De waterscheiding
2001-02-16
Luc.15:28 - Jaargang 45
- nummer 4
‘Maar hij werd boos en wilde niet naar binnengaan’
Of - of
Bergtoppen en bergkammen fungeren vaak als waterscheiding. Loopt de bergkam van Noord naar Zuid, dan zullen alle stroompjes, die op de hellingen ontspringen globaal genomen òf naar het oosten òf naar het westen van de helling afstromen. Het hangt er maar van af, aan welke kant van de top de bron geleden is. De bergkam als scheidingmaker.
In het grote gezin van de zonen en dochteren van de hemelse Vader kan de terugkeer en de ontvangst van een verloren zoon/dochter ook als een soort waterscheiding fungeren. Eerst lopen de stroompjes van het christelijke gehoorzaamheidsleven zo ongeveer parallel. Zo ziet het er tenminste uit. Maar bij de terugkeer van de verloren zoon/dochter kan het gebeuren, dat zich door een geweldige kosmische kracht een bergkam omhoogwerkt vanuit de vlakte. Dan is het gedaan met de ene richting van al die parallelriviertjes. Dan gaan ze naar het Oosten òf naar het Westen. Dan is het òf - òf.
Dan wordt duidelijk wat het karakter van de gehoorzaamheid is en wat de richting ervan is. Dan wordt duidelijk - hier springen we uit het waterscheidingsbeeld - wat die gehoorzaamheid in feite steeds geweest is. Ineens is daar die scherpe marketing.
Karakteristiek van de oudste zoon en zijn gehoorzaamheid
Ja, de ontvangst van de verloren zoon door de blijde vader maakt ineens duidelijk wat de gehoorzaamheid van de oudste zoon eigenlijk betekent en altijd heeft betekend. Helaas is hier sprake van een negatieve betekenis en van een ontmaskering.
Aan het feest neemt hij geen deel. Hoe komt dat?
We zouden kunnen zeggen, dat hij zijn werk in vaders bedrijf altijd gezien heeft als een investering. Om zijn positie te handhaven of te verbeteren. Om zijn erfdeel niet in de waagschaal te stellen. Om bij vader in de pas te blijven lopen........ Waarvoor werk ik? Wat bereik ik ermee? Wat levert het op? Werk - verdienste - beloning - een gesloten circuit. Een dode CAO-mentaliteit. Daarom is het voor hem onverdraaglijk, als vaders liefde het schema verdienste - loon bij de terugkeer van zijn jongste zoon totaal doorbreekt in een blijde viering. De jaloerse vraag is: waar heb ik dan in vredesnaam zo hard en zo gehoorzaam voor gewerkt ? Lapzwans op de troon, ik op mijn gewone stoel. Wat heb ik nu aan al mijn zwoegen gehad?
Zo konden ook de werkers van het eerste uur de uitbundige doorbraak van het CAO-schema ten opzichte van de werkers van het elfde uur niet verdragen (Matth.20:11). Ook daar de vraag: wat hebben wij aan al ons zwoegen gehad, als die laatkomers hetzelfde loon ontvangen?
De prachtige zin van een foute exegese
Dat laatste brengt mij in herinnering het prachtige boek van Bruce Marshalll ‘De werkers van het elfde uur’. In dat boek vraagt de hoofdpersoon, abbé Gaston, zich maar steeds af, waarom de werkers van het eerste uur niet meer kregen dan ie werkers van het elfde uur. Eindelijk vindt hij het antwoord: omdat het werk zèlf, het werk in de wijngaard van de Heer, zoveel vreugde en zoveel loon in zich bevat. Het werk voor de Heer, het werk zèlf! Als exegese raakt dat kant noch wal.
De Here spoort ons niet aan te bedenken, waarom die eerste werkers toch 'eigenlijk' meer kregen dan de laatste werkers. Integendeel. Maar toch, wat een mooie gedachte! Het werk zèlf vreugde en loon! Het werk voor de Heer van de wijngaard! Deze gedachte ontbrak geheel in de overwegingen van de oudste zoon!
‘altijd bij mij’
Nu begrijp ik ook beter dat kleine zinnetje in het antwoord van de vader (3l): Kind, gij zijt altijd bij mij. Je zou dat zo kunnen weergeven: Kind, moet jij jaloers zijn op dat ene feest bij de terugkeer van je broer, terwijl jij toch altijd het feest van de gemeenschap met je vader hebt mogen beleven en nog beleeft? De hele arbeid in vaders bedrijf, al dat gehoorzaamheidswerk wordt geplaatst onder de koepel van de vreugde in de gemeenschap van de vader. Inderdaad, op die manier brengt de arbeid zelf vreugde en loon met zich mee. Arbeid heeft zèlf vreugde in zich en is niet maar een investering met het oog op later. Dat had die oudste zoon niet gezien, niet gevoeld, niet beleefd. Wat hem ontbrak was het hart van een zoon. En omdat hij het hart van een zoon miste, miste hij ook het hart van een broer!
Criterium
De oudste zoon: beeld van de farizeeër. Ja, maar een farizeeër is niet iemand op een andere planeet!
Misschien hebben wij het ook wel eens meegemaakt, dat een afgedwaalde zich bekeerde van notoire, sprekende, duidelijke zonden en dat hij/zij terugkeerde in het gezin van de Vader. In welke richting deed deze plotselinge bergkam het stroompje van ons christelijk leven vloeien? Naar het westen, naar links? Dan hebben we gezegd: moet hij/zij nu delen in ons heil en onze vrede'7 Hij/zij heeft los en lui en lekker geleefd. terwijl ik me inspande om te leven onder het juk van Christus' geboden. Waarvoor diende mijn inspanning. Of ging het stroompje naar het oosten, naar rechts? In dat geval zeggen we: heerlijk, dat hij nu mag delen in ons heil. Maar wat jammer, dat hij/zij nu pas komt, terwijl ik altijd al mocht zijn in de dingen van onze hemelse Vader. Heb ik geen hart voor mijn broer/zus, dan blijk ik ook het hart van een zoon te missen! Heb ik het hart van een zoon, dan ook het hart van een broer/zuster. Dan wordt alles duidelijk! Maar laat het me ook nu al duidelijk zijn.