Stichting Redt een Kind

1974-03-15
  • Jaargang 18
  • nummer 11
Na een zesweekse reis door India vervult ons een gevoel van grote dankbaarheid. We zijn de HERE dankbaar. we zijn u dankbaar voor alles wat er gedaan kan worden door uw hulp.
Een wandeling door een arme buurt in New Delhi laat de armoede in dat land nog eens schrijnend uitkomen. Een armoede, zo groot, dat wij ons nauwelijks kunnen voorstellen wat het betekent om onder zulke omstandigheden te moeten leven. 's Avonds zagen we de mensen, zonder deken, op straat slapen met nauwelijks kleren aan. Het was erg koud, het vroor in dat gedeelte van India. In de kranten stond vermeld. dat er in een week ca. 300 mensen van de kou waren gestorven.
Veel mensen van het platteland trekken naar de steden in de hoop daar een beter bestaan te vinden, maar de meesten wacht een grote teleurstelling: armoede en werkloosheid. Vijftig procent van India's bevolking of ca. drie honderd miljoen mensen zijn zo arm, dat ze vaak nog niet genoeg geld hebben voor één maaltijd per dag. We spraken met een oude man, die al in drie dagen niet had gegeten. Op sommige scholen krijgen de kinderen melk tussen de middag. Dit wordt bekostigd door ontwikkelingshulp, maar in de vakanties vervalt dit en dan komt er iets voor in de plaats. In plaats van geld gaven we de bedelende kinderen bananen, omdat geld soms moet worden afgegeven. Een banaan kost ongeveer vier centen in Nederlands geld omgerekend. We hadden vaak drommen kinderen om ons heen en ook heel oude mensen, allemaal voor een banaan.
Eens hadden we twee hardgekookte eieren van ons ontbijt overgehouden en in onze tassen meegenomen. De eerste twee bedelaars, die we zagen - het waren oude mannen - gaven we zo'n ei. Maar ze wisten niet wat er mee te doen. Ze beklopten en bekeken de eieren van alle kanten en het bleek dat ze nog nooit een ei hadden gegeten. Wij zijn toen maar bij ze gaan zitten en hebben ze laten zien hoe een ei gepeld moet worden.
En dan als contrast de kinderen in de kindertehuizen. Velen van hen hebben vroeger gebedeld en soms als ze gaan zitten zie je nog de bedelhouding van vroeger.
Niet omdat ze nu nog zouden bedelen of vragen, maar omdat ze lange tijd in deze houding op straat hebben gezeten. Deze kinderen hoor je nu van de HERE zingen en je ziet ze aandachtig luisteren als er uit de Bijbel wordt verteld. Zij weten wat het betekent, dat God de ellendigen en nooddruftigen zoekt en een plaats geeft in het Koninkrijk van Zijn liefde. De oudere kinderen getuigen hier ook van. Dankbaar zijn we, dat God ons juist dit werk te doen gegeven heeft en dat u het ons mogelijk maakt om te helpen.
Het doel van de reis naar India was om de mogelijkheid te bespreken om binnenkort twee nieuwe tehuizen te openen. Hiertoe werd besloten en wij hopen, dat dit binnen niet te lange tijd verwezenlijkt zal worden. Deze twee tehuizen komen onder het bestuur van de Bethel Fellowship en de heer Samuel zal geregeld deze beide nieuwe tehuizen bezoeken en met zijn ervaring de mensen daar ter plaatse helpen.
Er zal op deze manier een goede controle zijn, dat het werk eerlijk en op goed christelijke wijze wordt gedaan. Wij zijn erg blij met deze oplossing. Deze tehuizen liggen in het Noorden van India, één in Noord Bihar en één daar niet ver vandaan in Uttar Pradesh. De prediking van het Evangelie heeft in deze gebieden niet veel vrucht afgeworpen. De mensen zijn erg gesloten voor het Evangelie. Men hoopt door het oprichten van deze kindertehuizen een open deur te krijgen. Gods grote liefde voor het verlorene zal zichtbaar worden door het helpen van deze arme kinderen.
In Noord Bihar denkt men gauw te kunnen beginnen. De gebouwen zijn er en kunnen gehuurd worden, ook het personeel is al gevonden. Er moet alleen nog het een en ander aan de huizen worden opgeknapt en er zijn nog wat legale zaken te regelen. Wij hopen, dat dit niet te veel tijd zal kosten en dat binnen een paar' maanden het huis geopend kan worden. Wij horen nooit van moeilijkheden om de kinderen te vinden!
Tot slot nog een paar woorden over de kleding, die door ons naar India wordt gezonden. Dit is heel nodig! Wij zijn vooral geschrokken van de situatie in het noorden, in het bijzonder in het tehuis van Mevrouw Staudt. Er was beslist onvoldoende wintergoed.
Er zijn daar kortgeleden weer 11 zakken kleding aangekomen, maar omdat wij ons nooit goed gerealiseerd hebben, dat het daar zo koud kan zijn, hebben wij steeds de nadruk gelegd op het geven van zomerkleding. Het is goed dat wij daar nu een heel koude tijd hebben meegemaakt. Wij weten nu, dat er meer winterkleding voor de kinderen nodig is. Wat zou het fijn zijn als we aan ieder kind een wintermantel zouden kunnen geven!
Mevrouw Samuel van de Bethel Felloship in Tuticorin heeft een zondagsschool en er komen bij haar iedere zondag zo'n 80 kinderen uit een arme wijk, die vlak achter het huis ligt. Er waren toen wij haar bezochten net verschillende zakken kleding aangekomen en deze werd de dag voor ons vertrek uitgedeeld. We kregen nu een brief van Mevrouw Samuel waarin o.a. stond: "lk ben zo dankbaar voor al de kleding voor mijn zondagsschoolkinderen.
U was er bij toen we kleding uitdeelden en dit is overal rondverteld, want de volgende dag stonden er wel 300 kinderen voor ons huis. Ik weet niet hoe ik ze kan helpen. Ze stonden daar van 3 uur 's middags tot 1 uur 's nachts. Ik heb ze toen niets gegeven, want ik had niet genoeg.
Maar ik heb ze gevraagd om zondag naar de zondagsschool te komen en ik zal daar de kleding die ik nog heb uitdelen."
We hebben verschillende ouders van deze kinderen bezocht. Ze zijn heel arm en erg dankbaar voor het kleine beetje dat je geeft.
Moge de HERE deze ouders en kinderen open harten geven om de Blijde Boodschap van Gods vergevende liefde te aanvaarden.
Ze luisteren aandachtig als er van de HERE wordt verteld.
Wilt u ons blijven helpen, zodat wij uw hulp weer kunnen doorgeven aan de velen, die in nood zijn en wij hen van het nodige kunnen voorzien, want: "Stel, dat een broeder of zuster gebrek heeft aan kleding en aan dagelijks voedsel, en iemand uwer zegt tot hen: Gaat heen in vrede, houdt u warm en eet goed, ZONDER hen echter van het nodige voor het lichaam te voorzien, wat baat dit?"
Stichting Redt Een Kind Secr.: Burg. van Tienenweg 37, Diemen. Tel. 020-359944. Postgiro 1599333 t.n.v. Stichting Redt Een Kind te Zwolle.
Kledingadres: Hortensiastraat 79, Zwolle.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief