In dat huis daar woont een vrouw

2002-08-23
  • Jaargang 46
  • nummer 16
Ik mag wel zeggen dat ik mijn sporen in het evangelisatiewerk verdiend heb.
Wat heb ik me uitgesloofd voor het Koninkrijk van God, samen met anderen.
Want zonder Eef was ik nergens geweest, en zij niet zonder mij. En Arie en An, Annie en Wil, Idelet, Riek, Annet en Mieke, Lydie. En nog vele anderen.
Al eerder had ik over onze ervaringen in het evangelisatiewerk iets opgeschreven.-
Over onze teleurstellingen: hoe weinig het in onze ogen opleverde.
Maar ook hoe verrassend het was als je soms na jaren een reactie kreeg waar je helemaal niet op gerekend had. Dit bracht, en brengt mij nu weer op de rustgevende gedachte dat onze opdracht alleen maar is: zaaien. En niet omkijken. Dat wisten we allang, maar we vergeten het telkens.
Je kunt op verschillende manieren evangeliseren, en er wordt onder ons veel aan gedaan om het evangelisatiewerk weer op poten te krijgen.
Nederland zendingsgebied, ongetwijfeld.
Alleen: denk niet in het groot. Denk klein.

Voorbeeld 1.
Een straat in een middelgrote stad.
Een gewoon gezin (kerkelijk) tussen onkerkelijke buren. Het enige wat opvalt is de zondagse kerkgang, terwijl de anderen uitslapen of al joggend rondjes lopen. Komt ernstige ziekte in het gelovige gezin.
Na verloop van tijd praat de hele buurt over de zorg waarmee kerkgenoten het gezin omringen. Hier wordt over gepraat en nagedacht. Dit is evangelisatie zonder woorden en de hulpverleners zelf hebben dat niet eens in de gaten.

Voorbeeld 2.
Neutraal verpleeghuis. Afdeling demente bejaarden. Hier woont Christa, ooit hoofd van een christelijke kleuterschool.
Heeft honderden kleuters bijbelverhalen verteld, zit nu aan tafel met Rita, oud verpleegster, humaniste.
In een paar maanden tijd zijn ze vriendinnen geworden. Beiden herinneren ze zich flarden uit hun jeugd, het heden is op dit moment al vergeten.
Hun gesprekjes veranderden in deze maanden langzamerhand van toon.
Was Christa eerst fel anti-humanisme en Rita fel anti-kerk, nu zijn ze milder voor elkaar geworden, hoe vergeetachtig ze ook zijn. 'Ik ben Hervormd gedoopt,' zegt Rita. 'We gingen niet vaak naar de kerk, maar als de tantes kwamen mochten we mee. Ja, ik ben wel in de kerk geweest hoor, vroeger.' Christa knikt. 'Rita gelooft ook. We praten over de Here. Ik moet hier toch over de Here praten.'

Voorbeeld 3
Christelijk opgevoede student aan neutrale universiteit, zelf als kerklid afgehaakt.
Zegt hoogleraar: 'Kan ik je na college even spreken, want ik ben verbaasd over je bijbelkennis. Kun je me er wat meer van vertellen? Ik weet er niets van.
Trouwens, de hele club weet niets, hoe kom jij aan die kennis? Je zou ons een groot genoegen doen als je ons wegwijs maakt in de bijbel.'

Hoe dan ook, het evangelie wordt gepredikt.

lYtje Veefkind, Amersfoort

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief