"Ik wil God in het Gelaat zien"
1973-11-09
7. De ondergang van de hippies in Haight Ashbury is een leerzaam verhaal. Niet om haastig te zeggen: zie je wel, dat komt er nou van. Maar we zouden kunnen denken aan een variant op een bekend spreekwoord. Iemand vertelde mij dat hij die variant ergens gelezen had: "Al is de hippie nog zo snel, de bourgeois achterhaalt hem wel". Het is de normloze bourgeois-mentaliteit geweest, die er enerzijds een aardig vakantie-avontuur in zag en die anderzijds begreep dat hier geld te verdienen viel. Laten we er onmiddellijk aan toevoegen dat het verhaal over de "wederopstanding"- Jaargang 17
- nummer 41
in het boek van Michel Lancelot een aangrijpend gaaf verhaal geworden is. Maar je blijft wel zitten met de vraag of die gaafheid opgewassen is tegen de verdorvenheid. Is de vrucht die aan deze boom nog zal kunnen groeien waarlijk tot genezing?
De Here Jezus heeft tegen zijn discipelen gezegd: je moet het kruis opnemen als je mijn boodschap geloofwaardig wilt maken in deze wereld. We kunnen de kracht van het evangelie niet anders vertonen dan door te aanvaarden dat we er voor lijden moeten in diezelfde liefde waarmee Christus voor ons geleden heeft. We kunnen niet uit deze wereld weggaan zei Paulus en dat zei Jezus ook al: Ik bid niet dat U ze uit deze wereld wegneemt.
Kunnen we in deze wereld, in de situatie van nu de liefde van God in Jezus Christus anders vertonen, dan door de bereidheid om "het kruis op te nemen"? Ik denk dat theologische verhalen, dogmatische concepties of filosofische beschouwingen geen kracht (meer) hebben.
Aan de andere kant: een soort van "christelijk hippiedom", dat aantrekkelijk is, dat een zeker enthousiasme kweekt, dat bewerkt dat je een "massa" achter je aan krijgt, zal ons ook altijd verleiden om het "kruis", dat opgenomen moet worden, te vergeten.
Ook dan is de liefde die God van ons vraagt, de liefde waarin de kracht van het evangelie zichtbaar moet worden, er uit weggenomen.
Ik weet niet hoe dat moet. Ik denk dat het afhankelijk is van de vraag hoe, waar en wanneer God ons daarvoor gebruiken wil, als Hij zich een weg naar de mensen wil banen. Maar ik denk dat wij dáár grote aandacht aan moeten schenken.
8. Terugkomend op de "morele overwegingen", zou ik nog willen opmerken dat je niet kunt zeggen dat de bijbel helemaal geen plaats geeft aan die bijzondere "belevenis", waarbij een mens buiten de "normale" functies van zijn zintuigen om, contact met God heeft.
Maar het is in de bijbel nergens de mens die het oproept, die het initiatief neemt.
Ik heb me afgevraagd in hoeverre het tweede gebod hiermee te maken heeft. We zijn nogal haastig geneigd om dat te beperken tot het verbod om ons eigen bedachte voorstellingen omtrent God te maken. In onze tijd, waarin we bepaald niet meer worstelen met de neiging om daarvoor "gesneden beelden" te maken, zeggen we dan: geen eigen denkbeelden. Ik bestrijd dat niet, maar ik vraag me toch af of God niet voorál bedoeld heeft, dat de Israëlieten niet God - Jahweh - mochten "vereren" langs de methode van de heidense cultus. Die cultus hield veel méér in, dan dat ze afbeeldingen van hun goden hadden.
Was niet ook die cultus er speciaal op gericht een "ervaring" van religieuze "bevrediging" op te roepen, met alle middelen die daartoe dienen konden? Ik vraag me af of niet het zwaartepunt van dit gebod dáár ligt, dat God zegt: ik wil absoluut niet, dat jullie die weg op gaan.
Omdat het een weg van "zelfbevrediging"
is. Het is merkwaardig genoeg, dat er een dreigement aan verbonden is, dat helemaal ontleend is aan de huwelijks-relatie.
Als ik het met eigen woorden mag weergeven, dan staat daar: als je dat doet, dan wreek ik me met de woede van een jaloers man (echtgenoot). Het gaat hier dan niet om "overspel" (andere goden), maar om de "bevrediging", die gezocht wordt buiten de weg, die God zich voorgenomen had, een bevrediging, die omgaat buiten God's tegenwoordigheid.
We moeten - dacht ik - ook toegeven (en er ons rekenschap van geven) dat de weg die God zich voorgenomen had aan de mensen een grote mate van zelfbeheersing en zelfbeperking oplegde.
De cultus die Mozes aan zijn volk Israël voorschreef, was doordrongen van de waarschuwing niet te dichtbij te komen en vooral niet te véél te willen. Wie dichtbij mocht komen was daartoe "geheiligd".
Het is uit alles duidelijk dat we er diep van doordrongen moeten worden, dat er een barrière is, die weggenomen moet worden. De zelfbeheersing die God oplegt moet er toe bijdragen dat men leert uitzien naar een toekomst, die er nog niet is, leert wachten op wat nog komen moet.
Je kunt nu natuurlijk nog proberen om na te gaan wat er veranderd is, nu het werk van Jezus Christus volbracht is en de Heilige Geest verschenen is, maar ik geloof dat er al genoeg gezegd is om je er van bewust te zijn, dat - afgedacht van alles wat mogelijk is bij God - ook nu nog geldt, dat wij hier geen initiatief mogen nemen. Dát blijft aan God voorbehouden, waar en wanneer Rij wil. We leven nog altijd in een overgangsfase, die wel de laatste fase van de geschiedenis is, maar die toch altijd nog een fase is van onze zwakheid.
Tegen hippies zou ik willen zeggen, dat dat niet betekent dat we teruggeworpen worden in de uitzichtloosheid en de zinloosheid.
Het betekent evenmin dat we geroepen worden tot een conformisme, dat geen enkele boodschap en geen enkel protest in zich draagt. Levend in dè verwachting van wat zéker Immen gaat, zullen we moeten tonen, dat we in ons behoren bij Jezus Christus een vrijheid hebben ontvangen die niet manipuleerbaar is.
Het lijkt me ontzaglijk moeilijk om te zeggen hoe dat moet. Het is al moeilijk genoeg om het voor jezelf te weten - en hoe vaak weten we het niet eens goed voor onszelf! - Maar ieder die overeind staat in deze verwachting wordt geholpen! Dáárvoor heeft God ons Zijn Geest gegeven.
We hoeven niet te vluchten om blij te kunnen zijn. We moeten bereid zijn om er door heen te gaan. Omdat God van het begin af aan gezegd heeft, dat we er door heen moeten en dat Hij met ons mee gaat!
9. En als je nu eens van al die zwaarwichtige redeneringen afwilt?
Als je nu eens zegt: natuurlijk, "God in het gelaat zien", dat is onzin, maar ook als je dat onzin vindt, dan "werkt" het toch?
Zo'n ervaring met een dosis LSD b.v., dat kan toch wel iets geweldigs zijn, ook als je God er buiten houdt? Als de natuur ons zulke mogelijkheden biedt, is het dan verboden om het "genot" daarvan te ondergaan? Het ligt toch aan jezelf of je daar een "religie" van wilt maken of niet?
Misschien moeten we die vraag wel met een wedervraag beantwoorden.
Een vraag als deze b.v.: Is niet de ellende, de zinloosheid en de uitzichtloosheid van onze huidige samenleving daardoor veroorzaakt, dat de mensen steeds weer de mogelijkheden in eigen hand en in eigen beheer genomen hebben? Dat we zelf het doel en de zin van ons leven hebben bepaald en de gegeven mogelijkheden op een zelfbepaald doel hebben gericht? Zou het niet zó kunnen zijn, dat elke mogelijkheid, die ons gegeven is door "de natuur", een vloek dreigt te worden als we zelf bepalen willen hoe en waartoe we die mogelijkheid gebruiken willen?
van de geheimen van het leven?
Hoeveel weten we eigenlijk af Wat weten we af van die diepten van ons mens-zijn, die met onze persoonlijkheid te maken hebben?
Is God een God, die ons alleen voor onze "religie" de weg wijst, of wijst Hij ons de weg voor het leven?
Ik denk dat de beschrijving die Aldous Huxley gegeven heeft van zijn ervaring wel correct zal zijn en het is verbazingwekkend dat zo iets mogelijk is, maar weten we wat we doen?
Ik acht het niet volkomen ondenkbaar, dat voor de oorspronkelijke, gave mens zulke mogelijkheden open stonden, mits hij zich ook daarin liet leiden door inzicht in de bedoeling er van.
Maar kan de geschonden mensen dan zonder dat inzicht - zich daaraan overgeven zonder daarmee de weg van zelfvernietiging op te gaan? Vernietiging van zijn menselijkheid?
Is het op deze niet-religieuze manier niet een vorm van "zelfbevrediging", die catastrofaal is?
De voorbeelden die Michel Lancelot geeft van gevallen waarin het fout ging geven toch wel reden om na te denken!
Als ik het geheel van wat Michel Lancélot ons verteld heeft overzie, dan vrees ik dat hier een verleiding op ons afkomt, die heel veel verwantschap toont met die allereerste verleiding, waar de bijbel ons van vertelt: "Ten dage dat ge van de vrucht van deze boom eet, zullen uw ogen geopend worden en gij zult als God zijn ... "