Een andere toon

2002-07-12
  • Jaargang 46
  • nummer 14
Zuidhorn, vrijdag 28 juni 2002: met algemene stemmen heeft de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt) besloten de ontmoeting met onze kerken voort te zetten. Het zijn - nog - geen gesprekken concreet gericht op kerkelijke eenheid.

Maar er wordt wel gesproken van een zekere toenadering. De preses van de synode noemde dat een verblijdende ontwikkeling en zei: ‘Ons hart gaat naar u uit’.

Dat is nogal wat! Als je dat vergelijkt met een aantal jaren geleden. Zelfs op de vorige Generale Synode, drie jaar geleden, was de toon nog een andere. Het gaat hard dus. Zo hard, dat je je afvraagt: wat gebeurt hier?
Je bent er blij mee, want ons hart gaat ook naar de vrijgemaakte broeders en zusters uit. Er is dankbaarheid en tegelijk verwondering. Niet alleen bij ons, ook bij sommige synodeleden zelf. Een afgevaardigde zei in de wandelgangen: ‘Als ik eerlijk ben had ik dit van mezelf 15 jaar
geleden niet gedacht.’

Dankbaarheid
De vrijgemaakte deputaten melden in hun rapport aan de synode, dat ze met dankbaarheid kunnen terugzien op de met onze commissie gevoerde gesprekken.
Dankbaarheid waarvoor?
In de eerste plaats voor de sfeer van die gesprekken. Over en weer was er de wil om elkaar echt te begrijpen. Er is begrip voor elkaars intenties. De sfeer was daardoor open en eerlijk, en meer ontspannen dan bij eerdere gespreksronden.
Met enige gretigheid pikte de synode dat op. Meermalen viel zelfs het woord ‘euforie’. Je proefde in elk geval een oprecht verlangen om onze kerken terug te vinden. Ook ter synode was sprake van veel dankbaarheid en hartelijkheid. Er werd door meerdere sprekers zeer positief gereageerd op de toespraak van de voorzitter van onze commissie, ds. W. Smouter (zie voorgaand artikel).

Kritische geluiden
Is het dan al bijna in kannen en kruiken?
Je zou haast die indruk krijgen. Maar zover is het nog niet. De vrijgemaakte deputaten spraken wel hun dankbaarheid uit ook vanwege de inhoud van de gevoerde gesprekken. Ze noemden die ‘zinvol’. Een synodelid wilde zelfs ‘een begin van overeenstemming’ constateren.
Waarover gingen die gesprekken?
Toch vooral over de binding aan de belijdenis. Ook ter synode werd meermalen het belang van deze binding geaccentueerd. Met als belangrijkste motief: de gemeente van Jezus Christus bewaren bij de leer van de apostelen en de profeten.
Gemeenteleden moeten niet worden lastig gevallen met de persoonlijke proefballonnetjes van een ambtsdrager.
Er is, zoals bekend, bij de Gereformeerde kerken Vrijgemaakt zorg over onze omgang met de belijdenis.
Ook op deze synode werd die zorg verwoord.

Serieus
Maar je merkt wel, dat de vraag aan onze kerken geleidelijk aan verschuift van: ‘Willen de NGK zich wel binden aan de belijdenis?’ naar: ‘Hoe doen de NGK dat, en is dat safe genoeg?’ Die vraag staat nog open. De GKV zien daarom met grote belangstelling uit naar de interne bezinning die onze Landelijke Vergadering op dit punt heeft gestart. Maar het feit dát deze bezinning gaat plaatsvinden wordt al als zeer positief ervaren. Omdat onze kerken daarmee duidelijk maken dat wij hun vragen serieus nemen. Aan de andere kant nemen de GKV (zo bleek in de gesprekken met de vrijgemaakte deputaten en ook ter synode) ook onze vragen serieus als het gaat over de ruimte die er moet zijn om aan de belijdenis eerlijke vragen te kunnen stellen.
Toegegeven wordt dat de manier waarop wordt zorg gedragen voor de eenheid in de leer kan verschillen. Onze kerken hoeven dat dus niet persé op een vrijgemaakte manier te doen. Met andere woorden: er is over en weer herkenning van de belangen én van de problemen bij dit punt.

Perspectief
Al met al werd op de Generale Synode in Zuidhorn gesproken over ‘een wissel om’ en ‘een stap verder’. Waar zit 'm dat in, deze verandering en deze vooruitgang? Toch vooral in een groeiend vertrouwen. Eén van de afgevaardigden zei bijvoorbeeld, dat hij blij was dat de Nederlands Gereformeerde Kerken niet meer als met een virusscanner gescand werden. Hij vond dat er tot voor kort veel teveel aandacht was uitgegaan naar de 10% verschillen, en dat daarmee geen recht werd gedaan aan de 90% overeenstemming. Het was ook opvallend dat de synode de voorstellen van hun deputaten eigenlijk te mager vond. Op een aantal punten werden ze in voor ons positieve zin bijgesteld. Bijvoorbeeld door de toevoeging, bij één van de besluiten, van: ‘We moeten bereid zijn van de NGK te leren’. Dat was typerend voor geest van de vergadering. Of moet ik schrijven: … de Geest van de vergadering?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief