Schatgraven in de Schrift

2005-11-18
  • Jaargang 49
  • nummer 22
Kopjes koffie, kroketten en kostbare kennis – dat typeert de sfeer van het literaire symposium op zaterdag 29 oktober. Aan de hand van het thema ‘de bijbel literair’ bogen deskundigen en publiek zich over de eeuwenoude tekst van de bijbel. Literatuur van de bovenste plank, waarvan in een dag maar een glimp kan worden blootgelegd.

‘Ik hoop dat u het allemaal met mij eens bent dat er niets deugt van de hoofdstukindeling in de bijbel!’ Dr. Jan Fokkelman opent zijn betoog op het symposium van het Christelijk Literair Overleg en christelijk literair tijdschrift Liter in een vlammende stijl.

Hanna
Zijn toehoorders zijn direct geboeid als hij ze meeneemt op een reis door het Oude Testament. Centraal staan de woorden van Hanna in 1 Samuël 1 en 2. Door een eenvoudige, taalkundige benadering van het lied van Hanna komt er al een diepere betekenislaag vrij: ‘In de derde strofe van het lied (vers 4 en 5 van hoofdstuk 2) wordt het onderwerp – God – niet genoemd, in de vierde strofe (vers 6 en 7) is juist het lijdend voorwerp afwezig: de mens. Maar in de vijfde strofe (vers 8) komen ze allebei voor.
Zo laat de dichter zien dat God zich door te handelen heeft verbonden met de mens.’

Verrassend
Met dit voorbeeld illustreert Fokkelman hoe een literaire benadering van de bijbel betekenislagen blootlegt die anders vrijwel onzichtbaar blijven. Hij stelt dan ook dat de literaire benadering op dit moment de meest geschikte is om naar bijbelteksten te kijken.
In het vervolg van zijn betoog demonstreert hij de samenhang in het boek Samuël. Het woordje Sja’oel – vragen – komt zeven keer voor in het eerste hoofdstuk. Een hele tijd later, in 1 Koningen 2, gebeurt dit opnieuw.
Het wordt helemaal interessant als blijkt dat in het derde hoofdstuk van 1 Koningen het woord ‘vragen’ acht keer voorkomt. Zeven plus een – net als David, de achtste zoon. Zeven broers plus eentje die koning gaat worden: God houdt soms een verrassing achter de hand.

Gelovige lezen
Het publiek denkt enthousiast mee.
Fokkelmans lezing maakt duidelijk dat een literaire benadering van de bijbel gelovig lezen niet in de weg staat. Het project “Psalmen voor nu”, waaraan tussen de lezingen en workshops door aandacht wordt besteed, onderstreept dat. Door de psalmen te formuleren met woorden van nu en ze te voorzien van een nieuwe melodie wordt degene die meezingt echt bij de tekst bepaald. Liesbeth Goedbloed, als dichteres verbonden aan het project, vertelt dat de dichters de opdracht hebben om zo dicht mogelijk bij de tekst te blijven in hun nieuwe berijming. Zo wordt de boodschap van de psalmen, springlevend en herkenbaar in zijn emotie, naar de hedendaagse mens gebracht.

Psalm 8
De bijbel literair lezen opent een schatkamer aan diepere lagen in de tekst. In de workshops die ’s middags te volgen zijn, wordt dat nog eens extra benadrukt. Clazien Verheul, die als neerlandica meegewerkt heeft aan de totstandkoming van de nieuwe bijbelvertaling, vertelt hoe de psalmen poëtisch vertaald zijn. Neem bijvoorbeeld psalm 8. In de psalm staat de nietigheid van de mens tegenover God centraal, en tegelijk de rijkdom waarmee God de mens gezegend heeft. De vertaling in de NBV ondersteunt deze betekenis. Midden in de psalm staan de regels: ‘wat is dan de sterveling dat u aan hem denkt / het mensenkind dat u naar hem omziet.’ ‘Sterveling’ en ‘mensenkind’ hebben ongeveer hetzelfde klankpatroon, waardoor ze extra nadruk krijgen. Ze vallen bovendien op omdat ze uit het ritme van de strofe vallen. Het is prachtig om te zien hoe de vorm van een psalm de inhoud kan versterken.

Huiswaarts
De kopjes koffie en de kroketten verdwijnen in de hongerige magen. Wie na afloop de lege aula van Scholengemeenschap Guido de Bres rondkijkt, ziet niet dat hier een hele dag is nagedacht, gevraagd en gedebatteerd.
Maar al zijn de koffie en kroketten verdwenen, de kennis wordt meegenomen naar huis. Daar zoeken bewonderaars met nieuwe ogen naar verborgen schatten in het spannendste boek aller tijden.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief