Over de verovering van Kanaän

2006-11-10
  • Jaargang 50
  • nummer 22
Plaatsing van ingezonden stukken betekent geen instemming van de redactie. Anonieme brieven worden niet opgenomen en ingezonden stukken mogen in het algemeen niet langer zijn dan 250 woorden. De redactie behoudt zich het recht voor brieven in te korten.

De artikelen die ds. De Jong schreef in Opbouw 17 en 18 over de verovering van Jericho door het volk Israël hebben mij geschokt. Zo leert de bijbel ons toch niet: God die zich ongemakkelijk voelt en in verlegenheid is omdat Jozua Jericho en heel Kanaän gaat veroveren? En dat zouden we lezen in Jozua 5?

In dit gedeelte wordt ons verteld dat Jozua een man ontmoet in het veld van Jericho. Een gewone man, geen ontzagwekkende hemelse gestalte, wel met een getrokken zwaard. Omdat hij hem niet herkent, vraagt Jozua of hij van hen is of van de vijand.
Het antwoord is: ‘Nee, (Ik ben geen man van hier), maar Ik ben de vorst van het heer des HEREN. Nu ben Ik gekomen’ (dus: neergedaald).

Gods eer
Het gebeuren doet denken aan Genesis 18, waar God bij Abraham komt.
De HERE zegt dan tegen Abraham: ‘Het geroep van Sodom en Gomorra is voorwaar groot, en haar zonde is voorwaar zeer zwaar. Ik wil nederdalen om te zien of zij inderdaad gedaan hebben naar het geroep dat tot Mij is gekomen, of niet: Ik wil het weten.’ En God verwoest de steden. Zelfs na het pleidooi van Abraham. Twee vragen daarbij.
Ging het Abraham in zijn voorbede voor Sodom en Gomorra niet méér om de naam van de Rechtvaardige Rechter dan om de inwoners van deze steden?
Het is helemaal Góds wil dat de verwoesting plaats vindt.
Ten tweede kunnen wij dan ook niet veronderstellen dat de Zoon van God – één met Hem – later zou denken: ‘Hadden die steden niet meer kansen moeten krijgen?’ Het gaat het in Matteüs 11 bovendien over de onbekeerlijkheid van Kapernaüm en niet over Sodom en Gomorra?
Wij lezen ook in Genesis 6 dat Gód mensen gaat verdelgen om hun verdorvenheid.
Door water. Aangrijpend: ‘Het berouwde de HERE dat Hij de mens gemaakt had op de aarde.’ En in Genesis 11 staat dat God neerdaalde om de stad en de toren (Babel) die de mensenkinderen bouwden te bezien. Dan zegt Hij: ‘Welaan, laat ons hun taal verwarren’, en zo straft Hij hen door verstrooiing. God gaat Zijn weg op aarde.

Niet zomaar
Aan Abraham belooft de HERE dat zijn nakomelingen het land Kanaän in bezit zullen krijgen, maar: ‘Weet voorzeker dat uw nakomelingen vreemdelingen zullen zijn in een land dat het hunne niet is, en dat zij hen dienen zullen, en dat die hen zullen verdrukken, vierhonderd jaar (…). Het vierde geslacht echter zal hier weerkeren, want eerder is de maat van de ongerechtigheid van de Amorieten niet vol’ (Gen. 15).
Zó is God. Hij verdelgt niet zómaar.
In Exodus begint de vervulling van de belofte. De HERE spreekt tegen Mozes: ‘ Ik heb terdege gezien de ellende van mijn volk dat in Egypte is (…) Ik ken hun smarten.
Daarom ben Ik nedergedaald om hen uit de macht van de Egyptenaren te redden en uit dit land te voeren naar een goed en wijd land, een land vloeiend van melk en honing, naar de woonplaats van de Kanaänieten en Amorieten.’ Mozes spreekt hiervan profetisch, vlak voor zijn dood: ‘Omdat Hij de vijand vóór u verdreef en zei: Verdelg! Daarom woonde Israël veilig’ (Deuteronomium 33).

Vonnis na 400 jaar
Dan komt Jozua 5: de man met het getrokken zwaard op Jozua’s weg.
‘Nu ben Ik gekomen!’ De vorst van het heer des HEREN. De Heilige.
Om welke reden zou Hij anders neerdalen dan om te zien of de maat van de ongerechtigheid van de Amorieten vol is? Hij laat niet zómaar verdelgen.
Spreekt het getrokken zwaard niet van zijn besluit tot uitroeiing? De maat is dus vol!
En daarom: Het moet gebeuren, Jozua.
Met het zwaard. Verdelg!
‘Wees sterk en moedig, Ik ben met u.’ God gaat Zijn belofte aan Abraham vervullen, maar niet dan nadat Zijn volk vier honderd jaar heeft moeten wachten, in verdrukking, totdat de tijd vol is voor de Amorieten. God is de rechtvaardige Rechter en roept nu Jozua tot Zíjn strijd… Israël zal het beloofd land in bezit krijgen.
God gaat soeverein Zijn weg.
In Christus verbonden.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief