Gastvrije kerk
2003-02-14
Je komt ergens binnen. En je krijgt het gevoel 'ik ben hier eigenlijk niet welkom' - hoe voel je je dan? Je zoekt een mogelijkheid om fatsoenlijk en snel weg te kunnen. En je denkt: hier kom ik nooit weer!- Jaargang 47
- nummer 4
Zo begint ds Ton de Ruiter (GKV Enkhuizen) een artikel over: “Is de kerk gastvrij?”, in de Gereformeerde Kerkbode van 18 januari. Want wat in ‘het gewone leven’ geldt, geldt ook in de kerk: eenmaal zo’n ervaring, en je zult niet gauw terugkomen. Hoe ben je gastvrije gemeente van de Here Jezus?
De Ruiter noemt drie dingen die te maken hebben met de sfeer in de kerk:
De belangrijkste vragen over de gemeente zijn ():
1. Is er een hartelijke liefde tot God?
Echte toewijding? Zijn gemeenteleden mensen die zeggen: “Jezus is alles voor mij en Hem wil ik volgen in alles”?
Leven we samen in de Naam van Jezus en voor Jezus? Als de gemeente zingt, bidt en luistert, wordt dat gedaan met passie, met een hartstocht voor de Here?
Is dat te merken aan de voorganger?
Is dat te merken aan de manier waarop de gemeenteleden erbij zitten? Zo nee - waarom zouden gasten dan nog eens komen? Als je ziet dat gemeenteleden zelf niet eens aangestoken worden door het evangelie en niet echt warm lopen voor God. Hoe halen die christenen het in hun hoofd mij uit te nodigen om te gaan doen als zij? Het getuigt van weinig respect voor medemensen als je ze uitnodigt voor iets waar je zelf niet eens warm of koud van wordt. Dat kun je niet maken toch. Dan heeft gastvrijheid geen zin.
2. Heerst de liefde onderling? Is er een hartelijke liefde naar elkaar? Er zijn gemeenten waarin mensen vriendelijk zijn. Op het eerste gezicht liefdevol.
Maar als een belangstellende wat langer meeloopt merkt hij soms hoe hard men elkaar kan veroordelen als het gaat om zogenaamde liturgische kwesties of om andere zaken. Dan is de liefde oppervlakkig. En dan hebben belangstellenden het ook gauw gezien.
Begrijpelijk. Want: óf het evangelie werkt niet óf deze gemeente begrijpt er niets van en daarom ga ik het elders zoeken.
3. Bewijst de gemeente (met haar mentaliteit; Filip 2:5) dat Jezus de levende Aanwezige is? Dán alleen heb je als gemeente gasten iets moois te bieden.
Dan merken gasten: hier is iets bijzonders.
En als ze dan voelen 'deze mensen willen mij daar ook graag in laten delen' dan is het echt christelijke gastvrijheid, die komt van en leidt tot Christus.
Vervolgens geeft De Ruiter een serie tips voor in en rond de kerkdiensten:
1. Welkomheters bij de deur (hoeveel hangt af van de grootte van de deur) groeten iedereen, zodat een gast niet het gevoel krijgt bijzonder op te vallen.
Zonodig kerkboek/bijbel aanbieden.
2. leder gemeentelid groet de mensen waar je naast gaat zitten of die naast je komen zitten. We leven toch niet ‘ieder voor zich’. leder kijkt om zich heen of hij/zij misschien iets goeds kan doen voor (letterlijk) z'n naaste in de kerk. Wens elkaar een goede dienst!
3. In veel gemeenten gaat de eerste mededeling altijd nog over de collecten.
Wat denkt een gast dan? ‘Oh, in de kerk is geld ook het eerste’.
Misschien is dat in uw gemeente zo, maar het geeft vaak een raar gevoel.
Onnodig toch. Praat pas over de collecte op het moment dat die gehouden wordt!
4. Laten mensen die een rol vervullen steeds er van uitgaan dat er gasten in de kerk kunnen zitten. Heet welkom.
Voorkom onbegrijpelijke termen.
Licht onderdelen van de dienst toe.
Teveel wordt nog de indruk gewekt dat er in de diensten een programma afgedraaid wordt. Vaak zelfs wat automatisch.
Voorgangers, neem de mensen (ook de gasten dus) mee in wat er gebeurt. Je helpt tegelijk ook eigen leden (jong en oud!) zich bewust te zijn wat we doen. We zijn maar niet in de kerk voor wat rituelen, maar bij God!
5. Laten predikanten zich bij preekvoorbereiding voorstellen dat iemand die onbekend is met het evangelie mee zit te luisteren. Je moet zo spreken dat voor zo iemand helder is waar het om gaat en relevant. Dat helpt ook je eigen leden. Die kunnen het dan ook beter doorvertellen aan hun collega's.
6. Koffie/thee na afloop (na morgenof middagdienst) is een mogelijkheid voor verder contact.
En dan nog twee andere tips:
1. Schep voor belangstellenden mogelijkheden om nader kennis te maken met gemeenteleden via een bijbelkring of (alfa)cursus. Heel vaak worden mensen zover gebracht dat ze gaan geloven doordat ze zien/beleven hoe christenen met elkaar omgaan en als ze in die warme gemeenschap mogen delen. Dan gaan ze onze hemelse Vader soms zomaar prijzen en erkennen dat Jezus leeft. Ze ervaren het in ons, het Lichaam van Hem.
2. Laten gemeenteleden zich laten toerusten in vrijmoedigheid om te spreken over het geloof. Af en toe eens een cursus volgen over hoe je een aanstekelijke, levende getuige kunt zijn, lijkt me voor heel veel gemeenteleden een must. Het bevordert m’n vrijmoedigheid om te spreken over de Here, als ik weet hoe ik het moet doen. () Gastvrij zijn is eigenlijk heel simpel: hebben we hart voor ongelovigen?
Gastvrije gemeente zijn is gewoon: hebben wij als gemeente hart voor ongelovigen? Is Christus in ons?
M.H.T. Biewenga, Enschede