EEN CHRISTELIJK GEBED (1)

1974-05-03
  • Jaargang 18
  • nummer 18
Dit sprak Jezus

Eerst heeft Jezus met zijn vrienden gepraat. Nu praat Jezus met zijn Vader. Bidden is praten met God.
Dat kan op twee manieren: onder het loopje door, en in een speciale gebedshouding.
Ze aten en praatten met elkaar. Opeens zei Jezus: "Simon, Ik heb voor je gebeden." Niemand had het gemerkt. Maar Hij had het wel gedaan.
Jezus bad onder het loopje door. Dat was in de Paaszaal.
Hij knielde neer, wierp zich met het gezicht ter aarde en bad: "Vader, als het mogelijk is, laat deze beker Mij voorbijgaan." Door hun slaap heen merkten de discipelen het. Jezus bad in een speciale gebedshouding.
Dat was in Gethsemane.
Bidden is praten met God. Dat kan op twee manieren: met de pet op, en met de pet af. In Johannes 17 doet Jezus het tweede.

En Hij hief zijn ogen ten hemel

Als je met iemand praat, moet je hem aankijken. Jezus praat met zijn Vader en daarom kijkt Hij naar boven. Want God is boven en de mens is beneden. God staat boven de mens. De mens staat beneden God.
En Jezus is de mens. De tweede mens. Alle mensen tussen Adam en Jezus waren karikaturen van mensen, onmensen. Pas Jezus is weer echt een mens.
De echte mens is profeet: hij spreekt het woord van God. En priester: hij offert zichzelf, bidt tot God, zegent zijn naaste. En koning: hij vecht tegen zijn vijanden, regeert zijn onderdanen. En dat doet Jezus hier.
Hij is profeet en priester en koning.
Het gebed van Jezus is dan ook niet het Hogepriesterlijke gebed. Het is het Christelijke
gebed. Het gebed van de Christus, de Gezalfde. En dus het gebed van de christenen, de gezalfden. Het is het Christelijke gebed.
Zoals Jezus bidt, moeten ook wij leren bidden. Nu het Lam van God over de dam is, volgen de schapen van God ook.

En zeide: Vader

In het ene gezin zeggen de kinderen "vader". In het andere gezin zeggen ze "papa". Het gezin van God is de kerk. En dn de kerk mag je het allebei zeggen: "Vader" en "Abba".
Als kind vind je dat helemaal geen mooie naam. Je kent de fouten van je vader. En je vindt het onverdraaglijk dat God wordt vergeleken met je vader. Dat wordt God dan ook niet. De Schrift vergelijkt je vader met God! Je vader staat niet model voor God. Maar God staat model voor je vader. Daarom is "vader" of "papa" de mooiste naam die je kunt bedenken.
Dat merk je pas goed, als je vader dood is. Dan kun je niet meer "vader" zeggen. Dat is een heel diep verdriet. En dat verdriet wordt ieder jaar dieper.
Dat is het diepste verdriet van de mensen die God hebben dood verklaard.
Zij kunnen niet meer "Abba, Vader" zeggen. Daarom zijn de mensen zo moe. En dit is het geheim van Jezus' veerkracht: Hij kan het wel en Hij doet het ook. Hij zegt: "Vader".
Het is een van de mooiste ogenblikken van je leven, als je kind voor het eerst "papa, vader" zegt. Tien, honderd keer heb je het hem voorgezegd en opeens zegt hij het je na. Je vaderschap heeft echo gevonden in je kind.
Zo vindt Gods Vaderschap echo in zijn Kind Jezus. Duizenden jaren heeft God het de mensen voorgezegd en nu zegt de mens het Hem na.
Eerlijk en puur zegt Hij het: "Vader". Daarom is er blijdschap in de hemel, bij God.
En daarom is er blijdschap op de aarde, bij Jezus. De zwijgende planeet zwijgt niet meer. De aarde spreekt. Jezus praat met zijn Vader.
De mens praat met God. En dus is hij nooit meer alleen.

De ure is gekomen

Er is verschil tussen het uur dat komt en het uur dat gekomen is. Het uur van geboorte en operatie bijvoorbeeld. Of het uur van vertrek en dood. Over het uur dat komt, kun je praten. Door het uur dat gekomen is, moet je heen.
Over zijn uur dat komt, heeft Jezus gesproken. Tot zijn moeder en broers, tot de scharen en de hoge raad. "Mijn ure is nog niet gekomen."
Door zijn uur dat gekomen is, moet Jezus heen. Nu is het zo ver. Het uur is niet meer nabij, het is er zelfs niet bijna, het is er. Het uur van lijden en sterven, van opstaan en naar de Vader gaan. Door dat uur moet Jezus heen. Eenzaam, maar niet alleen. Hij praat er met zijn Vader over. "Vader, de ure is gekomen." En Hij blijft er met zijn Vader over praten - totdat het uur voorbij is.

Verheerlijk uw Zoon

Praten met God betekent ook: vragen aan Vader. Bidden is ook vragen om iets dat je niet hebt - niet meer, of nog niet. Jezus vraagt om de heerlijkheid die Hij nog niet heeft.
o nee, die heerlijkheid heeft Hij nu niet. Integendeel: nu gaat Hij naar Gethsemane, Gabbatha, Golgotha. Nu wordt Hij verraden, gevangen, voorgeleid, verloochend, bespot, veroordeeld, gekruisigd, begraven.
Nu is er nu iets van die heerlijkheid te zien. Aan Jezus is kraak noch smaak noch heerlijkheid.
En daarom vraagt Hij erom: "Verheerlijk uw Zoon." Verheerlijken dat is hier in de meest letterlijke betekenis van het woord: ophemelen, ten hemel laten gaan vol eer, vol heerlijkheid.
Verheerlijk uw Zoon: sleep Hem heen door het lijden, trek Hem op uit de dood, maak Rem tot Heer van de wereld. Geef na Goede Vrijdag Pasen, Hemelvaart en Pinksteren. Vader, geef Mij mijn eer!

Opdat uw Zoon U verheerlijke

Jezus vraagt om zijn eer. Dat is geen eigenbelang van Jezus. Integendeel: het is in het belang van God zelf.
Dàn komt immers het feest van de Geest. Dàn gaat op aarde de wind uit een andere hoek waaien. De hemelse hoek. Dàn gaan de mensen anders denken, anders praten, anders doen.
Na de tweede mens komt de derde, de vierde en de miljoenste. Na Jezus komt Johannes, Petrus, u, ik. De redding van de mens (Luther) betekent de eer van God (Calvijn). Dit is de eer van God, dat de mensen Jesaja 12 gaan zingen - op de wijs van Psalm 150:

'k Loof U, HERE, omdat Gij
toornig zijt geweest op mij,
maar uw toorn hebt afgewend
en Gij mij vertroosting zendt.
Zie, God is mijn heil, mijn sterkte,
ik vertrouw, ook vrees ik niet,
want de HERE is mijn lied,
Hij die al mijn heil bewerkte.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief