Hoe therapeutisch is Opwekking?
2006-11-24
Stefan Paas is een jonge theoloog uit de Christelijke Gereformeerde Kerken die stevig van zich doet spreken. Zijn boeken over de missionaire opdracht van de kerk zijn bestsellers en worden ook in Nederlands Gereformeerde kring veel gebruikt. Maar soms slaat hij de plank mis. Zoals die keer, toen hij de Opwekkingsbundel aan de paal nagelde.- Jaargang 50
- nummer 23
In een prikkelende toespraak - bij het tienjarig jubileum van Zendtijd voor Kerken (2005) - over de ‘emotiemens’ van deze tijd bekritiseerde Paas het ‘therapeutisch jargon’ dat volgens hem in de kerken oprukt. ‘De taal van zonde, bekering, genade en heiliging is er vrijwel geheel vervangen door de taal van gekwetstheid, behoeften, troost en vervulling’, aldus Paas.
Hoewel de meeste Opbouwlezers dat beeld vanuit hun eigen kerkdiensten niet zullen herkennen, gaat het me vooral om het vervolg van zijn toespraak.
Hij illustreerde zijn stelling over het oprukkende therapeutische jargon in de kerken namelijk aan de hand van de ook bij ons veel gebruikte Opwekkingsbundel. Paas: ‘Wie de laatste 200 nummers van de Opwekkingsbundel doorleest, ziet dat deze geschreven zijn met ca. 10 trefwoorden, zoals 'pijn’, 'verdriet’, 'liefde’, 'dichtbij / dichterbij’, 'Vader’, 'schoot’ enz. Het betreft hier duidelijk de warme, bevestigende en vertroostende kant van ons vocabulaire.
'Geef Hem al je pijn en moeite en de jaren van verdriet’.’
Zeurend stemmetje
Als een vooraanstaand theoloog als Stefan Paas zoiets zegt, wordt daar niet snel aan getwijfeld. Hij zal het wel goed bekeken hebben, denkt men, en bovenstaande typering van de Opwekkingsbundel ben ik sindsdien al her en der tegengekomen.
Maar sinds ik zijn toespraak hoorde, zeurde het ergens in mijn achterhoofd: Is dat wel waar? Zijn de laatste 200 nummers van Opwekking inderdaad op die ‘therapeutische’ trefwoorden geschreven? Is het niet vreemd dat Paas tegenover de gangbare kritiek in reformatorische kerken dat Opwekking teveel ‘theologie van de glorie’ bevat, lijkt te zeggen dat het juist teveel ’theologie van het kruis’ is? Het liet me niet los, dat gevoel: Klopt dat nou wel? Om dat zeurende stemmetje kwijt te raken, heb ik recent de Opwekkingsbundel gepakt en de laatste 200 nummers doorgelezen.
Grootheid en majesteit
Mijn conclusie is, dat Stefan Paas Opwekking geen recht doet en er een karikatuur van maakt. Mijn napluizen van de nummers 451 t/m 650 levert een ander beeld op dan hij schetst. In die 200 nummers regeert niet het ‘therapeutisch jargon’ rond pijn, verdriet, dichtbij, schuilplaats, troosten etc., maar overheerst de lof en aanbidding op een machtige en grote God. Daarin worden zijn glorie en luister bezongen, zijn goedertierenheid en trouw, zijn grootheid en heerschappij, zijn schepping en zijn almacht, zijn heiligheid en eeuwigheid.
In veel van de liederen wordt het Lam aanbeden, dat waardig is om alle eer te ontvangen en dat tegelijk Leeuw is, en wordt er gejuicht over de komende Koning. Voorbeelden van liederen die God zo aanbidden zijn er te over: 450, 454, 458, 461, 465, 468, 475, 476, 478, 482, 483, 489, 490, 492, 496, 499, 500, 511, 512, 513, 525, 529, 530, 534, 537, 538, 540, 542, 549, 551, 557, 559, 573, 574, 583, 584, 585, 586, 589, 593, 595, 603, 604, 609, 619, 620, 622, 626, 630, 633, 634, 635, 636, 637 en 638. In totaal 55 liederen, meer dan een kwart van de laatste 200.
Daarnaast zijn er onder de laatste tweehonderd nummers van Opwekking veel liederen die de heilsfeiten bezingen en danken voor Jezus’ komst in deze wereld, zijn lijden, offer, kruisdood en opstanding.
Kortom, liederen die niet gaan over hoe wij als mensen ons voelen, maar die over wat Christus voor ons heeft gedaan en die hem aanbidden om de redding van zondaren. Ik denk aan de liederen 460, 469, 470, 477, 479, 480, 493, 495, 506, 509, 523, 528, 532, 533, 535, 536, 543, 545, 546, 554, 555, 561, 564, 567, 575, 577, 578, 579, 580, 587, 594, 607, 614, 615 en 647. In totaal minimaal 35 stuks.
En dan de liederen die Gods kinderen oproepen hem te gehoorzamen, hem als Heer te erkennen, zich aan hem toe te wijden, te bouwen aan zijn Koninkrijk, zout en licht te zijn in de wereld etc. Liederen die dus niet zingen over beschadigde mensen die troost en heling zoeken, maar over een leger dat op pad gaat, over mensen die opstaan en aan de slag gaan, over christenen die in de benen moeten komen. Ik denk aan liederen als 455, 467, 468, 485, 486, 504, 505, 520, 522, 552, 553, 569, 572, 582, 598, 601, 610 en 649: 18 in getal.
In totaal zijn dat dus al minstens 108 liederen die van elk ‘therapeutisch jargon’ gespeend zijn, en daarnaast zijn er in de tweehonderd van Paas nog vele andere met een al even appelerende inhoud.
Therapeutische liederen
Maar hoe zit dan met de ‘therapeutische’ liederen van Paas waarin God vooral wordt getekend als de troostende, helende en bevestigende God die een schuilplaats is voor verwonde en beschadigde mensen? Ik tel in de reeks van 451 t/m 650 in totaal zes opwekkingsliederen die in zijn geheel (en soms met een twijfelachtige tekst) op die zorgende en beschermende kant van onze God focussen: de nummers 581, 606, 615, 617, 625 en 629. Zes van de tweehonderd dus, ofwel 3%.
Daarnaast zijn er 24 opwekkingsliederen, waarin een enkel woord of een enkele zin voorkomt die je zou kunnen duiden als ‘therapeutisch jargon’: zoals de nummers 461 (schuilplaats, trooster, veilige toren), 463 (ga genezend rond, heel hen die verwond op uw liefde wachten), 474 (angstige kinderen schuilen bij u), 484 (ik wil leven in uw schuilplaats), 488 (als ik u ontmoet, vind ik rust bij u; houd mij vast, heel dicht bij uw hart), 518 (u doorgrondt en kent mij, u legt uw handen op mij), 562 (in uw hand geborgen; ik vond de rust die ik zocht bij u), 599 (heel je hart, heel je pijn is bij hem bekend), 606 (veilig rustend in de armen van de Heer) en 621 (een ding wil ik vragen, dat ik in u huis mag zijn, rustend aan uw vaderhart.). Maar in die liederen gaat het vrijwel steeds om een paar woorden aan zogenaamd ’therapeutisch jargon’, en gaat het voornamelijk over Jezus als de redder van zonde, over Gods genade, heerschappij, of majesteit, het leren om Gods wil te doen, over reiniging en heiliging, trots en twijfel die wijken voor kracht van Gods liefde, etc.
Nog geen 15%
Maar goed, stel dat je al die liederen compleet zou meetellen in het Paas’ rijtje, dan kom je nog maar tot 29 van de laatste 200 opwekkingsliederen met een ‘therapeutisch’ taalgebruik, als uiting van een ‘therapeutische’ theologie: nog geen 15% dus. Dat is andere koek dan Paas’ stevige stelling: ‘Wie de laatste 200 nummers van de Opwekkingsbundel doorleest, ziet dat deze geschreven zijn met ca. 10 trefwoorden, zoals 'pijn’, 'verdriet’, 'liefde’, 'dichtbij / dichterbij’, 'Vader’, 'schoot’ enz.’ Die stelling klopt in de verste verte niet. Het type liederen waarin deze noties voorkomen, staat ver in de schaduw van liederen die andere aspecten van Gods wezen en Gods daden bezingen.
Geknakte riet
Tenslotte: is het eigenlijk verkeerd om te zingen van God die ons troost in ons verdriet, die onze wonden wil helen, bij wie we mogen schuilen? Als ons zingen en geloven daarin opgaat en zwijgt over God die onze schuld vergeeft, over Jezus die voor onze zonde stierf, over God als de heilige die recht heeft op onze aanbidding en onze gehoorzaamheid, ja, dan gaan we scheef en vertekenen we het beeld van God, van Jezus en van onszelf.
Maar wie zondags zijn medekerkgangers ziet, weet hoeveel pijn en gebrokenheid, hoeveel verdriet en beschadiging er achter hun gezichten schuilgaat. En die is blij met een God die niet alleen de Heilige Israëls is, maar ook de Vader uit de gelijkenis, die uitnodigt: ‘Kom tot de vader, kom zoals je bent. Heel je hart, heel je pijn is bij hem bekend’. Die is dankbaar voor een God, die als de Koning der koningen de vijanden op de kaken slaat, maar die ook als de liefdevolle Herder zijn gewonde schapen in de armen neemt. Die het geknakte riet niet verbreekt en wat walmt niet dooft, ‘want Hij kent ons verdriet’ en die al wat beschadigt is, herstelt.
Soms al in dit leven, zeker in de eeuwigheid. En zou je – in navolging van de psalmen – daar niet van mogen zingen? Geprezen zij die Here, dag aan dag draagt Hij ons. Die God is ons heil!