Een stukje ontzuiling

1973-03-30
  • Jaargang 17
  • nummer 13
Zaterdag 19 mei wordt een belangrijke dag voor de A.R.P. De partijraad van deze partij zal dan een beslissing nemen over de wijze van samenwerking met de C.H.U. en de K.V.P.
Er is de laatste maanden binnen deze partijen druk gesproken over het probleem of zij tot een eenheid zouden kunnen samenvloeien. Vooral onder de K.V.P.-ers, maar ook in de kringen van de C.H.U. en de A.R.P. vindt men verdedigers van dit standpunt. Anderen bepleiten een samenwerking in de vorm van een federatie, waarin de drie partijen hun zelfstandigheid behouden.
Weer anderen willen dat deze partijen zonder meer zelfstandig blijven. Zij wijzen een fusie en elke vorm van federatie af.
In dit artikeltje wil ik twee nauw met elkaar samenhangende problemen aan de orde stellen: de openheid van een partij en de ontzuiling.

• Een open partij?

Welke vorm van samenwerking (federatie of fusie) de drie christelijke partijen ook aangaan, in alle diskussies over deze zaak werd de vraag gesteld: Wat wordt het karakter van de nieuwe opzet?
Zal men zich bij een nieuwe opzet welbewust willen laten richten door het Evangelie en haar program als een antwoord daarop afstemmen?
Of streeft men naar een zo groot mogelijke openheid, waarin naast het Evangelie ook andere "inspiratiebronnen" worden erkend? In dit geval is vooral het politiek program samenbindend, hetgeen wij bij de P.P.R. vinden.
Er wordt vooral in de kring van de A.R.P. zwaar aan deze zaak getild. Maar ook in de C.H.U. en in de K.V.P. wordt regelmatig de wens gehoord, dat men zich in de nieuwe opzet van de partijen door de bijbel willen laten leiden. Ook in de nota van de kontaktraad van de drie christelijke partijen "Op weg naar een verantwoordelijke maatschappij" lezen wij, dat het Evangelie het enig richtinggevende uitgangspunt moet zijn.
Prof. Steenkamp zei het tijdens een onlangs gehouden studiekonferentie van de A.R.P. zeer duidelijk: in de nieuwe opzet van de christelijke partijen is het woord van Christus beheersend "Gij zult Mijn getuigen zijn."
Dit is een belangrijke uitspraak. In de genoemde nota van de kontaktraad had deze gedachte duidelijker geformuleerd kunnen worden.
Maar wat is de betekenis van een mooie formulering?
De christelijke partijen blijken vandaag juist met het evangelie en het "christelijke" in de politiek de grootste moeite te hebben. Bij verschillende woordvoerders van deze partijen in de Tweede en Eerste Kamer en voor de t.v. blijkt zelden of nooit iets van hun christen-zijn. Men kan deze zaak op papier heel mooi formuleren, maar als er in de praktijk zo weinig van blijkt, dan is dat voor een nieuwe opzet van de partijen niet moedgevend.
Ik ben voorstander van een partij met een duidelijk christelijk karakter, dat in het program en in het beleid van de partij ook duidelijk herkenbaar naar voren komt. Dit neemt echter niet weg, dat het gebruik van het woord "christelijk" wel eens misverstanden oproept, zoals wij direkt zullen zien.
Ook een christelijke partijvorming bergt het gevaar van enkele grote nadelen in zich.

• Een christelijke partij?

Er zijn tegenwoordig nogal wat mensen, die het woord "christelijk" niet meer willen gebruiken voor een politieke partij. Zij willen het woord liever helemaal niet meer gebruiken.
Ook niet voor scholen en organisaties.
Het woord "christelijk" is volgens hen aanmatigend en pretentieus. Zij vinden het onjuist, dat de naam van Christus verbonden wordt aan het onvolmaakte handelen van de mensen, Ook zou volgens hen het woord "christelijk" volmaaktheid van ons handelen suggereren. In het verleden is het doen en laten van de christelijke politieke partijen vaak aangeprezen en verdedigd met: dit is christelijk, bijbels of de wil van God. Dit is te betreuren, omdat het onjuist is. Met het woord "christelijk" wordt alleen een bepaalde richting aangewezen. Wij geven het geloof in God en Jezus Christus er mee aan, evenals de bestemming en de toekomstverwachting van de mens. Het gaat dus om het uitgangspunt, waar we op aangesproken kunnen worden en dat in de eerste plaats zelfkritiek inhoudt. Met andere woorden: "christelijk" geeft niet een pretentie, maar een intentie weer.
Ook een woord als "evangelische politiek” en andere uitdrukkingen ter vervanging van "christelijk" geven alleen maar een richting aan. Zij hebben betrekking op een streven naar ...
Wanneer wij alleen spreken van konfessioneIe partijen en het woord christelijk of evangelisch niet meer in de mond durven nemen, dan ontnemen wij aan het woord "konfessioneel zijn inhoud.
P.v.d.A.-voorzitter André van der Louw heeft eens gesproken over: leven vanuit socialistische inspiratie. Niet dat alles wat hij doet volmaakt socialistisch zou zijn, maar hij streeft er naar. Hij kan er op aangesproken worden.
Waarom zouden de christelijke partijen hun evangelische of christelijke inspiratie niet bij haar naam mogen noemen?

• Ontzuiling?

Voor de tweede wereldoorlog was het voor veel mensen een vanzelfsprekende zaak, dat vrijwel alle verenigingen en organisaties op levensbeschouwelijke grondslag werden opgericht.
Altijd en overal: christelijke (r.k. en geref.) scholen, partijen, omroep-, gymnastiek-, muziek- en wandel verenigingen. Dit verschijnsel noemt men verzuiling. Rooms-Katholieke verenigingen op allerlei terrein vormden in onze samenleving een r.k.-zuil en de protestanten vormden hun (overwegend gereformeerde) zuil.
Er wordt tegenwoordig zeer negatief gesproken over deze verzuiling. Er zijn natuurlijk nadelen, maar ook voordelen te noemen.
Een geweldig voordeel is bijvoorbeeld geweest, dat zeer velen in deze op levensbeschouwelijke basis opgerichte verenigingen hun vorming hebben gekregen. Er werd in A.R.-kiesverenigingen (in die tijd) hard gestudeerd.
Op politiek en maatschappelijk terrein werd uit de "kleine luyden" een kader van bekwame mensen gevormd.
Zonder iets af te doen van deze voordelen, zijn er ook nadelen van de verzuiling te noemen. Eén van de belangrijkste nadelen is het isolement. Sprekers voor vergaderingen werden uit "eigen" kring aangetrokken. De informatie, die men elkaar verstrekte was zeer vaak eenzijdig. Enigszins afwijkende meningen hadden niet zelden iets verdachts.
De afgeslotenheid van een "zuil" ten opzichte van de buitenwereld veroorzaakte vaak verstarring in de meningsvorming en een verenging van gezichtsveld. En de in eigen kring aanvaarde mening werd niet zelden met het etiket "christelijk" of "bijbels" versierd.
Hoewel niet altijd uitgesproken, kwam de mentaliteit naar voren van "Wij weten het!" en "zo is het!"
De verzuiling bracht iets van een ghettomentaliteit met zich mee.

• Isolement?

Het citaat van Groen van Prinsterer "in isolement ligt onze kracht" is vaak gebruikt en nog vaker misbruikt. Groen bedoelde met isolement: beginselvastheid. In de beginselvastheid zag hij de kracht van de christenen liggen. Hij beoogde geen afsluiting van andersdenkenden.
Ook een politieke samenwerking met andersdenkenden heeft Groen nooit afgewezen.
Wanneer ik pleit voor een stukje gezonde ontzuiling, dan bedoel ik een afwijzing van een isolement in de zin van afzondering. Het is niet alleen noodzakelijk om open te staan voor de problemen van de tijd waarin je leeft, maar ook voor de meningen van mensen met een heel andere overtuiging en mening over die problemen.
Een stukje ontzuiling betekent ook waken voor het kwaad van de onuitgesproken, maar vaak goed merkbare pretentie "wij weten het" en "wat wij doen is christelijk".
Het afzien van deze pretentie betekent niet, dat wij ook afzien van onze intentie (bedoeling, streven, konfessie). Daarom is het door mij verdedigde "stukje ontzuiling" niet hetzelfde als dekonfessionalisering. Integendeel.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief