Iraakse christenen van de regen in de drup

2004-05-28
  • Jaargang 48
  • nummer 11
De val van Saddam Hoessein zou meer vrijheid moeten brengen in Irak. Wie de tv beelden volgt ziet inderdaad dat 'vrije meningsuiting' te vaak gepaard gaat met geweld. In de huidige instabiele situatie is het lot van Iraakse christenen na de val van Saddam Hoessein opnieuw onzeker. Voor de zoveelste maal dreigt de geschiedenis zich te herhalen.
Tot de Iraakse christenen behoren vooral de Assyriërs. Daarvan wonen er nog ongeveer 1 miljoen in Irak. Dat is anders geweest. Reeds in de eerste eeuw na Christus bekeerden de Assyriërs zich op grote schaal tot het christelijk geloof. Tot 1400 was de meerderheid in de huidige regio, waartoe ook Irak behoort, christelijk. Daarna werd geleidelijk de Islam de overheersende godsdienst.

Met name rond 1900 nam de verdrukking toe. Tussen 1914 en 1919 werden een half miljoen Assyrische christenen door de Turken en Koerden vermoord.
Mede om die reden kozen ze massaal de kant van de geallieerden in de Eerste Wereldoorlog. Na 1918 beloofden de geallieerden de Assyriërs een eigen staat. Die belofte werd echter gebroken.
Na het vertrek van de Britten uit Irak werden tienduizenden Assyrische christenen door het Iraakse leger vermoord.
Toen na de Golfoorlog Noord-Irak een autonome regio werd met een Koerdische meerderheid leken betere tijden aan te breken. Assyriërs werden officieel als minderheid erkend. Toch bleef er sprake van discriminatie door de Koerden. Ook werd duidelijk dat de internationale hulp die aan dit gebied werd verstrekt nauwelijks de christelijke minderheid bereikten.

Nieuwe kansen?
De val van het regime van Saddam en de opbouw van een democratisch Irak leken nieuwe kansen te kunnen bieden.
Helaas is de praktijk anders. Uit gesprekken die ik heb gevoerd met vertegenwoordigers van de Assyrische gemeenschap in de VS en Irak bleek dat het gevaar niet is geweken. Internationale hulp wordt voornamelijk via regionale en dus moslimleiders verdeeld en komt zelden of nooit terecht bij de Assyriërs.
Ook zijn er nog voortdurend problemen over de teruggave van eigendommen en bijvoorbeeld kerkgebouwen. Nu de Europese Unie heeft besloten om 160 miljoen euro steun aan het Irakese volk te verlenen biedt dat nieuwe kansen om ook recht te doen aan de christelijke minderheid.
Er is echter nog een tweede gevaar. In het eerste ontwerp voor een nieuwe grondwet voor Irak worden de Assyriërs niet als minderheid genoemd. Reden om samen met de Amerikaanse senator McCain dit zowel in Europa als in de VS aan te kaarten. Het belang daarvan gaat verder dan Irak. Ook in de buurlanden van Irak leven Assyrische minderheden (Iran, Turkije, Syrië, Centraal Azië).
Een erkenning in Irak kan de situatie ook voor hen verbeteren. Zoniet, dan zal de exodus doorgaan. Nu al leven er al drie maal zoveel Assyrische christenen buiten Irak dan in Irak zelf. Europa en de VS zouden er goed aan doen meer oog voor de Assyrische christenen te hebben. Meer toezicht op de besteding van hulp en een gerichte inbreng in de grondwetsdiscussie in Irak kan verbetering brengen. Voor de Europese Unie als hoeder van democratie en mensenrechten een uitgelezen kans om ook minderheidsgroepen zoals de Assyrische christenen een plek te geven in de Iraakse samenleving waarop ze recht hebben.

Albert Jan Maat is lid van het Europees Parlement voor het CDA en lid van de delegatie Centraal Azië

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief