Voor een ander en de Ander lijden

2004-08-06
  • Jaargang 48
  • nummer 15
Ontmoeting en gebed
Ieder mens wordt sterk gevormd door zijn of haar opvoeders. Noem eens twee waardevolle elementen die jij van je opvoeders hebt meegekregen en die je echt helpen in het leven. Noem ook eens iets dat je heel bewust achter je hebt gelaten en niet in praktijk brengt. Dank God voor je vorming en bidt of jullie Zijn aanwezigheid bewust zullen zijn.

Bezinning vanuit de Bijbel
• Mozes heeft als prins veel macht. Toch gebruikt hij die niet om anderen te onderdrukken. Integendeel, hij komt juist op voor zwakken en verdrukten. Het onrecht grijpt hem aan. Lees Ex. 2: 11-22 en let daarbij vooral op de verzen 12, 13 en 17. Mozes wilde iets aan de slechte omstandigheden van het volk Israël doen (zie Hand. 7: 25).
Hoe kom jij, als volgeling van Jezus van wie Mozes al iets liet zien, op voor de zwakken in onze samenleving? Hoe voel je je daaronder?
• Mozes’ keuze voor Gods volk wordt gemotiveerd door bloedbanden, maar vooral ook door zijn geloof (zie Hebr. 11: 24-26). Hij kiest heel bewust voor wat hij in het slavenhutje van zijn ouders aan normen en waarden en Godskennis heeft meegekregen en laat bewust de godsdienstige opvoeding van het Egyptische hof achter zich. Mozes’ keuze had lijden tot gevolg. Hij moest het paleis voor de woestijn verruilen. In welke situaties moet jij lijden omdat je volgeling van Christus bent? De Hebreeënbrief spreekt in dit verband over ‘rijkdom’.
Wat herken je daarvan wel en wat niet?
• Met zijn inzet loopt Mozes God voor de voeten. Want God had hem nog niet tot overste en rechter aangesteld (vs. 14).
Mozes moest ervaren: verlossen is Gods werk! Pas nadat God zelf Israël heeft verlost, stelt Hij Mozes tot rechter aan (Ex.18: 18). Ken jij situaties in je leven waarin je met eigen initiatief God voor de voeten liep en moest ervaren dat God via een heel andere kant en/of op een later moment stuur gaf?

Dank en voorbede
Dank God voor zijn Zoon Jezus, die om ons heeft willen lijden en voor zwakken opkwam. Bidt voor de lijdende kerk. Wie wil zingen kan denken aan Gez. 442 en Gez. 21: 3, 5 en 6.

In vs. 11 wordt de naam ‘Hebreeër’ gebruikt. Voor de herkomst van dit woord zijn op z’n minst twee verklaringen.
Allereerst wordt gedacht aan Gen.10: 21, waar sprake is van Eber, een zoon van Sem. Hebreeërs zijn dus afstammelingen van Eber. Daarnaast wordt

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief