Alsof je de wereld van Paulus instapt...
2002-03-22
Een vliegtuig kan een tijdmachine zijn. We stapten in vanuit een postchristelijk tijdperk, we stappen uit in een pre-christelijk tijdperk. Alsof je Handelingen 2 instapt, de eerste gemeente. Alsof je de wereld van Paulus instapt: blinde bedelaars, runderen die ploegen trekken, een lamme die gaat lopen na gebed, een bekeringsoproep met tientallen die hieraan gehoor geven, een man ontmoeten die sterk lijkt op Paulus. Een verslag van een reis door de tijd.- Jaargang 46
- nummer 6
Een terugblik
Hoe komt het dat twee Nederlandse predikanten 55 Indiase studenten lesgeven in de buurt van de miljoenenstad Calcutta, een stad met bijna zoveel inwoners als ons land. In een subcontinent dat met een miljard inwoners 1 op de 6 wereldbewoners herbergt.
Daar ging iets aan vooraf. Het begon met een contact dat prof. E. Schuurman had in Korea. Hij vroeg of daar in Seoul een theologisch student was die de steun van de Nederlands Gereformeerde Kerk te Breukelen waard was. Hij werd verwezen naar Sukrith Roy, een jonge man uit Calcutta die in Korea studeerde om in z’n geboorteland zendingswerk op te zetten. Die steun is gegeven, door Breukelen maar niet in het minst ook vanuit Korea, en niet tevergeefs. Tot op dit moment gebruikte God deze Sukrith Roy om meer dan 80 (!) gemeenten te stichten. Ook richtte hij een seminarie op waar voorgangers worden opgeleid, maar ook vrouwelijke evangelisten.
Verder zijn diverse projecten opgezet om het welzijn van gelovigen en niet gelovigen te bevorderen.
Artsen reizen mee met de zendingsteams, een lagere school is in aanbouw, er wordt gedroomd over een medische kliniek. Het bruist van leven en heeft allemaal z’n oorsprong in een bijbelse bron, de tempelbeek van Ezechiël 47.
Deze ontspringt in Jeruzalem, vruchtdragende bomen staan aan de oever en hun bladeren brengen genezing. Het is het verlangen van ds. Roy dat het seminarie een dergelijke bron van Levend Water wordt die een rivier op gang zet die breder en dieper wordt, stromend naar andere districten van India.
Spreek je met hem over dit visioen van Ezechiël dan komt er een verwachtingsvolle schittering in z’n ogen. God gaat iets groots doen in India. Een lijfspreuk van hem is dan ook de spreuk van de grote zendeling William Carey: ‘Verwacht grote dingen van God, verricht grote dingen voor God’. In een huis van moeder Theresa (die in Calcutta leefde en stierf) zag ik haar spreuk: ‘Laten we iets moois doen voor God.’ Beide spreuken zijn volledig van toepassing op het werk dat wij in India mochten meemaken.
Een klein begin
Na zijn studie in Korea begon Sukrith op zondag 25 feb. 1987 met zijn vrouw Sang Yee een gemeente (presbyteriaans) met in totaal 7 gelovigen. Ze stichtten een Ashram, een overkoepelende organisatie voor al het werk dat nog zou komen. Het jaar daarna, 1988, meert de Doelos van OM daar af en 300 zendelingen gaan de miljoenenstad Calcutta in, samen met christenen uit de plaatselijke kerken. Na een zegenrijke tijd vraagt de kapitein wie het zo belangrijke zendingswerk in deze miljoenenstad wil voortzetten. Niemand van de plaatselijke kerken, behalve Sukrith, steekt z’n hand op. Hij belooft dat zijn ‘gemeente’ verantwoordelijkheid gaat dragen voor één zaterdag per maand evangelisatiewerk in Calcutta en omgeving. Terwijl ‘zijn’ gemeente uit 9 mensen bestaat en de auto waarmee dit moest gaan gebeuren nog op gebed moest komen. En zo is hij van start gegaan. Er werd gebeden om een auto, deze werd gegeven op ‘de geboortedag van onze Heer’, met Kerst. Daarna zijn ze voortvarend aan het werk gegaan.
Geen sheepstealing
Het Woord van Paulus in Rom. 15:20 is zijn leidraad, het is zijn ambitie om het evangelie te verkondigen waar nog niet over Christus gesproken is.
Sukrith vertelde ons niet te geloven in geboortegroei, niet in ‘sheepstealing’ (schaapjes stelen), maar vooral in groei door bekering. En zijn land is er rijp voor. De velden met al haar miljoenen zijn wit om te oogsten. Al heeft de boodschap van onze Meester daar al enkele eeuwen vaste voet aan wal, het subcontinent India is nog een prechristelijk gebied, het draagt alle kenmerken van de gebieden waar Paulus doortrok.
Internationale steun
De grootste financiële steun voor deze organisatie komt vanuit Korea. Maar ook in Nederland is de Nederlands Gereformeerde Kerk te Breukelen niet meer de enige die steun biedt. De stichting EvTA (Evangelische toerusting Afrika/Azië) heeft de taak op zich genomen om ieder jaar in januari twee predikanten te sturen die samen drie weken lang het hele lesprogramma op zich nemen. De gedachte hierachter is het toerustingsmotief van Paulus (2Tim. 2), rust mensen toe uit het land zelf. De uitgezonden predikanten komen uit ons kerkverband, maar ook de vrijgemaakten en hervormden deden al mee. Dit jaar was ds G.J. Vogel uit Middelburg de eerste Christelijke Gereformeerde die dit werk met mij van binnenuit mocht meemaken.
Uit Korea komen, naast gastdocenten een aantal teams met 15 tot 20 jongeren uit Seoul om een week met muziek, dans en het gesproken woord te getuigen van Christus. Deze jongeren van 25-30 jaar sparen zelf voor hun reis, oefenen op hun vrije zaterdagen om gospelliederen te zingen en te dansen. Ze hebben veel bekijks: een Koreaanse uiterlijk, Westerse kleding en Koreaans/Westerse gospelmuziek gecombineerd met Aziatisch enthousiasme voor God, het is een mix waar ook wij als Nederlanders van onder de indruk zijn. Wanneer ik hen zie kijk ik met vernieuwd enthousiasme uit naar het hemelse Jeruzalem, waar alle volken iets van wat God in hen heeft gelegd mee zullen nemen (Openb. 21:26). Dat wordt een veelkleurig feest.
Waarom Nederlandse docenten?
Heeft het zin om voor een korte periode van drie weken naar zo’n ver land te gaan, niet alleen de afstand, maar ook de kloof van de cultuur moet immers overbrugd worden. De afstand in cultuur is de reden dat onze bijdrage bestaat uit bijbelse onderwerpen.
Ds Vogel besprak de Ik Ben woorden van Jezus, ikzelf de eerste brief van Paulus aan Corinthe. In de exegese ligt onze kracht, tot in Korea wordt met respect gesproken over wat God ons in Nederland op dit gebied gegeven heeft. De vertaalslag naar hun eigen cultuur moeten de studenten zelf maken. Wel merk je tijdens de colleges duidelijk dat je in een andere cultuur bent. Het probleem van het eten van offervlees, dat wij al meer dan een millennium niet meer kennen, is zeer actueel in India. En in het rijtje van evidente zonden komen drinken, roken en dansen voor.
De studenten
We hebben onze eigen theologiestudie naast die van hen gelegd. Ds. Vogel en ik zaten (o.a.) in Apeldoornse stoelen, een uitgebreide bibliotheek tot onze beschikking en aan het einde van de rit een gemeente die op je wacht en je met open armen begroet. Hoe anders is hun situatie! Voor de studenten die alleen het Bengaals machtig zijn is de keuze qua litteratuur zeer beperkt, hoewel hier aan gewerkt wordt. Aan het einde van de studie wacht er geen gemeente op hen, maar mogen ze in de omgeving waar ze vandaan komen een gemeente gaan opzetten. In gebieden waar de christenhaat toeneemt doordat het christendom groeit. Een student die vier jaar geleden onder ‘mijn gehoor’ zat, Rema, is spoorloos verdwenen, waarschijnlijk gedood. We hebben grote bewondering voor deze studenten.
Wij doorgronden de grondtalen beter, zij de grondbetekenis van woorden als dienstbaarheid, overgave, geloof.
Een reis in de tijd
Wie christenen in India ontmoet waant zich in de eerste christengemeente.
Alsof je Handelingen 2 instapt. De werking van de Heilige Geest is meer zichtbaar. Michael Green schreef dat zonder twijfel het meest typerende van de vroege kerk was dat er een ‘heartfelt praise’ was, een aanbidding van God die werkelijk aanbidding mocht heten. Dit nu hebben wij daar ervaren. Al zijn de kerken presbyteriaans en zeer degelijk gereformeerd in leer en kerkinrichting, wanneer je ze hoort en ziet zingen merk je dat wij als Nederlandse kerken onderweg iets verloren zijn. Ook wanneer je hun geloof ziet. Wanneer Paulus in 1Cor. 12 geloof als gave van de Geest noemt, bedoelt hij daarmee een bijzondere mate van geloof. Barclay noemt het ‘the power to realize the spiritual’, een kracht om het geestelijke om te zetten in de aardse werkelijkheid. Een geloof dat ergens op uitloopt, dat zichtbaar wordt doordat bergen verzet worden.
Dit geloof zagen wij in werking, zeker niet bij allen, maar toch. Ook de omgang met Sukrith verplaatst je schijnbaar terug in de tijd, alsof je met Paulus spreekt: bevlogen, krachtig, duidelijk, recht door zee. Niet altijd makkelijk voor zijn omgeving, maar niemand hoeft te twijfelen waar hij voor staat en gaat.
Daarheen, en weer terug.
Via dezelfde tijdmachine teruggekeerd naar 2002 houden we een aantal vragen over. In ons continent heeft eerst het geloof de cultuur doordrongen, daarna doordrong de cultuur ons geloof.
Hoeveel cultuur zit er momenteel in ons geloof? De Verlichting (eigen verstand eerst) heeft ons van veel ontvankelijkheid beroofd. Onze geest werkt als een parachute, hij werkt het best wanneer hij open is. Maar in onze cultuur sluiten veel vragen over God en zijn Woord die geest toe. De directe en verwachtingsvolle omgang met Gods Woord die we in India ontmoet hebben wordt in ons land al snel als evangelisch simplisme afgedaan. En ondertussen zien we dat dit Woord in India krachtiger werkt dan in ons land. Ons intellectuele klimaat (zeker ook in de NGK) belemmert onze naïviteit.
Verwachting van God
Ik maakte het mee dat Sukrith, nadat ik een evangelisatiepreek op een eiland hield, de mensen uitnodigde om hun leven aan Jezus Christus te geven.
Ongeveer 20 mensen kwamen naar voren en knielden op het grasveld.
Samen baden we het zondaarsgebed.
Ze schreven hun adressen op en op dit moment wordt er follow-up gegeven.
Ik zat vol ontzag voor God op dat grasveld. Mijn kleingeloof veronder stelde dat ruim de helft tot driekwart van het zaad vast op de rotsen zou vallen, maar mijn verbazing zei dat er dan nog een aantal overbleven waar voor eeuwig iets veranderd was. Twee weken later na terugkomst hadden we een evangelisatiedienst in onze gemeente in Veenendaal (nog steeds de jongste van ons kerkverband!), ook daar liet ik een duidelijke oproep horen om Jezus te volgen. Maar ik riep niemand naar voren om hiermee de keus te markeren. Gewoon vergeten? Of is de verwachting dat God werkelijk iets gaat doen ook bij mij persoonlijk in India groter dan hier ter plaatse?
Hoewel in diezelfde dienst een vrouw van begin 60 vertelde hoe ze door de Alphacursus tot geloof was gekomen…
Kleine oecumene
De EvTA zendt predikanten van verschillende kerken uit, naar Centraal Afrika en Azië. In andere culturen gaat de oecumene uitstekend. Of het nu een vrijgemaakte ds Brink is in Bangui of een Christelijke Gereformeerde ds Vogel in India, we werken samen.
Omdat we in die landen niet de luxe hebben van een vergevorderd christendom waar bijzaken als hoofdzaken worden gezien. Dit is zeker ook van praktisch belang (aldaar is ook de oecumene van het bed, een tweepersoonsbed), maar het heeft ook alles te maken met die reis door de tijd. Je bent daar in een tijd waar het stof der eeuwen nog niet op de boodschap is komen liggen. Het is de uitdaging om vanuit onze tijd weer terug te gaan naar dat goede begin met behoud van slechts het goede dat God ons in de loop van de tijden gaf.
Wilt u het goede werk van de EvTA steunen? Bankrekening 33.03.03.724 of Postbank 9710 t.n.v. Stichting EvTA, Ommen.
Meer informatie over hen vindt u in het informatieboekje van onze kerken, pagina 279-281.