Een aardig kerkje

2004-03-05
  • Jaargang 48
  • nummer 5
'En we hebben nog wel zo’n aardig kerkje.' Dit is een uitspraak van mij, en misschien vindt u dat ook wel.
We zijn niet groot. Met z’n allen zo’n 30.000 mensen. Wij zijn klein, maar fijn. Dat komt natuurlijk omdat we de laatste vijftig jaar nogal wat meegemaakt hebben. Er is een onderlinge band. En we houden niet van ruzie. Niet weer. En we zijn ook een beetje eigenwijs, zoals Nederlanders past.

Beroep op de bijbel
Nee, we houden er niet van als ze van boven af gaan vertellen wat we moeten doen en geloven. Wij hebben zelf ook een bijbel. Dat vind ik het leuke van onze kerk. Het is hier en daar nogal verschillend, maar iedereen kan zich voor zijn eigen gevoel toch op de bijbel beroepen.
En dat vinden wij nu weer zo waardevol dat we daar best mee kunnen leven.

Slapen
Een paar voorbeelden. Wie herinnert zich nog die discussie over het ‘van stonde aan’. Woorden die zo zijn weggelopen uit het oude leerboekje van de kerk: de Heidelberger Catechismus. Deze uitdrukking ging erover dat een gelovig mens direct na zijn dood bij God is. Nou er waren mensen die daar anders over waren gaan denken. Zij zeiden dat je op die manier lichaam en ziel uit elkaar haalt. Op die manier krijg je volgens hen het 'dualisme' dat in veel andere godsdiensten gevonden wordt. Daarbij is het lichaam het lagere en de ziel het hogere in de mens. Zo moeten we niet denken, zeiden ze. God heeft de mens geschapen naar lichaam en ziel en op de jongste dag ontvangt de gestorven gelovige een nieuw lichaam en tot die tijd slaapt hij. Ik praat er nu misschien een beetje badinerend over, maar er waren mensen die zich er in die tijd vreselijk over konden opwinden. Het raakte onze belijdenis!
Dat was ook zo, maar het leuke van onze kerken is dat wanneer iemand zich op de bijbel beroept hij veel krediet krijgt. We zijn het dan niet helemaal met hem eens of helemaal niet, maar we geloven dat het zo’n vaart allemaal niet zal lopen.
En dat liep het ook niet. Wie komt ze nog tegen de ontkenners van zondag 22 vr. en antw. 57a?

Verschillen mogen er zijn
Je kunt ook denken aan kinderen aan het Avondmaal en aan de volwassendoop of aan de vrouw in het diakenambt. Dat zijn allemaal dingen waar verschil van mening over mogelijk is, maar de overeenkomst is: al die mensen beroepen zich op de bijbel. En het leuke is dat er ook veel voor te zeggen valt. Denk nu eens aan kinderen aan het Avondmaal.
Dat is eigenlijk de meest consequente manier van verbondsdenken.
Als onze God door het teken van de doop wil garanderen dat onze kinderen in het verbond opgenomen zijn, dan is het toch een beetje vreemd – lees inconsequent – om bij de avondmaalsviering te zeggen: maar hier mag jij niet aan deelnemen.
In Israël deden de kindertjes ook van jongs af aan mee en ontvingen ze de verbondstekens. Dat mag dan waar zijn, maar - zegt nog steeds een meerderheid van onze kerken - er is toch een verschil.
Israëliet ben je door je afstamming, maar christen ben je door het geloof. Dus bewaren we in onze kerken de ellips van het verbond (gelovige ouders en kinderdoop) én geloof (catechese en openbare geloofsbelijdenis en deelnemen aan het Heilig Avondmaal). Het is geen wijze van doen die direct uit de Bijbel tot ons komt, maar wel een die het meeste recht doet aan het feit dat onze God de God is van het verbond en dat wij alleen langs de weg van de geloofskeus deelhebben aan al Zijn schatten en gaven. Dit is naar mijn indruk hoe dit bij ons leeft en als iemand anders denkt: dat is niet verkeerd als je je maar bijbels verantwoordt. Daarom kan er ook vrijheid en ruimte zijn en kunnen gemeenten hier en daar van elkaar verschillen ook in de praktijk van het gemeente zijn. In een vervolgartikel zullen we zien hoe dit functioneert bij de actuele discussie over de 'vrouw in het ambt'.
Begin dit seizoen is er een nieuw boek verschenen, dat gerust toonaangevend genoemd mag worden voor het jeugdwerk in Nederland. Het werd geschreven door Sabine van der Heijden, die jarenlang een voortrekkersrol speelde bij uitgaven van Youth for Christ (zoals ‘God gezocht’). Ze is iemand met een hart voor jongeren, maar bovenal ook hart voor God. In dit boek daagt ze de lezer uit om eigen visie op het jeugdwerk goed en kritisch te bekijken.

Ervaring
Wat de kracht van dit boek is en waarom jeugdleiders het echt moeten lezen is dat de ervaring bijna van iedere bladzijde uit het boek barst.
De visie die heel sterk wordt neergezet is doorspekt van verhalen uit de praktijk. Het eerste verhaal uit de praktijk is Sabine’s eigen verhaal.
Door een theatergroep van YfC op haar middelbare school komt ze tot bekering en op haar zestiende gaat ze voor het eerst naar een kerk en nog weer later vind je haar als een gedreven pionier terug bij Youth for Christ.
Verschillende andere praktijkverhalen zijn illustraties bij de drie delen van het boek. Bijvoorbeeld het verhaal van Wilma die betrokken is bij het missionaire jeugdwerk in Amsterdam (waarin ook de NGK participeert) of van Marcus in Groningen met zijn Youth Alpha voor en door tieners.
Missionair jeugdwerk
Het boek gaat over missionair jeugdwerk.
Waarom spreekt Sabine niet gewoon over jeugdwerk of kerkelijk jeugdwerk, maar noemt ze het expliciet missionair jeugdwerk? Zij koppelt het doel van kerk-zijn heel nauw aan het doel van jongerenwerk. Het doel van de kerk ligt buiten zichzelf, namelijk, de kerk is er voor de wereld!
Missionair. Het jeugdwerk dus ook!
Missionair. Hier ligt een uitdaging voor de kerk. De jonge generatie bereiken die in een postchristelijke samenleving aan het opgroeien is.
Een generatie die geen enkele raakvlak meer lijkt te hebben met de kerk of met de Heer van de kerk, Jezus. De kerk is er ook voor de jongeren in de wereld. Een hele vernieuwende manier van kijken naar het jeugdwerk zou je kunnen zeggen. Een manier die veel verschillende uitdagingen neerlegt voor het jeugdwerk binnen onze kerken en ook mogelijkheden.
Bijna de helft van onze kerken hebben erg klein jeugdwerk. Met de ogen van dit boek een goede start om te groeien door missionair jeugdwerk.

Focus
Het boek zet je aan het denken.
Sabine zet onze focus op heel andere argumenten. De focus is allereerst op Jezus gericht. Hij was begaan met verdwaalde mensen. Als ik kijk naar mijn eigen visie op jeugdwerk dan sluit dat daar nauw bij aan. Jezus zegt dat Hij de weg de waarheid en het leven is.
Niemand komt tot de Vader dan door Hem. Hij bedoelt daarmee te zeggen dat Hij de enige weg is, de enige waarheid en het enige leven. Jezus Christus, Zijn leven, Zijn lijden en sterven, Zijn opstanding, Zijn verheerlijking en
teruggebracht worden naar de programma’s van YfC is meer dan logisch.
Verder zijn ze wel zo open om aan te geven dat er ook andere materialen in te vullen zijn in zo’n overzicht met programma’s, en dat dat nauw samenhangt met het doel, de kerkelijke kleur en het aanbod daarin. Het is een boek waaraan een jeugdwerker binnen onze kerken zijn hart bij kan ophalen, en waaraan hij of zij zichzelf en z'n visie kan scherpen door de vele opdrachten en vragen tussendoor.
Echt een aanrader en misschien wel een must voor iedereen die met jeugd- en jongeren bezig is… Lees een uitgebreide recensie online: www.ngk.nl/ngj André Maliepaard, Lunteren

Sabine van der Heijden, Re:visie. Het geheim van succesvol missionair jeugdwerk vanuit de kerk, Kok-Kampen, ISBN 90 435 0717 2, 266 blz., 14,95 euro

Zijn boodschap staan centraal.
Wat het mooiste is: Jezus heeft een boodschap en brengt dat ook in de praktijk.
Jongeren In Re:Visie wordt de grens die er vaak in de kerk getrokken tussen kerkelijke en niet-kerkelijke jongeren wat diffuus.
Er is niet zo’n groot verschil.
Niet als het gaat om het verlangen van jongeren (liefde, vriendschap en zingeving) en niet als het gaat om de beleving van jongeren. Zij zien geen buitenkerkelijke jongeren, maar gewoon hun vrienden, volgens Sabine.
Al ontdek ik ook wel in gesprekken met jongeren dat zij het vaak wel lastig vinden te geloven in een klas waar zij de enige of één van de weinige zijn. Toch denk ik wel dat er inderdaad geen keiharde lijn meer (!) te trekken is tussen kerkelijke en buitenkerkelijke jongeren. Al was het alleen al door de soort samenleving waarin we leven. Een samenleving waarin jongeren steeds meer op eilandjes leven en geloof niet altijd voeling heeft met alle terreinen van hun leven. Heel concreet betekent dit, dat je niet altijd op het voetbalveld kunt zien of horen of iemand kerkelijk is of niet. De ins en outs over jongeren in het boek kunnen je goed helpen meer van jongeren te begrijpen en je jeugdwerk beter op hen te laten aansluiten.

Conclusie
YfC en vooral Sabine van der Heijden levert met dit boek een knap staaltje werk af. Het is een indrukwekkend boek, waar vanuit jarenlange ervaring een eigentijdse visie op jongerenwerk is vormgegeven. Dat veel aspecten
teruggebracht worden naar de programma’s van YfC is meer dan logisch.
Verder zijn ze wel zo open om aan te geven dat er ook andere materialen in te vullen zijn in zo’n overzicht met programma’s, en dat dat nauw samenhangt met het doel, de kerkelijke kleur en het aanbod daarin. Het is een boek waaraan een jeugdwerker binnen onze kerken zijn hart bij kan ophalen, en waaraan hij of zij zichzelf en z'n visie kan scherpen door de vele opdrachten en vragen tussendoor.
Echt een aanrader en misschien wel een must voor iedereen die met jeugd- en jongeren bezig is… Lees een uitgebreide recensie online: www.ngk.nl/ngj André Maliepaard, Lunteren
Sabine van der Heijden, Re:visie. Het geheim van succesvol missionair jeugdwerk vanuit de kerk, Kok-Kampen, ISBN 90 435 0717 2, 266 blz., 14,95 euro

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief