Hoe het kleine circus naar de grote koning kan verwijzen
2009-10-23
‘Ik hoor en zie hier veel passie en drive voor Jezus. Ik zie mensen met de overtuiging: het kan niet zo zijn dat op de plaats waar onze kerk staat het straks over is.’ Met deze woorden begon Ad de Boer zijn terugblik op de conferentie Kansen voor Kleine Kerken. Zo’n 60 mensen die samen 15 kerken vertegenwoordigden, namen op 10 oktober in Nijmegen deel aan deze conferentie, die was georganiseerd door het Missionair Steunpunt.- Jaargang 53
- nummer 21
In zijn opening haalde Ad de Boer het eerste informatieboekje van de NGK te voorschijn. Sinds de publicatie hiervan zijn achttien (!) NGKs opgeheven. Enkele van deze gemeenten hadden in 1971 meer dan 300 leden. Vervolgens wees hij op twee positieve voorbeelden: de gemeentestichtingen in Amsterdam Noord en in Geuzenveld/Slotermeer. Aan de hand van Micha 2:12-13 stelde hij daarna de eerste vraag: ‘Waar gaat Jezus heen? Welk spoor trekt hij in onze buurt en stad? Wij moeten hem volgen. Hij is geen God ver weg, maar een God dichtbij.’
Gedurende de rest van de dag volgden geen grootse concepten en modellen, visioenen en idealen, maar voorbeelden van dichtbij en kleine stappen. Kerken werden uitgedaagd een eerste stap te formuleren. Mensen ontmoetten elkaar en wisselden ervaringen, ideeën en adressen uit.
Aan het einde van de dag was een van de conclusies, dat kerken onderling meer voor elkaar kunnen betekenen. Kleine kerken kunnen onderling vragen en expertise uitwisselen. Ook klein en groot kunnen van elkaar leren en elkaar ondersteunen. Ad de Boer vond, dat de regio’s daarin een grotere rol zouden kunnen spelen. Maar dan niet in vergaderingen waar we in een achterafzaaltje aan formicatafeltjes formele agenda’s afwerken. De rest van dit artikel bevat korte impressies van de onderdelen van de dag.
Kerk als circus Pieter Kleingeld, predikant van de NGK Maassluis en consulent van het Missionair Steunpunt vergeleek de kerk met een circus. De onwennigheid van de vergelijking vormde daarbij juist zijn vertrekpunt. Want, zowel kerk als circus roepen immers gevoelens van gedateerdheid en lichte weerzin bij buitenstaanders. Zowel kerk als circus moeten zich opnieuw uitvinden. De kansen komen, wanneer het circus opnieuw ontdekt dat het een verhaal vertelt van een land dat nu nog voorbij de horizon ligt. In alles wat het circus doet moet het dat land bijna belichamen – hoe voorlopig en onvolkomen ook. De clown vertelt het verhaal van sterven en opstaan. De acrobaten laten zien wat samenwerken en elkaar vertrouwen is. De man met de hondjes toont hoe de mens voor de schepping zorgt en haar onderwerpt. Circus is ook geen gebeurtenis in een tent. Circus is een way of life. Heel het circus verwijst naar dat andere land. Daarin liggen volop kansen om ook buitenstaanders uit te dagen om met deze vreemdelingen mee op reis te gaan. Juist het kleine circus heeft hierbij volop kansen.
Aansprekende preken die het hart raken In een kerkdienst die Koos Jonker, predikant van de NGK Hoorn, leidde, maakte de aankondiging van de geboorte van prinses Amalia meer los dan de verkondiging van de komst van Jezus. Die ervaring liet hem niet meer los. Hij citeerde John Piper: God krijgt de hoogste eer wanneer wij onze grootste vreugde vinden in hem. Volgens Jonker worden jongeren en niet-gelovige kerkbezoekers ‘geraakt’ wanneer ze zien dat mensen werkelijk blij zijn met God. De zoektocht naar deze blijdschap hield hij zijn publiek als vraag voor. Wat stralen wij uit van onze blijdschap? Wat willen wij anderen laten zien?
Jonker zoekt preken die het verstand aanspreken én het hart raken. Moderne mensen worden geraakt door logica, postmoderne mensen willen zien en ervaren dat het werkt. Daarom probeert hij mensen bij zijn preken te betrekken. Hij liet een man vertellen hoe zijn beeld over God als Vader veranderde toen hij zelf vader werd. Iets vergelijkbaars deed hij bij een preek over beproevingen. Bij een andere preek vroeg hij vooraf aan gemeenteleden waaraan zij dachten bij het woord thuis.
Een casus uit de praktijk Diederick Eikelboom, gemeentelid in Nijmegen en bestuurslid van het Missionair Steunpunt, liet zijn gehoor achter met een cliffhanger. De NGK Nijmegen 8 jaar geleden had 30 bezoekers, 60 leden, een predikant die vertrok , een regio die kritisch was over een nieuw beroep en financiële ondersteuning. Er was geen plan, geen methode en geen geld... De cliffhanger: wat zouden jullie doen?
Inmiddels heeft de gemeente meer dan 100 leden en worden de diensten door vaak door meer dan 100 mensen bezocht. De gemeente kent weer veel kinderen, heeft zeven Bijbelkringen en is nauw betrokken bij allerlei evangelisatieactiviteiten in Nijmegen.
Diederick noemde een aantal factoren die bij hebben gedragen. Genade, dat allereerst. Vervolgens: hernieuwd zelfbewustzijn. Door de kritische vragen van de regio was de gemeente gedwongen naar zichzelf te kijken. Wat is ons bestaansrecht? De NGK Nijmegen is geen vacante gemeente, maar een gemeente door (en voor) jonge mensen. Dit antwoord leidde tot nieuw zelfbewustzijn en saamhorigheid. Vervolgens ontwikkelde men meer visie op samenkomsten, verhuisde naar een kindvriendelijk gebouw en ontwikkelde men meer organisatie.
Daadkracht en levenswijsheid Mario van Zanten en Maikel de Kreek, respectievelijk ouderling en predikant van de NGK Rijsbergen, richten zich in hun bijdrage vooral op daadkracht en levenswijsheid. In de tijd van ds. Peter Sinia heeft de NGK Rijsbergen zich laten inspireren door Willow Creek en dit vertaald naar de situatie in Brabant. Het doel was dat minimaal 80% van de mensen zich achter de veranderingen schaarde, vertelde Mario. ‘100% lukt nooit’. Daarna is geprobeerd dat percentage in de uitvoering te verhogen. Cruciaal was dat predikant, voorzitter en kerkenraad achter de plannen stonden en goed samenwerkten. Ook kregen predikant en voorzitter voldoende tijd krijgen om het proces te begeleiden. Goede communicatie tijdens de veranderingen en geduld stond voorop. De NGK Rijsbergen heeft daarbij vooral ingezet bij jongeren. ‘Jongeren moeten de ouderen meenemen naar de kerk. De kerk zelf moet vervolgens aantrekkelijk zijn voor jong en oud.’ Maikel onderstreepte dit alles kort en kernachtig. Hij spoorde aan tot moedig leiderschap.
Vernieuwende huisgemeenten Gerard Markerink vertelde hoe de kleine GKV van Maastricht investeert in een huisgemeente in de wijk Wittevrouwenveld. Hier komen inmiddels 35 mensen samen. En het project plant zich voort. Toen een van de leden belijdenis deed, wilde zij ook zo’n kerk in haar wijk. Zo ging project Blauwdorp van start. Gerard vertelde hoe gereformeerde kerkstructuren kunnen helpen om vernieuwing continuïteit te geven. De GKV Maastricht wil met deze benadering mensen in hun eigen omgeving naar Christus leiden, nieuwe leiders ontdekken en vanuit de nieuwe gemeenschappen zichzelf weer laten vermenigvuldigen. De initiatiefnemers laten en lieten zich mede inspireren door conferenties van Redeemer in New York en een bezoek aan een huiskerken project in Sheffield dat gelieerd is aan Redeemer. Inmiddels is de expertise gebundeld in een opleidingsprogramma genaamd Bamboo.
De hand-outs van de dag zijn beschikbaar op missionairsteunpunt.wordpress.com.