Jeugdkerk GodFashion geeft signaal aan de kerken

2002-10-18
  • Jaargang 46
  • nummer 20
Een duidelijker signaal kunnen jongeren de kerken niet geven. Meer dan 900 tieners vulden onlangs de aula van de Gereformeerde Hogeschool in Zwolle tijdens de vierde dienst van jeugdkerk GodFashion. Inmiddels is met de WRZVhallen een geschikte locatie gevonden om de explosief groeiende groep jonge belangstellenden te kunnen herbergen.
Jongeren willen God dienen. Op hun manier. Een mogelijkheid die de jeugdkerk in Zwolle ze biedt. Een gesprek met de initiatiefnemers.

Een ‘noodoplossing’, noemen ds Philip Troost en Rob Kuijpers de door hen opgestarte jeugdkerk in Zwolle. De vrijgemaakte studentenpastor aan de Gereformeerde Hogeschool Zwolle en de Nederlands-Gereformeerde docent groepswerk aan de opleiding voor Sociaal Pedagogisch Werk, liepen los van elkaar tegen hetzelfde probleem binnen hun kerken aan: de diensten gaan langs vele jongeren heen. Ze worden niet aangesproken en ze krijgen niet de ruimte hun gaven in te zetten.
Hoop op een radicale ommezwaai van denken, verwachtten de beide heren op korte termijn niet. Er moest dus een alternatief komen: een kerk voor jongeren.
De maandelijkse vieringen van jeugdkerk GodFashion zijn het gevolg.

Andere middelen
Een noodoplossing dus.
Toch moet er volgens Troost ook niet te moeilijk over worden gedaan.
‘Er is niets mis met een doelgroepbenadering.
Naast eenheid, is er ook verscheidenheid in een gemeente. Je hoeft niet alleen maar op die lijn van eenheid te blijven zitten. Daarnaast mag je best verschillende doelgroepen op hun eigen wijze benaderen. Je kunt dan denken aan kindernevendiensten, tienerclubs, bejaardenmiddagen en een jeugdkerk.’ Volgens Kuijpers is de boodschap die de kerken brengen uitstekend, maar is er heel wat mis met de manier waarop de kerken deze communiceren.
‘De vorm deugt niet. Het staat erg ver van de vormen van het dagelijks leven van jongeren. Denk bijvoorbeeld niet dat docenten op school nog moeten aankomen met een lezing van 30 minuten.
Waarom in de kerk dan wel die onemanshow van de predikant?
Onderzoek wijst uit dat slechts 5 procent van een gesproken boodschap blijft hangen. Kerken zullen dus andere middelen moeten aanwenden om hun boodschap over te brengen.’ Kuijpers raadt kerken daarom ten stelligste aan niet krampachtig vast te houden aan liturgische vormen uit het jaar 1600. ‘Wees eigentijdser. Ik denk dat we God tekort doen door zo bezig te zijn. Natuurlijk zijn er sprekers die een half uur lang kunnen blijven boeien. Petje af voor hen.
Maar het zijn er maar weinigen die deze gave hebben.’ De massale opkomst naar de jeugdkerk lijkt het gelijk van Kuijpers te bewijzen. Tijdens de diensten van GodFashion gebruiken de medewerkers namelijk tal van middelen om het goede nieuws van Jezus Christus over te brengen. Troost: ‘Ik denk dat kerken het signaal dat de jongeren afgeven door massaal voor de jeugdkerk te kiezen, serieus moeten nemen.’

Vervreemding
Als pastoraal medewerker van een christelijk hogeschool, merkt Troost in veel gesprekken met studenten, dat zij in de knoop liggen met de kerk.
‘Het zijn jongeren die echt helemaal voor God willen gaan, maar daarvoor geen ruimte krijgen binnen hun eigen gemeente. Er ontstaat dus een spagaat tussen God en kerk. Ik heb het dan niet over de leer, maar over de tradities. Jongeren vervreemden daarvan.
Ze voelen zich niet erkend.
Voelen zich eenzaam.’ Troost en Kuijpers kwamen bij elkaar en bespraken de plannen om een jeugdkerk op te richten. Hun voorbeeld was een jeugdkerk in Hellevoetsluis, Enter the Fish. De samenkomsten van deze jeugdkerk bleken veel jongeren aan te spreken. Ook de samenwerking met de bestaande kerken was goed. En ja, er kwamen jongeren tot geloof. Het kan dus tòch!

Contact met kerken
Om hun project te laten slagen, hebben Troost en Kuijpers contact opgenomen met enkele kerken in Zwolle.
In een brief hebben ze hun motivatie om een jeugdkerk te starten uitgelegd.
Troost: ‘We hebben de kerken om support gevraagd. Maar we hebben tegelijkertijd wel duidelijk gezegd dat we niet onder de verantwoordelijkheid van een kerkenraad wilden vallen. Dat werkt namelijk vertragend. We hebben vrije handen nodig om aan de slag te kunnen. We hebben immers met jongeren te maken.’ De reacties van de kerken waren divers.
Terwijl de ene gemeente direct financiële steun aanbood, hield de ander zich totaal afzijdig. Troost: ‘Angst is wel dat we de jongeren uit de gemeente wegpikken en zo de eenheid binnen een gemeente tekort doen. De meeste jongeren blijven hun eigen diensten echter bezoeken.’ De kans dat enkele jongeren hun eigen diensten minder zouden bezoeken, was voor de initiatiefnemers geen reden om dan maar af te zien van de jeugddiensten.
Kuijpers: ‘De overgrote meerderheid van de jongeren in Zwolle kent Jezus Christus niet. Maar wat doen de kerken? Die houden zich bijvoorbeeld bezig met ellenlange discussies of ze nu wel of geen kaars zouden kunnen laten branden in de kerk. Waar maken ze zich in vredesnaam druk over? De jongeren zouden meer aandacht moeten krijgen. Jongeren zijn
namelijk niet het probleem. Ze zijn de oplossing van veel schreefgegroeide dingen in de kerk.’

Ervaringstaal
Motto van GodFashion is dan ook te versterken wat goed is binnen de kerk en aan te vullen wat jongeren in de kerk missen. Troost: ‘We richten ons op de positieve christenen in de hoop dat zij de mindere enthousiaste jongeren zullen meenemen. Dit blijkt ook te lukken.
Jongeren die al jaren zitten te balen in de kerkbanken, komen naar GodFashion.’ Kuijpers: ‘Weet je hoe dit komt?
Omdat jongeren aangesproken willen worden op hun gevoel. Jongeren leren uit ervaring. Daarom doen wij appèl op hun hele mens-zijn. In een kroeg wordt ook hun hele lichaam aangesproken.
Wanneer ze aan de bar hangen, staan te swingen of een meisje zitten te zoenen. Ze zijn er helemaal bij betrokken.’ ‘Wanneer jongeren iets voelen, zullen ze zichzelf vanzelf afvragen waar dit gevoel vandaan komt. We moeten dus prikkelen in de taal die ze zelf spreken: de ervaringstaal.
Wij hopen dan dat dit stijgt naar de hersenen. Dus niet van het hoofd naar het hart, maar andersom.’ En wat met de jongeren die Christus zo leren kennen? Is het verstandig om hen direct door te verwijzen naar een plaatselijke gemeente?
Of kan hier maar beter mee gewacht worden tot ze stevig genoeg in hun geloof staan om de muren waartegen ze aan zullen lopen te kunnen trotseren? Troost: ‘Wij hebben een pastoraal team voor de opvang. Het is wat link om jongeren die zich aangesproken voelen, direct door te sluizen naar de bestaande kerken. Het verschil kan te groot zijn.’ ‘Ons pastoraal team heeft drie taken: Eerste opvang op de avond zelf, begeleidend pastoraat en de website.
Laatste is ook erg belangrijk.We hebben een forum waarop jongeren reageren op wat hen bezighoudt. Er zijn jongeren bij wie het geloof weer oplaait door bezoek aan GodFashion.
Wij willen hen uiteindelijk wel weer naar de kerk nemen. Maar we nemen hen bij de hand. We willen ze niet laten zwemmen. Maar inderdaad, GodFashion is geen eindstation.’ Naast de jongeren begeleiden, hopen Troost en Kuijpers dat ook de kerken durven in te zien dat ze zich zullen moeten aanpassen aan de tijd. Troost: ‘We willen een prikkel zijn naar de kerken toe. Het antwoord op de vraag of de jeugdkerken een blijvertje worden of een hype zijn die na een paar maanden weer verdwijnen, ligt niet bij de jeugdkerk, maar bij de bestaan de kerken. Als zij het oppakken en meer ruimte geven aan jongeren, zou het kunnen dat jongeren een kerk als GodFashion niet meer nodig hebben.
Commentaar is inderdaad dat we het contrast alleen maar versterken. Mijn reactie daarop is dan: doe er maar wat aan, kerken.’ ‘Jongeren hebben overigens heus wel door dat er niet alleen maar jongeren in een kerk zitten. Ze hoeven niet elke week een typische GodFashiondienst. Ze hebben best oog voor de verscheidenheid in de gemeente.’

Drama
Troost is van mening dat veel kerken de problemen waar jongeren tegen aanlopen te weinig inzien. ‘Dit merk ik vooral aan hoe mensen kunnen reageren op bepaalde zaken. ‘Drama in de kerk? Dat kan toch niet!’ Ik vraag me werkelijk af of deze mensen wel een idee hebben van wat er speelt.
Natuurlijk, drama is maar een middel, maar wanneer je dit ten koste van alles wilt blijven tegengaan, stemt mij dat niet erg hoopvol. Kerken hebben niet door hoe groot de vervreemding is bij een heel groot deel van de jongeren.
Misschien zitten jongeren er nog wel.
Maar ze zitten er dan voor hun vrienden.
Niet voor de dienst.’ Belangrijk aandachtspunt van GodFashion is volgens Kuijpers dat de relevantie van het geloof duidelijk wordt. ‘We hebben ook een sterk appellerend karakter. Kerken brengen de boodschap vaak te vrijblijvend. We moeten jongeren op een persoonlijke, directe manier voor een keuze stellen. Geef duidelijkheid. Geen vage verhalen.’

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief