Hoe functioneren belijdenisgeschriften?

2003-01-17
  • Jaargang 47
  • nummer 2
Bij de samensprekingen met de christelijk gereformeerden en vrijgemaakten op landelijk niveau krijgen onze afgevaardigden telkens te maken met de vraag hoe bij ons de trouw aan Schrift en belijdenis gehandhaafd wordt.

Onze afgevaardigden, die samen de Commissie voor Contact en Samenwerking vormen, vinden het in verband daarmee zinvol gesprekken op gang te brengen met als centrale vraag: ‘Dragen wij er als (Nederlands Gereformeerde) Kerken voldoende zorg voor dat wij trouw blijven aan de leer van Jezus Christus?’ De CCS vraagt voor deze gesprekken ruimte op de agenda’s van kerkenraden en regio’s.

7 november 2002 heeft de Regio Amsterdam-Haarlem zich beziggehouden met de vraag hoe de belijdenisgeschriften in de praktijk van het kerkelijk leven functioneren.
Het kort verslag meldt: Er zijn enerzijds bedenkingen tegen zo’n discussie:
• is het onderwerp niet te breed om er grondig over te praten?
• wanneer kom je tot de conclusie dat iets grondig is behandeld?
• zal een dergelijke discussie het gesprek met de andere kerken dienen c.q. in dat gesprek kunnen overtuigen?
• heeft zo’n (theoretische) discussie – gezien andere zaken die spelen – voldoende draagvlak en prioriteit bij de kerkenraden?
• wordt het geen open-deur gesprek?
Anderzijds blijkt uit al gevoerde discussies dat er wel een en ander uit kan komen. Een gesprek, mits concreet gemaakt, over wat we nu eigenlijk belijden, is goed. Aan de hand van vragen als: wat prikkelt nu tot tegenspraak, wat is actueel, wat achterhaald, wat onderbelicht, kan het gesprek concreet gemaakt worden.
Er zal hierover een extra regiovergadering gehouden worden op 12 juni 2003. Afgesproken wordt dat er op de kerkenraden verder over gesproken zal worden. De verslagen daarvan zullen verzameld worden.
(jl)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief