Bijbeltaal begrijpen we allemaal

In de Bijbel in Gewone Taal worden bijbelse begrippen vaak vervangen door gewone woorden uit ons dagelijks spraakgebruik. Zo wordt niet gesproken van 'genade' maar van 'goedheid' en is het woord 'verbond' vervangen door de termen 'belofte' en 'afspraak'. Wat betekent het minder frequente gebruik van deze begrippen voor ons geloofsleven en voor het overdragen van geloofsinhoud?

Vanuit methodisch oogpunt is het begrijpelijk dat een Bijbel in gewone taal gewone taal hanteert. En dat vraagt om verduidelijking van traditionele bijbelse begrippen. Het woord 'rechtvaardigen' is daar een voorbeeld van. Dat komt in de Bijbel in Gewone Taal (BGT) niet meer voor. De inhoud ervan wordt weergegeven met zoiets als 'God ziet ons als goede mensen'. Maar als bepaalde traditionele bijbelse begrippen verdwijnen, verliezen we daarmee dan belangrijke geloofsinhouden? Wat voor effect kan dat op langere termijn hebben op het overdragen van geloofsinhouden in de kerk en in gezinnen? Die laatste vraag is nu natuurlijk nog moeilijk te beantwoorden, maar het mag duidelijk zijn dat het hier over een wezenlijke zaak gaat.
Een kanttekening die ik hierbij moet plaatsen is dat de BGT in zijn geheel nog maar net verschenen is. Bij het schrijven van dit artikel had ik alleen de beschikking over de voorpublicatie van eind vorig jaar en over de vertaalvoorbeelden die op de website van het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) te vinden zijn. Ik beperk me daarom tot een aantal overwegingen die van belang kunnen zijn bij de bezinning op bovengenoemde vragen.

Redder
Wanneer traditionele bijbelse begrippen in een vertaling anders worden vertaald dan we gewend zijn, ervaren we dat wellicht algauw als een verarming. Het kan vervreemdend werken als begrippen ineens anders worden weergegeven. Toch hoeft er in zo’n geval niet direct sprake te zijn van verarming. Er zijn woorden en begrippen die alleen nog in de kerk gebruikt worden en die een bepaalde lading hebben gekregen die niet meer overeenkomt met de oorspronkelijke betekenis van het woord.
Een voorbeeld daarvan is het woord 'Heiland'. Dat behoort tot de vertrouwde geloofstaal en het zal voor velen een bepaalde gevoelswaarde hebben die voortkomt uit de manier waarop het woord, bijvoorbeeld in liederen, gebruikt wordt. Die lading hoeft het in het Grieks niet per se te hebben. Waar in 2 Petrus 3:2 en 18 in de vertaling van 1951 nog het woord 'Heiland' stond, wordt in de NBV en de BGT het woord 'redder' gebruikt. Hier is mijns inziens geen sprake van verlies van betekenis: het is een goede, treffende vertaling die vanuit de context inhoud krijgt, op zo’n manier dat de lezer dichter bij de bijbelse boodschap komt.
Hoewel het dus even wennen is, kan zo’n nieuw woord heel goed helpen

De kracht van de eenvoud kan tegelijk een valkuil zijn

om de betekenis weer helder maken. Taal ontwikkelt zich. De betekenis van woorden kan in de loop van de tijd veranderd zijn. Bij het vertalen van de Bijbel, zeker als het belangrijkste doel daarvan is om te zoeken naar hedendaagse en begrijpelijke taal, zal daarom vaak gezocht worden naar eigentijdse woorden en naar verduidelijking. Die kunnen zelfs een nieuw licht werpen op een tekst en ervoor zorgen dat we de tekst nog beter begrijpen. Bij vervanging van traditionele bijbelse begrippen door eigentijdse woorden hoeft dus niet per se betekenis verloren te gaan. Wel zal de Bijbel steeds uitgelegd moeten blijven worden om zo de boodschap die in de woorden besloten ligt te ontsluiten.

Expliciet
Toch is er wel meer over te zeggen. De BGT gaat namelijk heel ver, verder dan bijvoorbeeld de Nieuwe Bijbelvertaling uit 2004, in het vervangen van traditionele bijbelse begrippen. Daarbij speelt het begrip verduide- lijking een belangrijke rol. Het NBG spreekt in de toelichting op de BGT over verduidelijking van bijbelse concepten, verduidelijking van situaties en verduidelijking van metaforen. Als het gaat om de vervanging van traditionele bijbelse begrippen hebben we vooral te maken met de verduidelijking van bijbelse concepten. Daarmee wordt bedoeld dat met gebruikmaking van informatie die aan de brontekst zelf is ontleend geprobeerd wordt om te komen tot een duidelijke en begrijpelijke vertaling. Vaker dan in andere vertalingen kiest de BGT voor het expliciteren van informatie: informatie die impliciet in de brontaal (Hebreeuws, Aramees, Grieks) aanwezig is, wordt expliciet gemaakt in de doeltaal (in dit geval

Het is een misverstand om de BGT op te vatten als een bijbel waarin nu eindelijk eens gewoon gezegd wordt wat er staat


Nederlands). Je zou bijna kunnen zeggen: expliciteren is de tekst vertalen door haar uit te leggen. Dit kan de duidelijkheid en begrijpelijkheid ten goede komen. Maar er is ook een gevaar: de scheidslijn tussen expliciteren en interpreteren is soms maar heel dun. Vertalers willen soms te veel uitleggen en laten de tekst te weinig voor zichzelf spreken. De tekst verliest dan aan zeggingskracht. Vertalers lopen de lezer voor de voeten met hun eigen interpretatie van de tekst. De vertalers van de BGT benadrukken steeds dat het bij expliciteren altijd gaat om informatie die al in de tekst zit. Er wordt niets bij bedacht. Maar dat is nog maar de vraag.

Bepalend
Hoe dun die scheidslijn tussen expliciteren en interpreteren is, kan ik duidelijk maken aan de hand van de vertaling van Matteüs 11:28-30. In de NBV wordt die passage als volgt weergegeven: 'Kom naar Mij, jullie die vermoeid en belast zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal Ik jullie rust geven. Neem mijn juk op je en leer van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart. Dan zullen jullie werkelijk rust vinden, want mijn juk is zacht en mijn last is licht.' In de BGT is deze passage zo vertaald: 'Jezus zei tegen de mensen: “Vind je het moeilijk om te doen wat God wil? Is het een te zware eis voor je? Kom dan bij Mij. Ik zal je rust geven. Doe wat Ik je zeg en leer van Mij. Je moet vriendelijk zijn, net als Ik, en jezelf niet het belangrijkste vinden. Dan zul je werkelijk rust vinden. Wat Ik van je vraag is eenvoudig. Wat Ik van je eis, is niet zwaar.”’
De BGT interpreteert het vermoeid en belast zijn blijkbaar als de moeite die mensen kunnen hebben met het doen van Gods wil. Maar noch uit de woorden van de tekst noch uit de directe context blijkt dat dit de interpretatie zou moeten zijn. Toch wordt deze interpretatie nu bepalend voor hoe je deze tekst leest; de vertaling laat geen andere uitleg meer toe. De BGT suggereert hier meer dan de context toelaat. Het is de vraag of Jezus dit werkelijk zo bedoeld heeft. Nu komt er in de genoemde verzen geen andere vertaling van traditionele bijbelse begrippen voor, maar als dit principe van verduidelijking op dezelfde manier ook op zulke begrippen wordt toegepast, kan een vertaling doorschieten en het tegenovergestelde bereiken van wat men beoogt. Zo wordt in de Romeinenbrief het werkwoord dat in oudere vertalingen met 'rechtvaardigen' werd weergegeven en in de NBV vertaald werd met 'vrijspreken' of 'rechtvaardig verklaren/als rechtvaardige aannemen' in de BGT als volgt omschreven: 'iemand als een goed mens zien'. Deze keuze roept wel vragen op: is hiermee de bedoeling van het betreffende woord in de brontekst wel goed weergegeven en is deze vertaling niet onnodig ver verwijderd van de werkelijke betekenis? Te veel willen uitleggen kan leiden tot een soort vervaging van betekenis. Specifieke begrippen worden dan vervangen door meer algemene woorden en omschrijvingen. De vertaling wordt dan oppervlakkig en vraagt toch weer om uitleg. De kracht van de eenvoud kan tegelijk een valkuil zijn. In elk geval is het een misverstand om de BGT op te vatten als een bijbel waarin nu eindelijk eens gewoon gezegd wordt wat er staat. Alsof andere vertalingen daar moeite mee hadden of hebben en alsof traditionele bijbelse begrippen een goed verstaan van de Bijbel altijd al in de weg hebben gestaan.

Bruikbaarheid
Een catechisatieles over het verbond dat God met Abraham heeft gesloten zou best weleens lastig kunnen worden met een bijbelvertaling waarin het woord 'verbond' niet meer voorkomt. Dit woord behoort immers nog steeds tot de taal van de kerk en heeft daar een diepe inhoud. Het feit dat dat woord in ons dagelijks spraakgebruik niet meer in die betekenis voorkomt of in onbruik is geraakt, wil nog niet zeggen dat we het kunnen missen in een bijbelvertaling. Kies je ervoor om het daar niet in op te nemen, dan raakt dat aan de inhoud van het ge- loof. Anders gezegd, dan moet er een afstemming komen tussen de betreffende bijbelvertaling en de traditie van de kerk. Er moet dan ondanks de zeer leesbare vertaling weer een extra stap gezet worden en meer uitleg volgen. En dan is de bruikbaarheid van de BGT in het geding.
Maar dit sluit een positief gebruik van de BGT niet uit. Het streven van het NBG om geen enkele doelgroep buiten te sluiten kan terecht op waardering rekenen. Maar net als andere vertalingen is ook de BGT niet meer dan een hulpmiddel bij het bewaren, leren begrijpen en doorgeven van het Woord van onze God. Iedere bijbellezer heeft zijn Filippus nodig, die naast hem of haar komt lopen en vraagt: 'Begrijpt u ook wat u leest?' (Handelingen 8:30).
De BGT onderstreept misschien nog wel meer dan andere vertalingen hoe belangrijk het is dat de Bijbel gelezen en uitgelegd wordt binnen een gemeenschap van gelovigen. Binnen die gemeenschap stimuleert een vertaling die je op een nieuwe manier laat nadenken over wat de HEER in zijn Woord werkelijk tot ons wil zeggen tot bezinning.
Er zijn doelgroepen binnen en buiten de kerk die met de BGT zeer gediend zijn. Met de hulp van de Heilige Geest zal de BGT bijdragen aan het verstaan van Gods Woord en aan het samen met alle heiligen leren kennen van de liefde van Christus. De BGT is een bijzondere en boeiende poging om de Bijbel dicht bij mensen te brengen.

Marc ten Brink was tot voor kort voorzitter van het Deputaatschap Bijbelvertaling en is inmiddels lid van het deputaatschap liturgie, en predikant van de GKv ’t Harde.