Geestelijke vernieuwing
2003-02-14
Met dit artikel wil ik een bijdrage leveren aan het gesprek over geestelijke vernieuwing dat door ds. A. v.d. Dussen is begonnen, o.a. naar aanleiding van een interview van het Nederlands Dagblad met Bruce Collins. In afgelopen de jaren ben ik van dichtbij getuige geweest van grote veranderingen in de NGK kerk te Houten.- Jaargang 47
- nummer 4
Veranderingen die een belangrijke rol hebben gespeeld in mijn persoonlijk leven. Voordat ik daar meer over schrijf wil ik proberen te verduidelijken wat m.i. het hart van geestelijke vernieuwing is. Ik begin daarom met een verhaal dat ik aan de kinderen in de kerk verteld heb bij een preek over Joh 3:3. Daar lezen we de woorden van Jezus over het opnieuw geboren worden: 'Let op, Ik zeg u, als iemand niet opnieuw geboren wordt, kan hij het Koninkrijk van God niet zien' (d.w.z. niet binnengaan).
Geestelijke vernieuwing in mijn leven heeft te maken twee dingen die essentieel zijn bij de nieuwe geboorte waarover Jezus spreekt: thuiskomen bij God mijn hemelse Vader èn thuisraken bij Hem. Die beide aspecten kunt u terugvinden in het verhaal van José.
Jos. komt thuis
José en zijn vriendje Marco waren twee zwervertjes in de grote stad Rio de Janeiro. De ouders van José hadden hem in de steek gelaten. Zijn vader was steeds dronken thuis gekomen en op een dag was zijn moeder verward weggegaan zonder José. Nu zwerft hij al weer maanden op straat, iedere dag op zoek naar eten. Daarom is hij vaak samen met Marco op de markt te vinden; dat is dè plek om eten te vinden, d.w.z. te jatten. Deze dag op de markt zal José nooit meer vergeten.
Juist toen hij probeerde een paar bananen te gappen, werd hij in zijn kraag gegrepen door een sterke man. Marco zag het gebeuren en nam snel de benen.
Hoe José ook tegenspartelde hij kon niet wegkomen. De man nam hem mee naar een stille hoek tussen twee huizen en ging zo voor hem staan dat hij niet kon weglopen. Hij zei: ik ben vader Fernandez, hoe heet jij? José zei niets.
De man haalde een pakje brood uit zijn zak: hier eet eerst wat, dan praten we verder. Opnieuw vroeg de man: hoe heet je? Eindelijk vertelde José zijn naam. Toen hoorde José de meest wonderlijke vraag van zijn leven: José wil je bij mij in huis komen wonen? Je krijgt er eten en je mag naar school.
Fernandez liet hem een brief van het stadsbestuur zien, waarop stond dat hij aangesteld was tot vader van een kinderhuis.
Zo gebeurde het dat José in het kinderhuis kwam. Eerst was hij bang voor de nieuwe mensen. Zouden ze misschien iets kwaads met hem willen doen? Zeg nou zelf, wie gaat er nou voor oneerlijke zwervertjes zorgen? Daar moet toch iets achter zitten? Maar langzamerhand ontdekte José dat vader Fernandez en moeder Maria hem echt wilden helpen. Dat betekende bepaald niet dat je in alles je eigen gang mocht gaan. Echt niet, er waren strenge regels.
Veel te streng vond José, maar gaandeweg ontdekte hij dat Fernandez de kinderen juist wilde beschermen met zijn regels. Een van die regels was dat je niet mocht stelen, zelfs niet een appeltje.
Op een warme dag moest José naar de voorraadkamer om een paar broden op te halen. Toen zag hij daar die zak met sappige sinaasappels.
Bliksemsnel greep hij zoveel mogelijk sinaasappels en liet ze in zijn T-shirt rollen. Hij pakte de broden en ging de voorraad kamer weer uit. Buiten verstopte hij vlug de sinaasappels onder een prullenbak en bracht de broden naar moeder Maria. Heerlijk waren de sinaasappels met dat hete weer.
‘s Avonds na de gezamenlijke maaltijd ging vader Fernandez staan en zei dat er gestolen was uit de voorraadkamer.
Ik geef de dader tot vanavond acht uur de tijd om zich te melden. Als hij zich niet meldt, wordt de straf strenger.
Wat moest José nu doen? Als hij zijn mond hield en toch gepakt werd was hij flink de klos. Maar als hij zich ging melden, wat zou vader Fernandez dan doen? Zou hij dan weer op straat gezet worden? Diep in zijn hart wist José best dat vader Fernandez dat nooit zou doen en toch moest hij er steeds weer aan denken. Hij herinnerde zich dat zijn eigen vader thuis heel kwaad werd als er iets gepikt was, dat hij dan geslagen werd en geschopt.
Nee, dat zou vader Fernandez niet doen, maar misschien zou hij hem wel wegsturen.
Nee, José zou zich niet melden.
Toen, om 9.00 uur werd José bij vader Fernandez geroepen. Waarom ben je niet uit jezelf gekomen, José? Jij hebt toch de sinaasappels weggenomen?
Ja, vader, zei José. Waarom kwam je dan niet voor acht uur? Ik was bang, vader. Bang, voor mij en waarvoor dan wel? vroeg vader Fernandez. Ik was bang dat u me op straat zou zetten ...
Toen kwam er een verdrietige glimlach op het gezicht van vader Fernandez: Jou de straat opsturen, weg uit ons huis? Nooit, José, nooit! Alleen als iemand zelf wegloopt, maar wegsturen, nee, nooit. Je bent nu deel van ons gezin en je weet dat we graag voor je zorgen. Je weet misschien nog niet genoeg dat we jou graag mogen, ook al jat je soms sinaasappels. Wegsturen?
Toen deed vader Fernandez iets wat José nooit had verwacht. Voorzichtig stak hij zijn beide handen uit en wachtte tot José zijn handen erin legde.
Vergeet het nooit José, jij hoort bij ons, bij mij en moeder Maria en al de andere kinderen.
Natuurlijk kreeg José wel strafcorvee, maar hij was zo blij dat vader Fernandez hem niet weg had gestuurd.
Langzamerhand, er gingen jaren over heen, ging José zich steeds meer thuis voelen bij vader Fernandez en moeder Maria. Langzamerhand veranderde het straatboefje in een betrouwbare jongen, die met het geld van vader Fernandez de stad in ging om boodschappen te doen. De liefde die hij kreeg van vader Fernandez en moeder Maria hadden zijn karakter en leven veranderd ...
Toen hij ouder was geworden ging José steeds meer op vader Fernandez lijken.
Thuiskomen…
Met dit verhaal probeer ik tot uitdrukking te brengen wat er met ons gebeurt wanneer wij door het evangelie van Gods liefde aangesproken worden. Dan worden we a.h.w. door Jezus Christus zelf in de kraag gepakt.
Wanneer Jezus spreekt over opnieuw geboren worden, dan bedoelt hij toch zeker dat wij een nieuw thuis krijgen?
Een thuis waarvan God zelf de Vader is. Wie is niet verrast over de zoekende liefde van onze Heer Jezus? Ik denk aan wat Hij tegen de uitbuiter en landverrader Zacheüs zei: De Zoon des mensen is gekomen om het verlorene te zoeken en te redden. Zoals vader Fernandez op zoek ging naar de zwervertjes om ze te redden van de criminaliteit en de prostitutie. Zo brengt de Zoon van God ons thuis bij de Vader. Bij de deur staat geen portier die ons tegenhoudt omdat we niet aan de huisregels beantwoorden of omdat we de naam van de Vader door het slijk hebben gehaald met onze leugens of arrogantie.
De toegang tot dit 'huis' wordt ons gegeven door de Zoon, die daarvoor zijn leven overhad. Zo worden wij als kind geadopteerd in de levensgemeenschap van God. Wat een geweldige geestelijke vernieuwing is dat niet!
Voor José was zijn komst naar het huis van vader Fernandez eerst beangstigend, omdat er zoveel onbekend was, maar tegelijkertijd was het zo ongelooflijk mooi. Iemand die je zonder enige voorwaarde vooraf welkom heet en helpt.
Zonder enige voorwaarde vooraf. In de kerk willen wij nogal eens een lat voor de ingang houden. De lat van fatsoen, van passende kleding, van goed gedrag. Misschien zelfs de maatlat van 'de wet'. Jezus zegt dat er geen voorwaarde is die jij moet vervullen.
Steeds weer moeten wij beseffen dat er maar één deur is die toegang geeft en dat is Jezus Christus zelf. Dat is een beweging van God uit naar ons toe!
Zo worden wij door Hem en zijn genadewoord bij de Vader in huis opgenomen.
… en thuisraken
Maar dat is toch niet het einddoel van het zoekwerk van God? Denk nog even aan José. Vader Fernandez plukte hem niet alleen van de straat om hem aan goed voedsel en onderdak te helpen.
Hij wilde hem vooral ook helpen om mens te worden met de mogelijkheden om goede relaties aan te knopen, om een vak te leren, om later in zijn eigen levensonderhoud te kunnen voorzien enz. Maar wat een strijd is dat om te veranderen. Van de straatcultuur met stelen, bedriegen, angst, uitbuiting etc. naar een huiscultuur met discipline, gezag, liefde, onderlinge zorg, trouw enz. Zo, in die lijn ligt de verandering die een mens zal ervaren wanneer hij of zij door Jezus Christus wordt thuisgebracht.
We worden dan vol liefde aangemoedigd om te gaan leven volgens de huisstijl van onze hemelse Vader.
Dat was immer altijd al zijn bedoeling geweest! God maakte mensen met het doel dat ze op Hem zouden lijken.
Wie leert ons nu de huisstijl van de Vader? Betekent dat leven volgens een stel goede huisregels? Zeker, dat is het ook, zo begon het ook bij José.
Maar God wil veel dieper gaan. Hij heeft ons toch aangenomen tot zijn kinderen en niet als huisknechten?
Ook het huispersoneel moet zich aan de huisregels houden. Maar onze hemelse Vader zoekt naar meer! Hij wil graag kinderen die Zijn karakter van liefde en trouw, van gerechtigheid en waarheid gaan dragen! Wie anders dan de Zoon, Jezus Christus heeft ons dat karakter leren kennen? Zoals Paulus zegt in Rom. 8:29 dat God ons van te voren bestemd heeft tot gelijkvormigheid aan het beeld van zijn Zoon, opdat Hij de eerstgeborene zou zijn onder veel broeders en zusters. Hier zien we dat God ernaar verlangt dat wij op zijn geliefde Zoon gaan lijken. Daarmee wordt geestelijke vernieuwing beschreven als het groeien naar een 'Christ-like character' zoals Engelse christenen dat zo puntig kunnen zeggen.
Geestelijke vernieuwing is dan niet iets wat ik krijg of zoek, maar is het groeien van een hechtere relatie tussen de drie-enige God en mij persoonlijk, en ons als gemeente.
Vanaf het moment dat wij door de Heer worden ontvangen in zijn 'huis' tot het moment dat wij Hem zullen ontmoeten bij de voleinding van de wereld leven wij van de vergevende en vernieuwende liefde van God. Een soortgelijke liefde heeft José ervaren toen vader Fernandez hem de handen toestak en zei: Jou eruit gooien? Dat nooit! Wie zo geraakt wordt door de vergevende liefde van de Vader, zal merken dat er in zijn of haar hart een onstuitbaar verlangen is om die Heer te dienen en liefde te bewijzen. Reken maar dat de kleine José door het vuur zou gaan voor vader Fernandez.
En de Geest?
Het zal u opgevallen zijn dat ik in dit hele verhaal nog met geen woord over de Heilige Geest gesproken heb. Dat is precies wat Jezus bedoelt met zijn woorden: de wind / de Geest waait waarheen Hij wil, en je hoort zijn geluid, maar je weet niet waar hij vandaan komt of waar die heen gaat. Zo is een ieder die uit de Geest geboren is. Nog voordat wij een voet in het 'huis' van God zetten, deed de Geest zijn werk en daarmee gaat hij verder totdat wij uiteindelijk definitief thuiskomen in het Vaderhuis met de vele woningen (Joh 14:2). Het is de Heilige Geest die ons aanmoedigt om in Jezus te geloven.
Hij is het die ons van binnenuit vernieuwd zodat wij op onze Heer Jezus gaan lijken. Hij doet zijn krachtige werk vaak in het verborgene.
Toch kunnen we wel het een en ander zeggen over hoe de Geest ons leven vernieuwt! Hij helpt ons om thuis te raken in Gods huisregels om die van harte te gehoorzamen. De Heilige Geest legt in ons het verlangen om op de Heer Jezus te lijken. Bovendien is Hij het die ons zo verandert dat iets van Christus’ karakter in ons zichbaar wordt en wel op een manier die past bij onze persoonlijkheid. Natuurlijk niet zonder onze inbreng en verantwoordelijkheid.
Wij kunnen groeien door het lezen en overdenken van de bijbel, persoonlijk en ook met anderen. Want van je broers en zusters in het geloof kun je veel leren over Gods bedoelingen met ons leven.
Daarnaast helpt de Heilige Geest ons om in de nabijheid van onze hemelse Vader te komen. Dat doet Hij wanneer wij bidden en de dingen van ons leven voor God uitspreken met het verlangen om te groeien in vertrouwen. Als ik mijn bijbel goed begrijp ligt daar het hart van geestelijke vernieuwing: vertrouwen op God. Ouders die een pleegkind in huis hebben, begrijpen misschien wel het beste wat ik bedoel. Je kunt als ouders veel liefde geven aan een kind dat van buiten je eigen huis komt, maar wat is het moeilijk om helemaal het vertrouwen te winnen.
Vader Fernandez hielp José enorm om vertrouwen te winnen toen hij hem na zijn diefstal niet onbarmhartig afwees, maar liefdevol aanvaardde.
Een persoonlijk verhaal
In mijn eigen leven en bij anderen heb ik gezien dat er soms flinke obstakels zijn die ons belemmeren om op God te vertrouwen en om te groeien naar het beeld van Christus. Niet alleen zondige belemmeringen, maar ook verkeerde voorstellingen van wie God is. Daarom is goed onderwijs in de kerk van het grootste belang voor geestelijke vernieuwing. Daarnaast kan de liefde van God voor ons soms zo verduisterd worden door beschadigde emoties, pijnlijke herinneringen en onrecht in ons leven. Wie thuisgekomen is bij God de Vader mag vragen om genezing van deze pijn en beschadigingen in zijn of haar ziel. Daarbij is het – naar mijn vaste overtuiging en ervaring – heel belangrijk dat deze belemmeringen aan het licht gebracht worden. Dat gebeurt wanneer wij die uitspreken in de nabijheid van vertrouwde mensen die naar ons luisteren zonder enige vorm van veroordeling.
Wie wel eens een heimelijke zonde aan een broeder of zuster heeft opgebiecht, weet hoe belangrijk het is dat je voelt: ik wordt niet afgewezen. Want reken maar dat je je soms kapot kunt schamen voor wat je wilt zeggen! Hoe weldadig is het dan dat die andere(n) met je bidden. Niet alleen om schuld te belijden, maar ook met de wonden die je in je leven hebt opgelopen je tot God te gaan. Ik zal nooit vergeten hoe de Heilige Geest, tijdens het gebed van anderen met mij, mij heeft geholpen om eindelijk eens bij mijn verdriet te komen en te huilen.
In mijn leven is gebed van anderen met mij belangrijk. Ook in het leven van anderen heb ik dat gezien. Bij zo’n gebed is er vaak een tijd van stil zijn met de verwachting dat de Heilige Geest de betrokkene zal helpen. Ik heb meegemaakt dat er dan een woord of een plaatje in mijn gedachten komt dat betrekking heeft op de persoon met wie we bidden. Dat zegt dan iets over de betrokkene wat ik met mijn gezond verstand niet zou kunnen weten. Wanneer dat op een voorzichtige manier aan die ander wordt voorgelegd, dan kan het gebeuren dat de betrokkene diep geraakt wordt.
Mensen als Bruce Collins en anderen van New Wine spreken dan over een woord van kennis of zelfs over profetie.
Soms ga ik daar in mee, een andere keer dank ik God voor de fijngevoeligheid die Hij geeft en denk ik meer aan intuïtie. Maar belangrijker dan de verklaring is de vrucht van deze gebeurtenissen: christenen worden soms op een fantastische manier bevrijd van banden en in de ruimte van God gesteld.
U begrijpt wel dat zo’n 'knipoogje van God' niet in één klap alle problemen van iemand oplost. Wel zien we vaak dat er een deur geopend wordt tot herstel en geestelijke vernieuwing.
Met elkaar zien we dan dat we veel van onze God, Vader, Zoon en Heilige Geest, mogen verwachten.
Heeft Jezus niet beloofd dat waar twee of drie bijeen zijn in naam, Hij aanwezig is? Wat een vreugde om thuis te komen en steeds meer thuis te raken bij onze hemelse Vader, en zo van dag tot dag vernieuwd te worden tot eer van zijn grote Naam!