Een zaak van goed vertrouwen?

2002-05-03
  • Jaargang 46
  • nummer 9
Vorige maand verscheen het boekje 'Het Moeder Teresasyndroom'. De auteur is Paula Lampe. Ze was 30 jaar lang als verpleegkundige werkzaam en is nu vooral bekend als publiciste.
De publicatie past in de lijn van het eerder in het najaar van 2000 in 'Opbouw' besproken boek 'Van moeten naar mogen' door Nancy Groom.
Waarom willen mensen anderen helpen?
Is dat omdat de ander hulp nodig heeft of is de hulpverlener zelf wanhopig op zoek naar waardering?
Als dat laatste het geval is spreekt men wel van hulpverslaving. De hulp aan anderen moet het eigen negatieve zelfbeeld camoufleren.

Mensen die lijden aan het Moeder Teresasyndroom laten -volgens Lampe o.a. de volgende kenmerken zien: ze hebben een overdreven verantwoordelijkheidsgevoel, ze hebben de overtuiging onmisbaar te zijn, melden zich nooit ziek, kunnen geen nee zeggen, gaan nooit op tijd naar huis, voelen zich ongemakkelijk als ze vrij zijn, kunnen slecht met kritiek omgaan en hebben een laag gevoel van eigenwaarde.
Het is een herkenbaar beeld in de hulpverlening, waar ook veel mensen in kerkelijke gemeenten wel een tikje van hebben meegekregen. Een 'tikje': dat wil nog niet zeggen dat er echt sprake is van verslaving. Dat is pas zo als de hulp aan anderen het hele leven beheerst omdat iemand zich leeg en nutteloos voelt als hij (of zij) even vrij is.
Jammer vind ik het dat de term naar Moeder Teresa verwijst. Niet iedereen die altijd klaar staat voor anderen hoeft dat te doen vanwege de kenmerken die hiervoor beschreven zijn.
Moeder Teresa was iemand die heel veel respect verdient vanwege haar enorme inzet voor de minst bedeelden in de samenleving. Dat haar naam nu verbonden wordt aan een mogelijke hulpverslaving vind ik spijtig.

Groepssymbiose
Op de hulpverslaving wordt hier niet verder ingegaan. In deze bijdrage wil ik enkele bladzijden over de zgn.
groepssymbiose uit het boek naar voren halen. In teams kan een bepaalde vorm van symbiose ontstaan, een versmelting tussen privé en werk, een groot saamhorigheidsgevoel waardoor mensen van elkaar afhankelijk worden. De afstand is onvoldoende om elkaar nog kritisch te kunnen volgen. Vooral onder zware omstandigheden hebben teams in de gezondheidszorg een 'samen' hard nodig, anders bezwijkt men onder de werkdruk en soms ook onder de traumatiserende omstandigheden. Een symbiose leidt echter gemakkelijk tot ontsporingen, zoals het Moeder Teresasyndroom.
Mensen houden elkaar de hand boven het hoofd waardoor misstanden soms jarenlang voort kunnen woekeren.

Passen of niet passen
Waaraan valt een groepssymbiose te herkennen? Enkele kenmerken binnen teams zijn: men is nauwelijks kritisch naar elkaar, fouten worden verborgen of ontkend, persoonlijke omstandigheden overstijgen de professionaliteit ('we moeten niet teveel op Jan letten, zijn vrouw is immers ziek'), werkafspraken vervagen, bij sollicitaties ligt het accent bij de vraag of iemand past binnen het team (in plaats van iemands professionele capaciteiten), mensen passen óf naadloos in het team óf ze passen er helemaal niet in, de leidinggevende verschuilt zich vaak achter de medewerkers en is teveel onderdeel van het team, de groep kan jarenlang bepaalde geheimen met zich meedragen (Paula Lampe ontleende deze gegevens aan de publicatie 'Vriendschap als valkuil' van J. Kooreman en S. Odekerken).

In de kerk?
De vraag voor 'Opbouw' is of een groepssymbiose binnen de kerken kan ontstaan. Te denken valt aan een bijbelkring, een kerkenraad, een gemeente in zijn geheel. Welke processen spelen zich af binnen een bijbelkring waarin mensen elkaar jaren lang kennen zonder dat er ooit een nieuw lid bij komt?
Wat is het risico voor een kerkenraad die steeds weer wordt aangevuld door dezelfde mensen? Ook een kerkelijke gemeente zou kenmerken van een groepssymbiose kunnen ontwikkelen.
De kerk wordt dan een club van gelijkgezinden, waarbij iedereen die iets anders denkt of voelt, of zich anders gedraagt, buiten de boot valt.

Geld mee naar huis
In een kerkelijke gemeente nam de penningmeester altijd het collectegeld na de kerkdienst mee naar huis om het thuis, samen met zijn vrouw, te tellen. De penningmeester had binnen de kerk en plaatselijk veel aanzien: eerlijk, betrouwbaar en hij stond altijd klaar voor anderen. Toen de heer Arends, een nieuw gemeentelid, de opmerking maakte of dit 'systeem' wel zo betrouwbaar was ontstond er beroering binnen de gemeente. Eigenlijk stelde Arends met zijn opmerking de integriteit van de penningmeester ter discussie. Enkele gemeenteleden namen hem dat Arends zeer kwalijk. De kerkenraad besloot uiteindelijk om de situatie zo te houden zoals het al jaren gegaan was. Men had er voor meer dan 100% vertrouwen in dat de penningmeester zijn werk goed deed. Er was immers nooit gebleken dat hij ook maar voor één cent gefraudeerd had.

Persoonlijk of zakelijk?
Bij de vraag naar de mogelijkheid van ongezonde verhoudingen binnen een groep (in dit geval: de kerk) gaat het er niet om of de penningmeester te vertrouwen is. Hoogstwaarschijnlijk is hij volledig betrouwbaar. Toch is de vraag wél: is deze situatie gezond?
Nee, dit is een situatie die risico's met zich meebrengt. De financiën vormen een zakelijk deel van het functioneren van de gemeente. Met zaken moet men zakelijk omgaan. In deze gemeente blijken de persoonlijke motieven (het vertrouwen in die aardige penningmeester) de zakelijke aspecten naar de achtergrond te dringen. Dat is riskant voor de penningmeester zélf, het maakt hem ook kwetsbaar voor mogelijke roddels (hij kan dan nooit het tegendeel bewijzen) én deze situatie vormt een risico voor de kerkelijke gemeente (waar blijft het geld? en: als de penningmeester ter discussie komt te staan ontstaan er gemakkelijk partijschappen). Een groepssymbiose kan in de kerk verstikkend werken: mogelijke misstanden worden bij voorbaat al met de mantel der liefde bedekt. Het kerkelijk samenleven is niet alleen een kwestie van goed vertrouwen, er zijn ook heldere werkafspraken noodzakelijk.

Naar aanleiding van: Paula Lampe, Het moeder Teresasyndroom (over: het persoonlijk motief in de hulpverlening). PMReeks (Nelissen, Soest), 161 pagina's, 17,50 Euro

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief