Bent U tevreden?

1974-02-22
  • Jaargang 18
  • nummer 8
Bent u tevreden met uw inkomen? Nee, draai er maar niet om heen: u bent geregistreerd, u kunt er niet onder uit. Het Nederlands Instituut voor de Publieke Opinie heeft alle antwoorden al binnen en heeft ze gepubliceerd. Weliswaar is NIPO misschien niet bij u persoonlijk geweest - maar men peilt toch de opinie van een klein percentage van ons volk, welk percentage ten naaste bij zo is samengesteld als de geledingen van ons volk zelf. Zo kan men, zelfs bij een mini-enquête, met zeer hoge nauwkeurigheid spreken over de mening van ons volk, de mening van u!

Welnu, 63% van de Nederlandse bevolking heeft uitgesproken, tevreden te zijn met zijn inkomen. Dat is bijna twee van elke. drie mensen. Had u dat gedacht? Het straalt niet van die twee gezichten af, vindt u wel? Laten we hopen dat de 6ntevredenheid, die van elke twee op de drie mensen afstraalt, alleen bezorgdheid om de hongerlijdende mensheid op deze wereld betreft.

Maar er leven ook mensen, die om eigen inkomen ontevreden zijn.
Nipo heeft ze geteld: het zijn precies 26% van de bevolking. Ruim een op de vier mensen die u op straat tegenkomt is rondweg ontevreden over zijn inkomen. Die ene op de vier had meer moeten hebben: meer salaris, meer bijslag, meer emolumenten, meer overwerkgeld, meer vacantiegeld, meer belastingaftrek. Vandaar dat een op elke vier voorbijgangers u zo zwart aankijkt.

En als u van elke honderd man op straat de 63 tevreden mensen en de 26 ontevredenen aftrekt, blijven er 11 mysterieuze mensen over.
Zijn ze tevreden? Zijn ze ontevreden? Niemand weet het. Ze zeiden brutaal tegen Nipo: gaatje nixan.

Maar Nipo heeft nog meer aan het licht gebracht. Nipo heeft cijfers gevraagd; heel zachtjes en achter de hand, zo dat niemand het kon horen of vermoeden.

Eerst bij de lage inkomens, die van beneden de f 1000 per maand. En wát zeiden ze? Niet minder dan 49% gaf te kennen tevreden te zijn.
Asjeblieft - bijna de helft der lage inkomens is tevreden. Dat mag dan ook zo maar in de krant.

Maar hoe hoger het inkomen, hoe hoger het geluk. Want kijk maar.
Bij de groep tussen f 1000 en f 1500 per maand liepen reeds 62 van elke honderd mensen met een tevreden glimlach rond. Bij de inkomens boven f 1500 per maand was het percentage tot 83 gestegen.
U zou zich mogen afvragen, op welk bedrag heel Holland tevreden zou zijn.

En dan de leeftijden, die spelen ook een rol. Personen tussen 25 en 34 jaar, zijn het meest tevreden, zegt Nipo. Daarvan is 75% tevreden.
Dat is drie van elke vier jonge mensen. Geen wonder. De meesten zijn nog niet of nauwelijks getrouwd, zorgen zijn er nog niet, ze zitten nog niet of nauwelijks in de kinderen, betalen hun belasting en houden een smak geld over. - Maar kom in de klasse van 35 tot 44 jaar - en het percentage tevredenen slinkt tot 55%. Verder durfde Nipo niet te gaan. Want als men een man met 35 jaar op zijn maximum zet, is hij een kort aantal jaren best tevreden; tevreden met zichzelf, zijn baan en zijn salaris. Maar is hij "genaderd tot het keerpunt van zijn leven", om met Dante te spreken, dan merkt hij dat hij stil staat en niet veel stappen meer omhoog kan maken op de ladder. En op dat moment gaan de kinderen scheppen geld kosten. Altijd meer dan de belastingaftrek en de kinderbijslag vergoeden. Op dat moment komen ziekten, zorgen. Op dat moment komen wensen tot opbloei: een auto, een boot, een tweede huis, wat meer armslag ...

En deze groeiende ontevredenheid leidt tot twee kansen. Of de man voelt zich onderbetaald, ondergewaardeerd, te kort gedaan. Dat kan aanleiding geven tot maagklachten en erger. - Of de man gaat zich inspannen om meer te verdienen, een hogere post te bereiken, op te vallen en op een hoger niveau te belanden. Dat kan aanleiding geven tot hartklachten en verhoogde bloeddruk. Begrijpt u, waarom Nipo zich niet voor die 45-plussers interesseerde?

Zo - en nu terug naar de vraag: bent u tevreden met uw inkomen?
Dat loonzakje kan immers zo'n belangrijke factor in een gezin betekenen.
Wat gebeurt ermee? Kan de huisvrouw van elk dubbeltje een kwartje maken? Of heeft ze een gat in haar hand? Heeft ze overleg en beleid? Of geeft ze uit zo lang er is?

Tussen rijk worden en failliet gaan liggen maar twee tientjes per maand. Wie een tientje meer uitgeeft dan in het loonzakje steekt, gaat eenmaal failliet. Wie een tientje minder uitgeeft wordt rijk. Bij wijze van spreken.

De ene huisvrouw heeft voor alles een apart potje; tot en met een potje voor onvoorziene tegenslagen. De ander heeft zelfs geen middelen om potjes te kopen; die kan er geen oog op houden. De een zegt: als het niet kan gaan zoals het moet - dan moet het maar gaan zoals het kan. De ander zegt: na ons komt de zondvloed en die het langst leeft krijgt alles.

Het is een gekke, gekke wereld. Op sparen staat boete - op verspillen staat een premie. Wie zich in de schulden steekt kan met goedkope guldens aflossen. Wie ijverig spaart, acht procent rente beurt - die betaalt daarvan 3-5 procent belasting en lijdt zeven procent waardevermindering.

Wat dan? Verspillen maar en zien of de zondvloed komt? Natuurlijk niet. Dat is zottepraat. We moeten ons hoofd koel houden en ons geweten zo blank mogelijk.

Elk geval staat apart. Jonge mensen kunnen vandaag, met een beetje inspanning, beter een huis kópen dan voor een vrijwel gelijk maandbedrag een huis huren. Ze zullen zich tot de oren in de schuld steken, dat is waar. Maar de aflossing gaat steeds gemakkelijker; het onderpand wordt steeds meer waard. Ze doen er niemand mee tekort en ze voeren een goede huishoudpolitiek.

Maar pas op, wanneer het om andere goederen gaat - minder waardevaste.
Om auto's, zeilboten en andere luxueuse speelgoedjes. Die dalen snel in waarde en de pret is er van af, eer de laatste termijn betaald is.

En opnieuw komt de vraag: bent u tevreden met uw inkomen?

Zeg nu niet, dat alle ontevredenheid verkeerd is. Wanneer een gezin van tien opgroeiende kinderen in een kippenhok woont, moeten de ouders maar liever niet tevreden zijn met deze huisvesting. De morele gezondheid van het gezin eist, dat ze naar een betere huisvesting streven.
En als iemand zijn boterham verdient in een baan, waar hij naar gaven en werkkracht ver boven staat, dan moet hij maar niet al te zeer tevreden zijn. Hij kan meer van zijn leven maken - en vermoedelijk ook meer van zijn inkomen.

Maar daar staat tegenover, dat we de grenzen van onze vermogens en mogelijkheden op tijd moeten verkennen. Wanneer de vrouw altijd meer inkomen behoeft dan de man kan opleveren, dan zweept ze hem op tot boven zijn vermogen. En wie het onderste uit de kan wil hebben krijgt het deksel op de neus. Het zou de eerste keer niet zijn.

De Bijbel gebruikt dat woord tevredenheid nog al eens. Paulus vooral was er sterk in. Die schreef aan Timotheus over de godsvrucht, welke hij maar zo aan tevredenheid koppelde. Hij zei: we brengen niets mee in de wereld en we kunnen er niets uit meenemen. Onderhoud en onderdak zijn dus genoeg. Dat klopt met de bede: geef ons elke dag ons dagelijks brood.

Aan de Filippensen schreef Paulus, dat hij geleerd had met de omstandigheden genoegen te nemen. Zoals hij het kreeg was het hem dus wel goed. Hij was een tevreden mens.

Aan Timotheus schreef hij ook zijn bekende waarschuwing tegen de behoefte om rijk te worden: als wij onderhoud en onderdak hebben, moeten we daarmee tevreden zijn. Als we meer wensen komen de risico s.

En aan de Hebreeën is geschreven: weest tevreden met wat gij hebt.

Alles bijeen genomen is het duidelijk, dat wij Christenen moeten opvallen door tevredenheid, En daarom doen we goed, elk voor onszelf het gebed van Agur te herhalen: geef mij geen armoede of rijkdom; voed mij met het brood dat mij toebedeeld wordt. Opdat ik, verzadigd zijnde, U niet verloochene en zegge: wie is de Heere? Noch ook, verarmd zijnde, stele en mij aan de naam van mijn God vergrijpe.

En nu wachten op Nipo: dat die eens een enquête onder Gods volk houdt.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief