LV lijkt nog niet toe aan ‘predikanten-CAO’
2004-04-02
Op de tweede bijeenkomst van de Landelijke Vergadering kwam het zaterdag 13 maart telkens terug: het eigene van de NGK. 's Ochtends lag het 35 pagina's tellende rapport van de Commissie Werkomstandigheden en Arbeidsvoorwaarden Predikanten (WAP) op tafel. 's Middags het stuk van de Commissie Opleiding Predikanten (COP). Over ‘een on-Nederlands-Gereformeerd-dik’ werkomstandighedenrapport en de vraag of een ‘klemmend Apeldoorn-advies’ wel des NGK's is...- Jaargang 48
- nummer 7
Het onderwerp predikantenopleiding is heikel, niet nieuw en nog lang niet afgesloten. Maar een oplossing voor het probleem waarover al ruim tien jaar wordt gepraat, lijkt zaterdag wel dichterbij gekomen. Want ‘blij’ en ‘dankbaar’ presenteerde de Commissie Opleiding Predikanten een ‘concreet en deugdelijk plan’, zei voorzitter K.R. Veenhof. Dit plan omvat een eigen predikantenopleiding, aanleunend tegen de Christelijke Gereformeerde Theologische Universiteit in Apeldoorn.
De vorige LV in Amersfoort (2001) vroeg de commissie te onderzoeken of er mogelijkheden waren voor een Apeldoornse aanleunopleiding. Het resultaat was een 43 pagina's tellend unaniem rapport van de zeven commissieleden.
De huidige versnippering van opleidingen voor predikanten wordt al jaren als probleem ervaren en de Theologische Studiebegeleiding (TSB), waaraan studenten theologie moeten deelnemen als ze predikant in de NGK willen worden, al jaren als te vrijblijvend.
Pijnpunt
Zaterdagmiddag presenteerde de commissie dit voorstel voor een eigen aanleun-predikantenopleiding. Ze was blij dat ze een concreet en deugdelijk plan kon voorleggen na twaalf vergaderingen en gesprekken met de TUsenaat in Apeldoorn, het Nederlands Gereformeerd Seminarie (NGS), de Theologische Studiebegeleiders (TSB) en studenten die deelnemen aan de TSB. Z was dankbaar vanwege de ‘royale tegemoetkoming’ vanuit Apeldoorn.
Deze stelt vijftig studiepunten (overeenkomend met vijftien maanden studietijd) beschikbaar om zelf in te vullen door eigen, parttime docenten.
Pijnpunt is de rol van het Nederlands Gereformeerd Seminarie, een NG-bolwerk dat al drie decennia studenten opleidt tot predikant. Deze stelt zich niet achter het rapport, heeft er niet over willen meepraten en ook niet op willen reageren. Voornaamste reden van deze weigering is de angst voor verwetenschappelijking van de opleiding.
Toch hoopt de commissie dat het seminarie alsnog aanhaakt.
‘Goede, wetenschappelijke beoefening van de theologie is waardevol.
Wij denken dat dat bij het seminarie te negatief wordt beoordeeld. Niet dat wij wetenschappelijke theologie zaligmakend vinden of menen dat wetenschappelijke theologie op de kansel moet worden beoefend. Maar wij denken wel dat een predikant wetenschappelijke theologie nodig heeft om inhoudelijk leiding te kunnen geven aan een gemeente.’ Secretaris van de commissie ds. R. Venderbos benadrukte dat het bij het ‘aanleundeel’ gaat ‘om een behoorlijk eigen, praktisch programma met een behoorlijk aantal studiepunten’.
Deelname en inbreng van seminariedocenten door bijvoorbeeld gastcolleges is te organiseren, aldus Venderbos.
'Geschonden vertrouwen'
Niettemin vielen er harde woorden vanuit de regio Alkmaar-Zaandam.
Afgevaardigde J. Hoogwaerts sprak van ‘bagatellisering van het eigene van de NGK’, ‘geschonden vertrouwen’ en veel frustratie. Hij stelde voor de Commissie Opleiding Predikanten te ontbinden en een nieuwe commissie gesprekken te laten voeren met het seminarie. Het moderamen beloofde dit voorstel mee te nemen in zijn overwegingen en zijn gesprekken met de COP-leden naar aanleiding van de vergadering van zaterdag.
Preses ds. W. Smouter zei alvast toe, dat het moderamen contact zal leggen met het seminarie, waarvan overigens niemand in Lelystad op de publieke tribune aanwezig was.
Hoewel veel regio's vragen stelden over de aanleun-opleiding in het COPrapport (kosten, inhoud van het studiepakket, vrijheid van studiekeuze aan andere universiteiten), was er vanuit de overige regio's veel waardering voor het rapport. Ds. De Jong van de regio in het zuiden: ‘Wij stemmen van harte in met het voorstel en het mag ook wat kosten.’ De afgevaardigde uit Oegstgeest sprak van ‘een uitgelezen kans om als kerken op één lijn te komen.’
Voordelig
Afgevaardigde dr. P. Veldhuizen uit Leerdam vond de kosten ‘heel hoog’, maar volgens commissielid C.J. Bos uit Wageningen valt dat verhoudingsgewijs mee. Hoofdelijk omgeslagen komen de kosten neer op zes euro per kerklid.
Dat is de helft van de twaalf euro, die de Vrijgemaakten per lid betalen voor de opleiding in Kampen.
‘Voordelig dus’, rekende Bos de vergadering voor.
Over de vraag of de TU van Apeldoorn straks een verplichting wordt voor iedere student theologie, zei Venderbos namens de commissie, dat na 2005 iedereen nog steeds kan studeren waar hij wil. Maar dat er wel een ‘klemmend advies’ ligt om naar Apeldoorn te gaan. Als het aan de commissie ligt moet, wie kiest voor een andere universiteit èn Nederlands Gereformeerd predikant wil worden, in elk geval de eigen ‘aanleun-opleiding’ volgen. Daarvoor staat vijftien maanden studietijd (inclusief een stage).
Wie dat naast een gewone studie moet doen aan een rijksuniversiteit of bijvoorbeeld aan de Vrijgemaakte universiteit in Kampen, krijgt het zwaar.
De commissie neemt alle op- en aanmerkingen met het moderamen door en zal zaken als de rol van het seminarie opnieuw bekijken. In juni wordt waarschijnlijk over het rapport gestemd.
Kerken liepen achter
Dezelfde procedure gold het rapport van de Commissie Werkomstandigheden Arbeidsvoorwaarden Predikanten (WAP), dat ‘s ochtends werd besproken.
Deze commissie is ook op de vorige LV ingesteld en had de opdracht ‘het totaal van pensioenen, werkomstandigheden en arbeidsvoorwaarden van en voor predikanten en andere in dit verband relevante maatschappelijke discussiepunten te onderzoeken’.
De commissie onderzocht onder meer de aard van de verhouding predikant-gemeente, traktementen en onkostenvergoedingen, ziekte en reïntegratie, formaliteiten bij ontslag, werkruimte en stelde een zeer uitgebreid rapport op. In een toelichting zei commissierapporteur ds. J.M. de Groot dat rechten en plichten goed moeten zijn geregeld.
‘De kerken liepen hierin wat achter.’ Hij vond het rapport een hulpmiddel om diverse zaken goed te regelen en gelooft dat het zal bijdragen tot een goede werksfeer.
Over het verplichtende karakter van het rapport zei hij, dat de richtlijnen bindend worden zodra predikant en kerkenraad ze hebben ondertekend. ‘Dan dienen zij zich er allebei aan te houden.’
Vakmanschap
En juist daartegen maakten enkele regio's bezwaar. Want hoewel bijna iedere afgevaardigde zijn vraag begon met het uitspreken van waardering voor het vakmanschap van de commissie, werden veel kanttekeningen geplaatst. Bij het verplichtende karakter, de uitgebreidheid en het ingrijpen van de commissie in de verhouding predikant-kerkenraad.
De commissie stelt voor dat zijzelf bij geschillende uitspraak doet. Ds. W. Smouter vond als afgevaardigde van de regio Arnhem dat de commissie eventueel een bindend advies mag uitbrengen over cijfertjes, maar zeker niet over bijvoorbeeld de rechtmatigheid van een ontslag. ‘Het is de kerkenraad die aanneemt, schorst of ontslaat, de regio die toetst en een commissie mag adviseren wat ze wil. Maar wij willen geen regels over het op non-actief stellen van een predikant.’ Smouter pleitte voor de strategie van 'comply or explain’. Dat wil zeggen dat kerkenraden het document volgen òf uitleggen waarom zij dat in sommige gevallen niet (kunnen) doen.
Aan het eind van de ochtend werd besloten dat de commissie de vragen, op- en aanmerkingen verwerkt. Het definitieve rapport komt op een volgende zitting terug.
| De volgende LV-vergadering (waar publiek natuurlijk weer van harte welkom is) heeft zaterdag 3 april plaats. Op de agenda staan dan onder meer de voorgestelde wijzigingen in het AKS ('s ochtends) en het rapport van de Commissie Vrouwelijke Ouderlingen en Predikanten ('s middags). Meer informatie is te vinden op www.ngk.nl onder ‘LV’. |