn bediening de bediening van zijn catechisanten werd. Jezus wist dat dit de enige manier was om zijn bediening effectief uit te breiden: door discipelen op te leiden tot de nieuwe leiders van zijn Koninkrijk. Jezus vergrootte dus zijn invloed door Zich te vermenigvuldigen in een volgende generatie, die Hij op hun beurt uitzond om discipelen te maken. Klinkt als een beweging, niet?
Jezus wist dit al vanaf het begin. Bij de roeping van de discipelen wordt het grotere doel direct duidelijk. ‘Ik zal jullie maken tot vissers van mensen.’ Zijn plan was dus niet om hen te maken tot brave kerkgangers die ook nog een taakje hebben (koffie schenken of collecteren). Integendeel, de uitdaging die Jezus zijn leerlingen geeft, is de voortzetting van zijn bediening, die Hij na drie jaar aan hen overdraagt. Over visie gesproken.
Als catecheet zul je dus moeten beslissen waar je wilt dat je bediening telt. In het kortstondige applaus van populaire erkenning of in de reproductie van jouw leven in een paar catechisanten die je bediening zullen voortzetten wanneer jij er niet meer bent. De echte vraag is: voor welke generatie wil jij eigenlijk leven?

Maurits Roose is teamleider van LEF (onderdeel van Navigators) en richt zich op de training en coaching van jongerenwerkers. Hij is getrouwd met Mirjam en vader van drie kinderen.

Gespreksvragen voor verwerking
Iedere kerk heeft zijn eigen dynamiek, cultuur, sterktes en zwaktes.
1. Hoe scoort jouw lokale kerk op het gebied van discipelschap (op een schaal van 0-5)?
Waarom?
2. Wat zou een eerste stap zijn op weg naar een hogere score?
3. Met wie kun je hierover in gesprek gaan, om hier verder richting aan te geven?

Learning Community
In september 2013 start LEF in samenwerking met 3DM een Learning Community voor jongerenwerkers. Doel is de vernieuwing van het Nederlandse jeugdwerk op plekken waar jongeren Jezus leren volgen en opgeleid worden als leiders die op den duur zelf anderen bereiken. Dit is een tweejarig leertraject, waarin we met een dertigtal kerken van verschillende kerkelijke stromingen willen gaan leren hoe we kunnen bouwen aan een cultuur van discipelschap in ons jongerenwerk.
We gaan niet vertellen hoe het moet. Het is geen formule of programma. Ons doel is juist om met elkaar te gaan leren, stapje voor stapje, in een proces als leiders met elkaar.
Interesse of meedoen? Kijk op de website www.heblef.nu voor meer informatie.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief