Vergelding maar aan de HERE overlaten.

1974-05-10
  • Jaargang 18
  • nummer 19
David onderging van de kant van Saul veel verdrukking en vervolging.
Geen wonder dat hij meermalen in verzoeking kwam om zijn rechtszaak in eigen hand te nemen.
Telkens werd hij daarvoor bewaard.
Eens sprak hij tot Saul: 'De HERE moge rechtspreken tussen mij en tussen u en de HERE moge mij aan u wreken. Mijn hand zal niet tegen u zijn' (1 Sam. 24: 13).
Maar toen de rijkaard Nabal hem eens grof beledigde en zijn goedheid met botte ondankbaarheid beloonde, wilde hij zich persoonlijk met eigen hand wreken.
De wijze en godvruchtige vrouw van Nabal heeft hem toen nederig maar nadrukkelijk terechtgewezen. Ze kwam tot David en zei: 'Mijnheer, twist toch uw eigen twistzaak niet.
De HERE Zelf zal u recht doen.
Weet dat als mensen kwaad zoeken en u naar het leven staan, Hij voor u strijden zal'. Ze voegde er nog deze belofte aan toe: 'Dan zal de ziel van mijnheer gebonden zijn in de bundel van de levenden bij de HERE uw God'. Met andere woorden: Hij zal u zorgvuldig bewaren als een kostbaar bezit.
David heeft naar de raad van deze kloeke vrouw geluisterd. En hij heeft ondervonden dat de HERE hem recht deed.
Tien dagen daarna stierf Nabal. De HERE had de booswicht geslagen.
En David dankte: 'Geprezen zij de HERE, die het rechtsgeding voor de schande mij door Nabal aangedaan gevoerd heeft en Die zijn knecht van het kwade afgehouden heeft. De HERE heeft het kwaad van Nabal op diens hoofd doen neerkomen'.
leder die in deze tijd op zijn plaats en op zijn wijze de strijd voor recht en gerechtigheid heeft te voeren moge deze bijbelse onderwijzing ter harte nemen. .
Paulus gaf er uitdrukking aan toen hij in zijn brief aan de Christenen in Rome schreef: 'Wreekt uzelf niet, geliefden, maar laat plaats voor de toorn, want er staat' geschreven: Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, spreekt de HERE'.


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief