"KANKERPAVILJOEN" van Alexander Solzjenitsyn (II)

1973-11-16
  • Jaargang 17
  • nummer 42
Het lijden In Solzjenitsyn's roman komen twee figuren voor die uitzonderlijk zwaar lijden te verduren hebben gehad en de zin hiervan trachten te peilen.
Shulubin, geschoold in het marxisme, werkte als landbouwkundig lector in Moskou, maar werd tijdens de zuiveringsprocessen gedwongen zijn 'dwalingen' te erkennen en af te zweren, hetgeen hij deed. Nadat hij ook als bioloog werd gedwongen zijn colleges te staken werd hii assistent.
Opnieuw moest hij zijn leerstof herzien en tenslotte moest hij zelfs zijn assistentschap opgeven.
In een afgelegen gebied werd hij bibliothecaris en wist dat ondanks alles in stilte toch een gezin te stichten.
Shulubin's situatie is tragisch omdat hijzelf dit lijden geduldig heeft gedragen, niet terugvocht als een opstandige, maar het onderging in de hoop op een rechtvaardiger maatschappij. Maar het feit dat niemand tegen Stalin heeft getuigd maakt hem wanhopig.
Hij ziet dat een geheel volk zijn maatschappelijk fut verliest en ondergaat in lafheid (II. 144).
De ideologische fraseologie van het 'geluk' blijkt een hersenschim te zijn. De partij heeft Shulubin's kinderen van hem vervreemd zodat zij 'spuwen op zijn ziel'. Het materialisme is hem een gruwel geworden omdat het een zinloze en afschuwelijke maatschappij in het leven roept. Het 'geluk van toekomstige generaties' is een nog veel grotere hersenschim, omdat wij niet vooruit kunnen bepalen welke idealen men in de toekomst zal koesteren. (II. 148) Hoewel Shulubin zich niet ontrouw betoont jegens het socialisme - de geschiedenis heeft het kapitalisme voor eens en altijd verworpen - (II. 145) moet hij logischerwijs tot de conclusie komen dat het lijden zinloos is, omdat er geen betere maatschappij is ontstaan.
Shulubin stelt dan dat de kern van het socialisme op de ethiek gebaseerd moet zijn en dat alle relaties, fundamentele principes en wetten regelrecht hieruit voortvloeien. (II. 147) Het hoogste doel van dit 'ethisch socialisme' is het onderlinge begrip wat de mensen bijgebracht moet worden.
Het hoogste doel is de affectieve genegenheid die slechts de mens voor zijn medemens kan gevoelen: Hieruit blijkt dus dat Solzjenitsyn het principe van de 'liefde' niet alleen als de oplossing ziet voor de persoonlijke levensproblematiek van leven en dood maar ook als een principe ziet dat maatschappelijke misstanden kan saneren.

Ook de verpleeghulp Elizaveta Anatolyevna draagt haar leed geduldig.
Zij scheldt nooit, maar helpt overal waar anderen het reeds zouden hebben laten afweten.
Haar dochter is in ballingschap overleden, haar echtgenoot gearresteerd, zodat zij alleen, in voortdurende onzekerheid haar zoontje moet opvoeden. Vergeleken bij wat wij meemaken zijn boekentragedies lachwekkend' zegt zij tegen Kostoglotov, maar als het huis waarin je woont en waar je bent geboren in vredestijd wordt overvallen door een bende in overjassen en met uniformpetten op, en het hele gezin krijgt bevel binnen 24 uur te maken dat ze weg zijn. met niet méér dan wat hun zwakke handen kunnen dragen, wat dan?' (II. 179) Elizaveta verzwijgt doorgaans haar leed, maar zij reageert het blijkbaar af door veel in boeken te lezen (boeken die het leven dicht benaderen en haar niet door oppervlakkigheid of onwaarachtigheid ergeren).
Kostoglotov vraagt zich af hoe het mogelijk is dat de mens van nature zo zachtmoedig kan zijn en alles slikt zonder in opstand te komen. Het levensverhaal van Elizaveta heeft zijn eigen leed gerelativeerd en hij schaamt zich nu dat hij dit buiten alle proporties heeft opgeblazen. (II. 181)

De uitweg naar boven, naar een persoonlijk God die de gang der geschiedenis en het lot der mensen bestuurt, is geen mogelijkheid waar Solzjenitsyn mee rekent.
Aan de massa van het volk is immers geleerd dat godsdienst opium is, een door en door reactionair dogma waar alleen zwendelaars beter van werden.
De godsdienst heeft de uitbuiting in stand gehouden. (I. 129) Dyoma die de zin van zijn leven in boekenwijsheid tracht te vinden en daarin naar de waarheid zoekt (II. 98) vindt het noodlot schreeuwend onrechtvaardig.
Sommigen leiden een gemakkelijk leven terwijl anderen een rotzooi van hun leven maken en dit is de reden dat hij er niet toe kan komen zijn leven in de hand van God te leggen, God laadt alles immers op één mens en verdeelt de lasten van het leven niet rechtvaardig. (I. 128) Maar Dyoma heeft geen alternatief en zijn protesten vinden geen gehoor.
Anders dan in de uiterlijke omstandigheden te berusten schijnt Solzjenitsyn ons toch de weg te wijzen naar de reeds genoemde persoonlijke ethiek, zonder dat hij daar evenwel een basis voor heeft kunnen aangeven.
Een objectieve norm is hem volkomen vreemd. Het liefdegebod is uit de algemene christelijke context losgemaakt. Wat daarvan over is zijn de spaarzame en zeker niet langer algemeen geldige liturgische gebruiken en de christelijke feestdagen waarvan de inhoud volkomen verloren is gegaan. (I. 129)

De gerechtigheid

De grote tegenspeler van de levenslang naar Ush-Terek verbannene Kostoglotov is de partijfunctionaris Rusanov, met zijn modelgezin van 5 kinderen en energieke vrouw. Rusanov heeft zich door listige manroulatie en verraad omhooggewerkt langs de maatschappelijke ladder. Wanneer hij in het kankerpaviljoen terecht komt is zijn grootste zorg geen privé-toilet ter beschikking te hebben en het feit dat hij in een gewone volkskliniek terecht is gekomen ondermijnt zijn status als ambtenaar. Wanneer het woord 'rehabilitatie' valt slaat de schrik om zijn hart bij de gedachte aan wraak van de kant van diegenen die hij onrecht heeft berokkend in zijn ijver de maatschappij te zuiveren van alle leugenaars, lasteraars, overhaaste zelfcritici en superwijze intellectuelen.
Daar hoort de 'rasechte klassevijand' Kostoglotov natuurlijk ook bij.
Rusanov's verregaand egoïsme wordt ontmanteld als Kostoglotov hem verwijt -een vaderlandsliefde te bezitten, maar slechts te verlangen naar zijn speciale pensioen. (II. 114) Kostoglotov verwijt hem verder racistisch denken volgens burgerlijke maatstaven. Niet iedereen is in de tijd van zuiveringsprocessen misdadig: voor een volk geldt namelijk de wet om te overleven.
Fout zijn de aanklagers en zij die zich opwerpen als getuigen. (II. 140) Het lijden wordt door iemand als Rusanov rechtstreeks veroorzaakt en niet door het systeem als zodanig, maar door geniepige en slinkse manipulatie en zogenaamde gebruikmaking van de wet.
Het zijn de kankergezwellen als Rusanov die de maatschappij verpesten, zoals Heinrich Böll Solzjenitsyn nazegt in zijn voorwoord.
Op één plaats wordt de relatie ziekenhuis-maatschappij duidelijk uitgesproken en is deze analogie dus verdedigbaar.
Er ontwikkelt zich tussen Kostoglotoven Rusanov een fundamentele woordenstrijd. Kostoglotov probeert de ideologische fraseologie door te prikken als Rusanov menselijke hebzucht en jaloezie uit 'burgerlijk maatschappelijke oorzaken' tracht te verklaren, als Kostoglotov wordt beschuldigd van 'ideologische sabotage' wanneer hij het met de rassenwaan van Rusanov niet eens is, als 'differentiëring van de loonstructuur' in feite betekent dat de inkomensongelijkheid in stand wordt gehouden. (II. 115) In feite heeft Rusanov reeds lang geaccepteerd dat een directeur meer verdient dan een dienstmeisje, maar deze slaafse naprater van de wet ziet over het hoofd dat hij fundamenteel ingaat tegen de strekking van de zogenaamde Aprilthesen die luidt dat geen enkel ambtenaar een hoger salaris behoort te ontvangen dan het gemiddelde loon van een goed arbeider.
Het fundamentele probleem waarmee Kostoglotov blijft worstelen is de vraag wanneer de bourgeoismentaliteit begint. (II. 117) Daaruit komt z.i. alle ellende voort.
Dat dit probleem op materialistisch vlak niet is op te lossen kwam reeds ter sprake in het door Shulubin voorgestelde 'ethisch socialisme'.

De tragische kloof tussen partijideologie en gerechtigheid wordt openbaar in de kinderen van Rusanov, de inspecteur Yuri en de aankomende schrijfster Aviette.
Yuri heeft een officieel bezwaarschrift ingediend om de tenuitvoerlegging van het vonnis van 5 jaar gevangenisstraf op te schorten in het geval van een vrachtwagenchauffeur die tijdens een sneeuwstorm, tien graden onder nul, zijn cabine verliet en naderhand bemerkte dat hij een kist macaroni kwijt was geraakt. Rusanov vindt zijn zoon hierin slap en weekhartig, de chauffeur had op zijn post moeten blijven, ook al zou hij eventueel doodgevroren zijn.
Yuri vertelt ook van de diefstal van leges-zegels door twee meisjes.
Hij heeft de zaak discreet behandeld en de meisjes komen er met een uitbrander af, maar hij verliest hun sympathie omdat de diefstal bittere levensnoodzaak bleek te zijn en de meisjes nu een andere baan moeten gaan zoeken, met meer loon.
Wanneer Yuri de meisjes echter niet zou hebben gestraft, zou zijn eigen beroep hem zinloos voorgekomen zijn. (II. 104-110) De strijd tussen vader en zoon, tussen twee generaties, ieder met een eigen opvatting over loyaliteit en gerechtigheid is messcherp getekend. Het is duidelijk dat Solzjenitsyn kiest voor de zijde van Yuri. Daarom is het zo ironisch dat Rusanov's dochter Aviette hem betuttelt zich helemaal nergens zorgen over te maken omdat alles terecht zal komen.
Zij komt hem opbeuren met boeken als 'Onze dageraad is al gekomen', 'Zwoegers voor de vrede', 'De jeugd is met ons' en zelfs al voelt Rusanov zich trots op zijn flinke dochter, toch heeft ook hij behoefte aan een gevoelig geschreven boek, dat tot het hart spreekt.
Aviette gaat een discussie aan met Dyorna over de noodzaak van oprechtheid in de literatuur. Haar antwoord is veelzeggend: Oprechtheid kan niet de voornaamste maatstaf zijn voor het beoordelen van een boek. Depressies verhogen de schadelijke werking van een boek. Dat soort eerlijkheid is schadelijk.
Subjectieve eerlijkheid kan onder omstandigheden lijnrecht tegenover waarheidsgetrouwe weergave van het leven staan. (I. 286) In feite moet literatuur de toekomst beschrijven, zoals die behoort te worden. Want - aldus Aviette - wat wij vandaag met het blote oog zien is niet noodzakelijkerwijs de waarheid. (I. 288)

Conclusie

In Solzjenitsyn's boek is een man aan het woord die door het leven is gegroefd maar barmhartig is gebleven in zijn oordeel, begrip heeft voor het leed van anderen.
Hij heeft de nodige reserves ten aanzien van de socialistische beginselen maar wijst het socialisme als zodanig niet van de hand.
Hij probeert het van binnenuit, op basis van de intermenselijke verhoudingen te vernieuwen.
Hij laat zich niet misleiden door ideologische leuzen die een heerlijke toekomst beloven, maar tracht met het heden klaar te komen.
In zijn houdin« als mens kunnen wij hem eren, hem bewonderen om zijn moed, eerlijkheid en waakzaamheid. Ik geloof dat wij dit eerst moeten zeggen voordat wij - als christenen beginnen zijn oplossingen te kritiseren.
Natuurlijk is er veel kritiek op het werk van Solzjenitsyn te leveren, vooral op datgene wat onbesproken blijft, zijn niet tot het einde toe doordenken van de geboden alternatieven.
Maar wat wij in de eerste plaats te leren hebben is het ook in onze kringen onderkennen van een bourgeois-mentaliteit zoals die van Rusanov, en daartegen strijden.
Want een christelijk vanzelfsprekendheidsgeloof is het ergste geloof wat er is.
Verder meen ik, dat men "Kankerpaviljoen" niet mag annexeren bij het christelijk territorium, omdát Solzjenitsyn een gelovig Christen is. Dat zou namelijk impliceren dat een Christen mag schrijven wat hij wil. Wij moeten op onze hoede zijn onder welke vlag een bepaalde lading gedekt gaat - speciaal in een tijd als de onze waarin men zo krampachtig naar geestverwanten zoekt.
Tenslotte wil ik pleiten voor openheid ten aanzien van een christelijk belijden binnen communistische landen, dat zich niet aansluit bij de zgn. "Ondergrondse Kerk" van Richard Wurmbrand, maar toch principieel afwijzend staat tegenover het communistische regime. Een belijden achter, dat niet fel van leer trekt tegen de heersende macht, maar geduldig, liefdevol en vergevingsgezind verdrukkingen doorstaat en grote offers brengt en ons dáárin nu juist een voorbeeld zou moeten zijn!
Een voorbeeld ook in die zin dat wij niet al te vlug met ons oordeel over christenen in communistische landen moeten klaarstaan, omdat de Kerk het lichaam van Christus dat alleen door God uit genade door alle perioden der geschiedenis heen, in stand wordt gehouden een veel wezenlijker inhoud heeft dan waar de polariserende discussie tussen Wereldraad en genoemde Wurmbrand-aanhangers zelfs maar aan toekomt.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief