Kritiek op de synoden

1973-11-30
  • Jaargang 17
  • nummer 44
Een wezenlijk kenmerk van de gereformeerde opvatting omtrent de kerkregering is dat de synoden en haar arbeid vallen onder de kritiek van de kerken en haar leden.
Hoe zou dat ook anders kunnen?
De kerken zijn de lastgevers en de synoden zijn niet meer dan de lasthebbers!
In de tijd toen er nog van een voluit gereformeerde kerkregering sprake was werd dit recht op kritiek ook ten volle erkend.
Zo schreef dr Kuyper in 1893: "Voor ons goed en onvervreemdbaar recht om ook over de synode de kritiek van het vrije woord te laten gaan, pleiten we, wijl dit volmaakt overbodig is, met geen woord."
En een poosje later volgde deze exclamatie: "Men kan zeggen, dat onze kerken, ook over haar meerdere vergaderingen, kritiek eisen, en juist doordien ze kritiek niet slechts toelaten, maar eisen, zo onverwinlijk staan ...
Dat zulk een kritiek soms kant noch wal zal raken, spreekt vanzelf; dat zulk een kritiek soms hinderlijk kan zijn, ligt in de aard der zaak, maar dat hindert de kerken Gods niet ...
Veel liever dan de gezonde uitwerking, die scherpe kritiek vaak hebben kan, te derven, dragen ze dit onaangename, in ootmoedigheid bereid en geneigd om naar wat juist is te luisteren, en wat onjuist is zonder toorn te laten liggen ...
Gaat een Synode zo te werk, draagt ze een hoog karakter en zijn haar besluiten 2)0 rijk en principiëel, dat de leden der kerk gevoelen, hoe metterdaad de Heilige Geest voorzat en de vergadering leidde, dan zal de innerlijke binding aan deze autoriteit een zeer sterke zijn ...
Bevindt men dat de Heilige Geest in de conciëntie in meerdere of mindere mate tegen zulk een vergadering reageert, dan valt in diezelfde mate uiteraard de band in de consciëntie weg, en wordt veeleer de verplichting geboren.
.. om juist ter sterking van de kerkelijke autoriteit in de toekomst, op wat wond schijnt de vinger te leggen ...
Hierin kan men mistasten ... Maar nooit mag men om het uitspreken van zulk een oordeel iemand hard vallen, of iemands ernst verdenken, of zijn broederliefde betwijfelen."
Het is goed woorden als deze in de herinnering te houden en ernstig te nemen.

"Isolement"

In ons Isolement ligt onze kracht.
Of, wilt ge liever een hollands woord, in onze zelfstandigheid, in onze beginselvastheid, lig] onze kracht.
Dit was steeds het devies onzer vlag.
Zelfstandigheid die, het heterogene afstotend, al wat homogeen is aantrekt; die, zelf onwrikbaar, ter aansluiting bereidvaardig de hand reikt.
Van 1829 tot nu toe was ik steeds, zo ik meen, aan het zinrijk adagium getrouw ...
Neen! niet in de persoon ligt onze kracht, maar in het beginsel.
In de hoogste waarheid dit uit God is, en wier alvermogen zich in de zwakheid van het instrument openbaart. Wanneer ik zwak ben, dan ben ik machtig.
Deze Evangeliewaarheid geeft een punt van aanraking in elke sprank van waarheid, die met een dwaalbegrip gemengd is.

(Uit het testament van Groen van Prinsterer)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief