Onberijmd psalmen zingen
2013-06-15
Psalmen heb je in soorten en maten. In een gereformeerde setting denk je waarschijnlijk als eerste aan een berijmde versie met zijn 1 tot 66 coupletten, of aan een moderne uitvoering als Psalmen voor Nu. Maar er is meer. Je hebt liederen waarbij een klein stukje uit een psalm wordt bezongen, zoals Opwekking 145 (Psalm 9:2-3), Opwekking 411 (Psalm 68:20) en Taizé (LB 103e). Het is natuurlijk ook mogelijk om een motief uit een psalm te nemen en dat uit te werken tot een nieuw lied (LB 103c, LvdK 460). Weer heel anders gaat het in de katholieke kloostertraditie. Daar worden de psalmen gezongen in de dagelijkse getijden – alle 150 in één of twee weken! – en dat gebeurt met een onberijmde tekst. De kloosterlingen zijn die wijze van zingen gewend, maar ook in de kerk lijkt me dat goed mogelijk. Dit vraagt om twee of meer zangers die de psalm op ‘sprekende’ wijze zingen. Daarbij worden de psalmregels steeds in tweeën opgedeeld. De ene zanger (of groep zangers) zingt het a-deel op de aangegeven psalmtoon, totdat hij bij de staart van zo’n zin aankomt, gemarkeerd door een streepje. Daar maakt de melodie een buiging. Dan volgt het b-deel op een vergelijkbare manier. De hele gemeente kan de refreinregel (antifoon) meezingen (zie de afbeelding van Psalm 119:33-40). Misschien klinkt het allemaal wat ingewikkeld, maar dat valt in de praktijk mee (luister de MP3 van deze psalm op www.opbouwonline.nl, met de Sweelinckcantorij onder leiding van Christiaan Winter). - Jaargang 57
- nummer 12
Ingetogen
Al in 2004 verscheen een boek met zulke psalmzettingen onder de titel Psalter. De tekst was toen ook al genomen uit de NBV. Nu is er opnieuw een uitgave verschenen, Heel mijn ziel, opnieuw met de NBV-tekst, op muziek gezet door onder andere de cantor van de Oude Kerk in Amsterdam, Christiaan Winter. In de bundel vind je bij elke psalm twee mogelijkheden om het op deze gregoriaanse wijze te zingen. De verdeling van de tekst over de noten ligt gemakkelijker dan in de eerdere bundel Psalter, al vind ik de antifonen in Heel mijn ziel vaak lastig te zingen. Verwant is de aanpak in de Anglicaanse traditie van de ‘chants’. Ook daarin wordt onberijmd en reciterend gezongen, maar wel meerstemmig en met een koor. Door middel van verticale streepjes wordt aangegeven wanneer je met de tekst naar de volgende noot moet (zie de afbeelding van Psalm 12 en luister op www.opbouwonline.nl). Beide vormen brengen een ingetogen sfeer met zich mee, passend bij bijvoorbeeld een avondmaalsviering. Met een goede voorbereiding zou het ook in een NGK moeten lukken. In het Liedboek, dat op 25 mei verscheen, staan ook voorbeelden van deze wijze van zingen (LB 121b, 157c, koorbundel). Ook daar wordt de NBV-tekst gebruikt. Een voordeel van de Liedboek-versies is dat de antifonen eenvoudiger zijn dan in Heel mijn ziel.
Vlaming, Nico en Winter, Christiaan (2012), Heel mijn ziel, nieuwe psalmen voor kerk en koor. Boekencentrum, Zoetermeer. € 29,90.