Een tragisch ideaal
2006-04-14
Een hoeksteen in het verzuild bestel.- Jaargang 50
- nummer 8
Zo heet het boek van A.Th. van Deursen over de geschiedenis van de Vrije Universiteit 1880-2005. Abraham Kuyper, de klokkeluider der kleine luyden, had de VU nodig als kweekplaats van leiders voor het gereformeerde volksdeel in opmars. Hij was gegrepen door een machtig ideaal. Een eigen krant en politieke partij waren er al; een eigen kerk was op komst. Op alle terreinen van het leven moest, op basis van de gereformeerde beginselen, de heerschappij van Christus als Heer tot gelding worden gebracht. De leiders van dit neo-calvinistische reveil moesten aan een eigen gereformeerde universiteit worden opgeleid – vrij van staatsinvloed en kerkelijke bevoogding.
De invloed van de VU in de gereformeerde wereld is groot geweest. Ze had daar een meelevende achterban, die ook een stem had in de ontwikkelingen aan de universiteit via de vereniging waarvan de VU uitging.
Voor zover de gereformeerde wereld vandaag nog bestaat, speelt de VU er nauwelijks nog een rol van betekenis.
Kuypers ideaal is niet meer.
Twee problemen heeft de VU in haar gereformeerde jaren nooit kunnen over-winnen. Ze heeft zelden of nooit wetenschap op basis van gereformeerde beginselen kunnen ontwikkelen. Verder heeft ze van meetaf aan een groot tekort gehad aan wetenschappers uit eigen kring of daarbuiten die in dat ideaal geloofden. Steeds minder geleerden konden met een eerlijk geweten de gerefor-meerde grondslag van de VU onderschrijven. Terwijl de achterban lange tijd in Kuypers ideaal bleef geloven, was het vuur aan de VU al lang gedoofd. De VU wil nog altijd een christelijke universiteit zijn. Maar dat christelijke zit niet in de wetenschapsbeoefening zelf. Hier onderscheidt de VU zich weinig van andere onderwijsinstellingen.
Is Kuypers ideaal van wetenschap op basis van gereformeerde beginselen door gereformeerde belijders ooit levensvatbaar geweest? Het lijkt er niet op. Is christelijke wetenschap al moeilijk realiseerbaar, een gereformeerd alternatief is gewoon onmogelijk. Wetenschap, deel als ze uitmaakt van Gods geschapen werkelijkheid, onttrekt zich aan een exclusief-christelijke benadering. Voor christenen in de wetenschap blijft de vraag naar de relatie tussen bijbel en wetenschap van fundam enteel belang. Maar het eventuele antwoord levert geen christelijke wetenschap op.