Contextueel bijbellezen
2006-06-23
De gedachte dat een bijbeltekst meer dan één betekenis kan krijgen, vormt een belangrijk uitgangspunt van de ‘contextuele hermeneutiek’. In met name de Derde Wereld is deze tamelijk nieuwe vorm van hermeneutiek populair. Heel bewust wordt de bijbel gelezen vanuit de wereldbeschouwing en levenssituatie van de lezers (de context). Daarbij vraagt men zich af wat een gelezen bijbelgedeelte betekent voor het leven van de mensen (hermeneutiek). Diverse Afrikaanse theologen stellen dat een bijbeltekst in Afrika pas echt betekenis krijgt, als hij wordt gelezen door een Afrikaanse culturele bril. Maar ik heb mij in mijn doctoraalscriptie afgevraagd of zo werkelijk wel voldoende recht wordt gedaan aan de bedoeling van de bijbeltekst.- Jaargang 50
- nummer 13
Professor Justin S. Ukpong uit Nigeria stelt dat de bijbel in Afrika tot nu toe gelezen wordt met westerse ogen.
Volgens Ukpong kan de bijbelinterpretatie hiervan worden vrijgemaakt door de bijbel ‘contextueel’ te interpreteren.
Kort gezegd komt Ukpongs methode hierop neer: de bijbeltekst wordt door een theoloog samen met een groep (theologisch) ongeschoolde Afrikanen gelezen. Hierdoor ontstaat een dubbele beweging tussen tekst en hedendaagse context. Enerzijds verbreedt de Afrikaanse wereldbeschouwing en Afrikaanse levenservaringen van de lezers het begrip van de bijbeltekst. Anderzijds oefent de bijbeltekst kritiek op de specifieke hedendaagse context van die lezers.
De praktijk
Ukpong beschrijft hoe de gelijkenis van de onrechtvaardige rentmeester (Lucas 16:1-13) wordt gelezen met de ogen van West-Afrikaanse palm- en cacaoboeren. Die zijn arm en identificeren zich met de pachters uit de gelijkenis.
In hun ogen buit de rijke landheer de pachters uit. Dat ervaren zij zelf ook: zodra de rijken hun rijkdom hebben vergaard, menen zij alleen recht te hebben op al het geld en worden de armen verdrukt.
Hierachter schuilt een verdrukkend economisch systeem. De rentmeester maakt aanvankelijk deel uit van dit systeem. Dan wordt hij er zelf het slachtoffer van. Hij ziet maar één mogelijkheid, namelijk de macht, die hij nog korte tijd heeft, te gebruiken tegen het systeem. Hij doet dit door de schuld van de pachters te verkleinen.
Hierin zit iets van erkenning van eigen schuld. Wat de pachters ontvangen, is echter geen liefdadigheid, maar gerechtigheid. Zij hebben altijd geploeterd voor de rijkdom van de landheer. Nu komt iets daarvan weer bij henzelf terecht. In het denken van de rijke landheer is dit onrechtvaardig. De pachters waren hem dat geld verschuldigd. Hun deze schuld kwijt te schelden is onrecht. Maar de rijke landheer komt tot bezinning door de impliciete kritiek van de rentmeester en erkent diens gelijk door hem openlijk te prijzen.
Invalshoek bepaalt betekenis? Volgens Ukpong heeft de westerse interpretatie zich altijd vereenzelvigd met de rijke man en zijn economisch fundament van uitbuiting. Hierdoor werd de rentmeester als onrechtvaardig bestempeld en bleef (het economische systeem van) de rijke boven alle kritiek verheven. Maar nu de gelijkenis wordt gelezen vanuit de context van arme Afrikaanse boeren, blijkt de gelijkenis ineens een protest te zijn tegen de rijke landheer en het sociale en economische onrecht in de maatschappij. De rentmeester is de held van het verhaal.
De gekozen invalshoek lijkt dus te leiden tot een bepaalde interpretatie. Is dat juist? Is de context van waaruit de bijbeltekst wordt gelezen, bepalend voor de betekenis? Anders gezegd: hangt het er maar vanaf vanuit welke levenservaring, interesse en vooronderstellingen je het verhaal leest, wat het verhaal zegt?
Patronage
Toen ik Ukpongs interpretatie voor het eerst las, was ik ervan onder de indruk. Terecht stelt hij dat Lucas zware kritiek heeft op de rijken van Israël. Maar toen ik wat beter ging kijken, viel een aantal dingen op. In Ukpongs onderzoek van de historische achtergrond laat hij enkele aspecten onderbelicht, bijv. dat patronage in die tijd een belangrijke rol speelde. Uit de opbouw van de tekst zelf blijkt vervolgens dat de gelijkenis niet in de eerste plaats een kritiek is op de rijke landman, maar helemaal draait om de rentmeester en hoe hij handelt. Het is ook niet de rijke man, maar Jezus die de rentmeester onrechtvaardig noemt. Tenslotte valt op dat Ukpong weinig aandacht besteedt aan wat meteen volgt op de gelijkenis. Patronage werkte in die tijd als volgt. Tegenover het verlenen van een bepaalde gunst, bijv. het lenen van een som geld of het verschaffen van een baan, stond de acceptatie van de verplichting tot dankbaarheid. Die bestond onder meer uit het in huis verwelkomen van een patroon, mocht die in de buurt zijn. Maar de belangrijkste taak van een cliënt was de naam van zijn patroon hoog te houden. De rentmeester uit de gelijkenis schaadt de naam van zijn patroon, de landheer, doordat hij diens bezit verkwist voor eigen genot en plezier (vergelijk Lucas 15:13) Daarom krijgt de rentmeester zijn ontslag aangezegd. Zijn plan behelst nu zelf als een ‘lagere’ patroon, een zogenaamd ‘tussenpersoon’, op te treden: door de schuldenaars een enorme verlichting van hun schuld te geven, verzekert hij zich van hun verplichte dankbaarheid. Daarnaar verwijst het gekwalificeerde ‘in huis opnemen’ van vers 4. Tegelijk bewerkt hij daarmee dat zijn patroon enorm in achting stijgt als de meest gulle pachtheer ooit. Daarvoor prijst de rijke landheer hem. Maar de landheer kan deze actie natuurlijk nooit terugdraaien zonder dat zijn naam wordt geschaad. In het verhaal is de rentmeester onrechtvaardig, moreel laakbaar, omdat hij zijn taak (winst maken voor zijn landheer) verzaakt en bovendien de landheer manipuleert.
Kritiek
Met de overgang in vers 8b maakt Jezus dit voorbeeld van patronage met een verrassende wending tot een belangrijke levensles voor de leerlingen. In ‘aardse termen’ gesproken is het onrechtvaardig, wanneer een rentmeester gul is met bezittingen van zijn patroon. Maar in relatie tot God is het onrechtvaardig, wanneer zijn rentmeesters níet gul zijn met wat zij in beheer hebben. Dat komt doordat bezittingen op aarde, wanneer ze niet op deze manier worden gehanteerd, door God worden gezien als een concurrerende god. De omgang met je geld is een spiegel of een test voor je relatie met God. Ga je er als een gulle rentmeester, als een lagere
patroon, mee om door anderen te helpen en Gods doelstellingen te realiseren? Of ben je als de rentmeester in vers 1 alleen gericht op eigen genot?
Juist de relatie tussen maatschappelijke verantwoordelijkheid en de persoonlijke verhouding tot God, heeft Ukpong te weinig naar voren laten komen. Hij let speciaal op de dingen die hij belangrijk vindt. Ukpongs streven om armen te bevrijden uit hun penibele situatie verdient bijval. In de context van de arme Nigeriaanse boeren krijgt deze tekst een sprekende kleur. Net als een kameleon krijgt de bijbel dus kleur in een specifieke context.
Toch heeft ook een kameleon een basiskleur, net zoals de boodschap van het evangelie uitgaat boven de interpretatie ervan in een bepaalde context.
Ontmoeting
Wij lezen allemaal vanuit onze eigen ideeën, omgeving, ervaringen etc. Niemand kan onbevooroordeeld lezen.
Het wordt echter een probleem, wanneer er geen echte ontmoeting meer is tussen lezer en God. Dan bepalen wij met onze ideeën wat in de bijbel relevant is. Maar zo wordt het spreken van de bijbel ingeperkt en wordt ons denken niet vernieuwd (Romeinen 12:2).
Reageren?
redactie.opbouw@ngk.nl
In september 2005 is Tjitte-Haye afgestudeerd aan de Theologische Universiteit Apeldoorn. Hij heeft dit artikel geschreven naar aanleiding van zijn doctoraalscriptie over inculturatie-hermeneutiek. Hij en zijn vrouw zijn zich aan het oriënteren op werk in Centraal-Azië. |