NGK-Groningen neemt afscheid van onderkomen

2003-11-07
  • Jaargang 47
  • nummer 22
Valt of staat de Tehuisgemeente met het staan of vallen van het Tehuis?
Dat valt te bezien. Sterker nog, dat viel te bezien, en wel op zaterdag 25 oktober in het Tehuis. Daar werd feestelijk, maar niet zonder weemoed, afscheid genomen door de zogenaamde ‘Tehuisgemeente’ van dit congrescentrum.
Het in hartje stad gelegen gebouw heeft sinds jaar en dag, tegen een billijke huurprijs, voor de zondagse diensten onderdak geboden aan de Nederlands Gereformeerde Kerk in Groningen. Het wordt binnenkort gesloopt.
Een gemeente die haar naam ontleent aan een gebouw waarin het vanaf haar ontstaan eind jaren zestig vrijwel onafgebroken tot en met zondag 26 oktober 2003 ter kerkdienst is bijeengekomen kan niet stilzwijgend verhuizen naar een andere locatie.

Na een weken- en op onderdelen zelfs maandenlange voorbereiding was het zaterdagmiddag zover. Vanaf vier uur druppelde men het Tehuis binnen: jonge gemeenteleden, oude gemeenteleden, oud-leden, gastleden, vrienden van de gemeente: stampvol werd het. De organisatoren en helpers waren toen al uren aan de slag geweest, en dat was te zien.
Zoals op zo vele zondagen voor en/of na de dienst kwam ook nu de uitnodigende koffiegeur ons tegemoet. Nog voor de koffie was bereikt werden al handen geschud en kreeg ieder de eerste verrassing in diezelfde handen gedrukt: een prachtige feestuitgave van ‘De Brug’, het contactorgaan van de Tehuisgemeente.
Met voorop gedrukt het veelbelovende programma voor de middag en de avond. En verder: interviews met leden van het eerste uur, jong en oud, van het hart van de gemeente tot aan de rand; met een boeiend overzicht van de (relatief geringe) wereldse bezittingen van de gemeente (een orgeltje hier, een drukpersje daar, dat soort zaken); met een geschiedkundige beschrijving van muziek en de Tehuisgemeente; met, heel passend, want zo verbonden met het kerken in het Tehuis, nogmaals aandacht voor de nog niet zo lang geleden overleden Abel Oosterveld, onze geliefde (naar ook op deze dag uit verschillende bijdragen weer bleek) en karakteristieke koster; met amusante wist-u-datjes; en dat alles: met liefde gemaakt.

Kunst
Bij de Tehuisgemeente verwacht je kunst, daarin immers heeft zij vooral de laatste jaren een naam hoog te houden: deze explosie van talent schijnt tot ver over onze landsgrenzen bekend te zijn geraakt. En kunst was er te zien. Om te beginnen was de kerkzaal, waar de leden, gasten en gastleden zich onder het genot van koffie en koek aangenaam verpoosden, prachtig versierd met de werkjes en werken van onze jonge talenten: alle jeugdgroepen, tot aan de jongste, hadden hun best gedaan, en het resultaat was de moeite van het beschouwen meer dan waard. Ook had de buitengemeen getalenteerde schilder- en tekenclub van onze gemeente voor deze dag speciaal haar werk tentoongesteld, en Ko Bulthuis, als cartoonist, verzorgde een unieke verzameling portretten van gemeenteleden.
Maar ook de eigentijdserd die meer met moderne media opheeft kwam ogen te kort. In verschillende hoeken van de feestzaal trof men uitstekend verzorgde dia- en filmvoorstellingen aan, waaruit duidelijk bleek dat onze gemeenteleden ook vroeger sterk aan modetrends - te korte roklengte en te weelderige baardgroei - meededen.

Buffet
Tijdens het buffet: Gemoedelijkheid: Hoe gaat het met jou? Weet je nog dat Abel… Hé, jaren niet gezien.
Ben jij hier ook lid geweest?
Hartelijkheid: Kom eens langs. Oh, nou dan help ik je wel een keer. Ontspanning: Mensen met bord en glaasje: dwalend door de gang, even prikbord lezen, keuvelend in de kerkzaal, versieringen bekijken, nog even weer stilstaan bij die film uit 1990, oh ja, dat trappenhuis, dat gedateerde buffet. Sanitaire stop: een bedenkelijke rij urinoirs waar je des zondags over de tussenschotjes even kort de preek kon doornemen.
Of de uitslagen uit de eredivisie. De sfeer: de combinatie van de Tehuisgemeente met het Tehuis: hij is er eigenlijk elke zondag.
Maar nu, met al die gasten, oudleden en belangstellenden, was die er in optima forma.

Kostbaar kleinood
Het avondprogramma begon met de onvergetelijke film van de heer K. Bolt, die 260 uur film over alles wat het Tehuis als kerkgebouw en zijn Tehuisgemeente kenmerkt, terugbracht tot twintig minuten. Een kostbaar kleinood. Hulde. (Te bestellen voor tien euro, winst voor World Servants.) Na deze film het welkomstwoord van mevrouw Oppewal, voorzitter van de kerkenraad.
De rest van de avond bracht om te beginnen een aantal twee-minuten-bijdragen van ‘zomaar’ een paar gemeenteleden: een lieve herinnering; een kunstzinnig doorkijkje op ons gemeenteleven; een mop; een klein maar treffend toneelstukje. De kerkenraad zong een lied. Humoristisch.
Roerend ook. En het werd goed gezongen. De veiling.
Hoe verslag te doen van zulk een veiling. Twaalf unieke borden met opdruk ‘Het Tehuis’. Gered van een gewisse vernietiging. Wat een feest. Wat een vrolijke puinhoop.
Kom daar eens om bij Sotheby’s.
De licht onbetrouwbare veilingmeester wist de waarde van het zeldzame eetgerei in recordtempo tot tomeloze hoogten op te werken.
Daar het ook nog om een goed doel ging (opbrengst voor World Servants), en men elkaar zag en hoorde bieden, werd er als gekken geboden. De borden bleken zeer gewild.

Lied
Na de pauze zong de cantorij een lied: fraai uitgevoerd en getoonzet op het Gronings Volkslied. Dan betreedt de quizmaster het podium al. De elkaar te bestrijden kandidaten worden zonder pardon uit het publiek geplukt.
Geholpen door twee jeugdige Leontiens speelde hij het spel.
De vragen hadden een licht karakter. Niet zozeer lichtzinnig als wel onzinnig. Maar gingen steevast over het Tehuis.
En over de Tehuisgemeente en haar leden. Ik laat het bij de mededeling dat de quiz hilarisch was.
Tot slot betraden een niet onknappe, verstandig uitziende jongeman en een lange, onnozele slungel het podium.
Zij waren het van meet af aan oneens. Het Tehuis was mooi, goed en onvervangbaar. Nee, het Tehuis was lelijk, slecht en had al lang verlaten moeten worden. Dit conflict werd breed uit gemeten. Maar dan de gelukkige conclusie: de Tehuisgemeente valt of staat niet met het staan of vallen van ‘Het Tehuis’.
De avond was daarmee min of meer ten einde gekomen. Wij verwelkomen u graag in ons voorlopig nieuwe onderkomen: het Willem Lodewijk Gymnasium, Verzetstrijderslaan 220 te Groningen, zie www.tehuisgemeente.nl

Een laatste dienst
Een nostalgisch weekend. Zesentwintig oktober 2003: de Tehuis-gemeente kerkt voor het laatst in ‘het Tehuis’ en verhuist dan naar de aula van een school.
We zijn met een kleine 300 mensen bij elkaar. De koster blijft stoelen aanslepen.
Het kost geen enkele moeite me de eerste keer te herinneren dat ik het Tehuis binnen kwam. Ik was hervormd, lid van de studentengemeente die kerkte in de prachtige Martinikerk met een hoogkerkelijke liturgie. Nu kwam ik mee met Dick, een medestudent met wie ik bevriend was geraakt Hij was Nederlands Gereformeerd…. nee! 'buitenverband'.
Wat zou dat zijn? Ik stapte benieuwd de lelijke zaal zonder daglicht binnen, met op het podium, achter een lessenaar, dominee Kranenburg die halverwege de dienst zijn colbertje naar de eerste rij gooide. Niet de vorm, maar de inhoud, daar ging het om. Was dat nou 'buitenverband'?
Ik leerde er bidden in een groep, ik leerde er de antithese. Ik kreeg er vrienden. Dominee Kranenburg trouwde ons, Meint van de Berg doopte ons eerste kind. De gemeente stuurde ons uit naar Afrika en bevestigde Dick als predikant.
Mensen die 20 jaar geleden erg oud waren lijken dezelfde oude mensen. Onze leeftijdgenoten zijn ineens grijs geworden. De kinderen van toen brengen hun kinderen naar de crèche. Een kind of vijftig. Er zijn hier mensen van wie en met wie ik veel geleerd heb Er zijn veel onbekenden.
Mevrouw Kranenburg is er alleen.
Reinier van den Berg staat, als ouderling van dienst, waar jarenlang zijn vader stond, even rustig en minzaam. Sinds Meint wordt bijna iedereen bij de voornaam genoemd. Drie à vierduizend kerkdiensten zijn hier gehouden.
Inmiddels zijn er ramen gekomen in een van de wanden.
Als Paul Kurpershoek achter de inklapbare kansel gaat staan en 'Goedemoren gemeente' zegt, rommelt het door de rijen: 'Goedemorgen'. O ja! Altijd leuk als een gastpredikant daar van schrok! Tehuisgemeente: een tikkeltje tegendraads. Kinderen aan het avondmaal en de vrouw in het ambt, al lang. Veel beeldende kunstenaars, (tegen het podium op is een prachtig herfst tableau gemaakt en aan de wand hangen schilderijen) een orgel en een piano en een groep mensen die bewust nadenkt over muziek in de kerk, een dwarsfluit een cornet.
World Servants met een project in India krijgt ruim aandacht.
Paul Kurpershoek leest het gebed van Salomo bij de inwijding van de tempel. Wat is een kerkgebouw?
Het is de plek waar God en mensen elkaar ontmoeten.
Waar ze elkaar wat te zeggen hebben en waar geluisterd wordt. Zo'n plek kun je verhuizen.
Niemand zegt eruit dat het Tehuis zo'n mooie plek was.
Functioneel was het wel en er liggen zo veel herinneringen.
Dus de sfeer is Gronings weemoedig, geen sentimentaliteiten.
Koffiedrinken na de dienst. Als er iets meegedeeld moet worden springt er iemand op een tafel en fluit hard op zijn vingers. Het werkt, iedereen is even stil. Dat zal de gemeente wel meenemen naar die school: geen gezeur, inhoud boven de vorm. Ik voel me inmiddels behoorlijk nederlands gereformeerd en dat heb ik hier geleerd.
Jeannette Westerkamp, Houten

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief