Een leven lang met Jezus
2003-03-14
‘Een leven lang met Jezus.’ Dat lijkt een beetje een dramatische uitspraak, maar als je de zestig gepasseerd bent is je leven hopelijk nog niet voorbij, maar wel overzienbaar geworden. En ik realiseer me dat ik de meeste van die jaren bezig geweest ben met Jezus Christus en ik geloof dat Hij al die jaren bezig geweest is met mij.- Jaargang 47
- nummer 6
De Here Jezus
In mijn kindertijd hoorde ik over de Here Jezus. Op school, thuis en in de kerk. De Here Jezus was goed, Hij deed goede dingen voor de mensen en Hij hield ook van kinderen. Zoveel begreep ik er van. Maar Hij bleef toch een beetje een bleke figuur en dat werd nog versterkt door de afbeeldingen die er van hem waren op school.
Een beetje zoetige figuur op een grasveld met allerlei kinderen van allerlei kleur om hem heen, waaronder een bloot negertje. Het geheel was uitgevoerd in pastelkleurtjes en het sprak met niet erg aan. Maar ja, de Here Jezus was er en Hij was belangrijk, zoveel stond wel vast.
De Christus
Toen ik langzamerhand iets van de preken in de kerk leerde begrijpen hoorde ik niet zo zeer meer over de Here Jezus maar over ‘de Christus’.
Vooral dat lidwoord (correct overigens) had een vervreemdende uitwerking.
‘De Christus triumfeerde’, zo heette het en we ‘roemden in Hem’, maar dicht bij mijn hart kwam het niet. Ik hoorde en begreep ook wel dat Jezus voor mijn zonden was gestorven en dat ik door zijn bloed was gerechtvaardigd. Maar ik aanvaardde dat zoals ik aanvaardde, dat water kookt bij honderd graden Celsius. De theorie kwam er behoorlijk in. Ik kon mijn verbaasde synodale vriendjes uitleggen waarom hun kerk verkeerd zat door hen te wijzen op het ongerijmde van de leer van de veronderstelde wedergeboorte en daarmee oogstte ik wel een zekere bewondering maar ik kreeg ook de naam een beetje vreemd te zijn.
Soteriologie
Tijdens de studie theologie werd echt pas echt menens. In de 'soteriologie' (de leer van de redding) werd voor mijn gevoel de levende Jezus begraven onder schema's en modellen. Ik heb het nooit durven toegeven, maar vooruit - het zal nu wel niet meer tegen me gebruikt kunnen worden - ik snap-
te er eigenlijk niet veel van. Je hoefde maar één woord verkeerd te zeggen en je zat helemaal in de verkeerde hoek.
Theologie heeft vele leuke kanten, maar de dogmatiek heb ik nooit helemaal doorgrond. Daarmee wil ik niet zeggen dat enig ordelijk denken niet nodig is, maar ik heb in de loop der jaren steeds meer de indruk gekregen, dat Jezus verheven is boven alle pogingen om Hem vast te leggen.
De Heer
Intussen had ik ook wel kennis gemaakt met de pinksterbeweging.
Enerzijds was ik er door gefascineerd, aan de andere kant stootte het me af.
Ik heb nog steeds mijn positie ten opzichte van de evangelische wereld niet goed kunnen bepalen. De pinksterbroeders gingen met grote vrijmoedigheid om met 'de Heer': ‘De Heer zei vanmorgen nog tegen me…’ - dat soort teksten. Daar heb ik nooit aan kunnen wennen. Ik ervaar er, ondanks de pretentie van ‘diepheid’ een zekere 'platheid' in. Voor mijn gevoel liggen de dingen toch iets ingewikkelder en ongrijpbaarder.
Jezus in de prediking
Als je moet preken dan moet je je iedere keer opnieuw met Jezus bezighouden.
Dat is een groot voorrecht. Ik bedoel: Je kunt er niet onderuit en dat betekent iedere keer een bezinning en confrontatie. Door er zo intensief mee bezig te zijn is Jezus meer voor mij gaan leven. Ik heb grote bewondering voor zijn wijsheid, mensenkennis en gevatheid, voor de grote en blijvende waarde van zijn uitspraken en iedere keer ontdek je er weer iets nieuws in.
Steeds word je door Hem de spiegel voorgehouden en je voelt je gekend.
Het kruis
Kruis en opstanding zijn ongetwijfeld de meest cruciale momenten in de heilsgeschiedenis.
Maar eigenlijk is het te groot om het te begrijpen. We staan in de stille week rond het kruis, maar we doen dat ook in stilte. Het kruis vraagt om eerbied.
Luide woorden zijn daar taboe. Het is een mysterie in de goede zin van het woord. Een geheimenis. God die zich in Christus met de wereld verzoent.
Tijd voor verwondering en niet voor redenaties. Tijd voor diepe poëzie. Jan Wit heeft gedicht: ‘Wij hebben in zijn stervensnood uw diepste woord vernomen.’ Het gebeuren in Getsemane heeft mij diep getroffen. Hier kom ik niet een bleke figuur tegen die van alle mensen houdt. Ook niet de triomfator, maar een mens van vlees en bloed, die zo is ingegaan in het mensenleven dat Hij wankelt onder de last die Hij op Zich heeft genomen. Jezus Christus, die vraagt om een alternatief voor het lijden: ‘Indien het mogelijk is laat deze beker Mij voorbijgaan’.
Emma.sgangers
Jezus heeft ons niet alleen gered maar Hij wil ons ook tot zijn discipelen maken.
‘Maak alle volken tot mijn discipelen en leert hen onderhouden al wat ik u bevolen heb’, luidt zijn laatste opdracht aan de discipelen.
Als ik vooruit kijk de toekomst in dan denk ik dat we ons in deze tijd moeten concentreren op dit discipelschap.
Dat betekent dat we leven naar Gods wil. Maar dan kunnen we nooit om Christus heen. We kunnen voor God niet komen dan in Hem en we kunnen onderweg niet verder als Hij niet met ons mee gaat.