"Eerherstel” (2)
1973-12-21
Als men over een eventueel "eerherstel" van de hoogleraren Schilder en Greijdanus nadenkt, en men zich realiseert waarom het in de op hen geoefende tucht ging, denkt men als van zelf ook aan de situatie van vandaag.- Jaargang 17
- nummer 47
We beleven het nu dat b.v. prof. Kuitert niet alleen pas gemaakte leeruitspraken naast zich neerlegt maar ook essentiële momenten uit de belijdenis zelf - staat der rechtheid, zonde der eerste voorouders in het paradijs - loochent.
We hebben het beleefd dat dr Wiersinga kardinale momenten uit het Evangelie - de "verzoening door voldoening" - bestrijdt en zelfs nadat de synode zich daartegen had verzet daarmee in een tweede boek onveranderd doorging.
We hebben voorts gehoord hoe prof. Augustijn heel de idee van een haar belijdenis handhavende kerk verwerpt! En dat op een wijze die prof. Herman Ridderbos deed schrijven: "Wat door prof. Augustijn wordt voorgestaan betekent naar mijn oordeel het einde van het gereformeerd karakter van onze kerken. Hier past het woord "begraven", een woord dat prof. Augustijn zelf in dit verband trouwens ook reeds gebruikt heeft toen hij n.a.v. mensen die zich over de binding aan de geref. belijdenis nog druk maken eens schreef: Laat de doden hun doden begraven."
Dit alles laat ook de huidige generale synode feitelijk ongehinderd gaan!
Met het oog op deze feiten, wordt de vraag: wat zal deze synode met de nog steeds gehandhaafde tuchtoefening over de hoogleraren Schilder en Greijdanus, en de Kamper ambtsdragers (van welke laatsten sommigen nog in leven zijn) doen bijzonder klemmend.