Indrukwekkende roman over Jefta

2009-11-06
  • Jaargang 53
  • nummer 22
Wie naar De dochter van Jefta grijpt in de verwachting een romantisch Bijbelverhaal in handen te krijgen, komt bedrogen uit. De schrijver, Lion Feuchtwanger, is geen Francine Rivers. Wat van Jefta bekend is leent zich er ook nauwelijks toe en bovendien, de tijd waarin het verhaal zich afspeelt, is hard. En er is nóg een verschil met de stroom recent verschenen Bijbelse romans: de auteur is geen christen, maar een jood die uiteraard zijn Oude Testament goed kent, maar met de Bijbelse gegevens vrij omspringt. Die hij overigens goed weet te plaatsen in hun historische context. Maar dat Jefta volgens de Hebreeënbrief een geloofsheld is, valt buiten zijn horizon.
Wat niet wegneemt dat we met een indrukwekkende roman te maken hebben.

Fantasie en inlevingsvermogen
De informatie die de Bijbel over Jefta uit Gilead geeft is summier en bekend: hij is de zoon van een hoer die God belooft het eerste, dat hem uit zijn huis tegemoet komt, te offeren in ruil voor een overwinning op de Ammonieten; die zich aan die belofte houdt, ook als het om zijn dochter blijkt te gaan. En die een taalgrap gebruikt (sibbolet – sjibbolet) om een deel van zijn broedervolk, de Efraïmieten, te doden.1
Voor Lion Feuchtwanger blijkt het voldoende. Onder zijn handen is Jefta uitgegroeid tot een levend mens. Wat de schrijver aan Bijbelse feiten te kort kwam, heeft hij aangevuld met zijn fantasie en inlevingsvermogen. En dat met veel historische kennis van die tijd en met andere Bijbelse gegevens, zodat zijn roman authentiek overkomt.

Visioen op de Hermon
Jefta is een sterke persoonlijkheid, scherpzinnig, dapper, betrouwbaar, maar ook eerzuchtig en trots. Hij is geliefd om zijn opgewektheid en zijn uitbundige lach. Zielsveel houdt hij van zijn vrouw Ketura en met zijn dochter Ja’ala, hun enig kind, heeft hij een hechte band. Door zijn halfbroers verjaagd naar het halfwoeste land Tob behaalt hij zijn eerste overwinningen. In een visioen boven op de berg Hermon wordt hij zich van zijn levensdoel bewust: heel Israël, aan beide zijden van de Jordaan te verenigen, met hemzelf als rechter. Dat is ook precies wat de aartspriester Abijam uit Mispa hem voorhoudt als de wil van Jahwe, zoals de HEER hier consequent genoemd wordt.

Strijd tegen Jahwe
Daarmee zitten we middenin het hoofdthema van het boek, namelijk Jefta´s innerlijke strijd met Jahwe. Want Jahwe is zo radicaal. De Israëlieten woonden te midden van heidense volken die elk hun eigen goden hadden. Ook voor veel Israëlieten waren die godheden een realiteit. Jefta heeft er moeite mee dat Jahwe meer dan andere goden totale overgave eist. Zijn vrouw Ketura heeft hij tijdens een strooptocht in Ammon buitgemaakt. Zoals Jahwe voorgeschreven had2, heeft hij haar niet direct genomen, maar 30 dagen gewacht; haar hoofd is kaal geschoren en haar nagels zijn geknipt. Het doel van dit ritueel is echter aan haar voorbijgegaan: het heeft haar niet innerlijk tot Jahwe gebracht. Integendeel ze blijft haar god Milkom trouw en woont in een huis vol terafim.
Anders dan haar dochter Ja’ala die door Jefta opgevoed is in de geest van Jahwe.
Zij is de enige die zonder bijbedoelingen Jahwe helemaal toegewijd is. Muzikaal als ze is, speelt ze citer en maakt ze zoals Debora liederen met profetische strekking.
Jefta’s innerlijke strijd wordt aangewakkerd door de eerzuchtige aartspriester, die Jefta’s tweeslachtigheid verafschuwt. Als Abijam de efod raadpleegt over Gods bedoeling met Jefta is de uitkomst glashelder: Jahwe wil Jefta als rechter, maar onder de voorwaarde dat hij eerst de ‘gruwel van Ammon’ uit zijn huis en hart verwijdert. En dat kan Jefta lange tijd niet; hij houdt te veel van Ketura.

Strijd met Ammon
Om háár – de Ammonitische - gaat Jefta met de Ammonieten onderhandelen in plaats van met hen te vechten. Het is Ja’ala die hem uiteindelijk over de streep trekt. Als een rondtrekkende zanger op een enthousiaste, opzwepende manier het lied van Debora zingt, raakt ze vol van Gods geest en weet ze haar vader te overtuigen. Pas dan valt hij Ammon aan.
In het heetst van de strijd als hij zich geplaatst ziet tegenover de overmacht van Ammon ervaart Jefta zijn afhankelijkheid van Jahwe. Hij belijdt zijn schuld, geeft zich aan Hem over en doet de fatale offerbelofte.
Na het offer is er van Jefta nog maar een schim over. Hij is onherkenbaar veranderd, somber geworden. Hij doet wat van hem verwacht wordt, maar het gaat buiten hem om.
Zijn droom is dan wel uitgekomen: hij wordt tot rechter gezalfd over het verenigde Israël, maar het geeft hem geen vreugde meer.

Meer Bijbel
In de roman is veel meer ‘Bijbel verwerkt’ dan het Jeftaverhaal alleen. Verbondssluitingen vinden op dezelfde wijze plaats als tussen God en Abraham; na een overwinning van Jefta zingen de meisjes: Gilead heeft er 4000 verslagen, maar Jefta 14000. En als iemand oppert dat Israël een koning nodig heeft, wordt de fabel van de doornstruik verteld.3 En zo zijn er veel dingen meer. Vreemd keek ik op van de terugkerende gewoonte de ark mee te nemen naar het slagveld. Dat was toch de unieke zonde van Hofni en Pinehas? Tot we thuis lazen dat Uria weigert bij Batseba te gaan slapen omdat de ark en het leger op dat moment in tenten bivakkeren. 4

Groot schrijver
Lion Feuchtwanger was een knap schrijver. Hij weet de tijd van de rechters tot leven te brengen, heeft zich in de karakters en de situaties volledig ingeleefd en zet ze herkenbaar neer. Zo de halfbroers van Jefta: ze zijn totaal verschillend van karakter en in elke situatie waarin ze een rol spelen komt dat tot uiting.
Fijnzinnig en volledig geloofwaardig is de relatie Jefta – Ja’ala getekend. De auteur weet hun liefde voor elkaar waar te maken. Hij beschrijft indrukwekkend hun innerlijke strijd; van elk apart, maar hij laat ook zien hoe ze met elkaar tot volledige overgave komen naar dat vreselijke offer toe. Hij beschrijft hun samenzijn tot het moment van dat offer. En dan staat er niet meer dan: Toen deed hij naar zijn gelofte. Het is genoeg om je diep te raken. De gruwelijkheid van de gebeurtenis heb je met Jefta´s angstvisioenen al ervaren.
Taal en stijl van het boek zijn prachtig. Als Debora’s lied gezongen is, reageren achtereenvolgens verschillende mensen, ieder op eigen manier, maar het is opgebouwd als een climax: Ja’ala komt als laatste, met geweldige consequenties.
En er veel meer te noemen; ik denk aan Jefta’s flitsende discussies met de aartspriesters, zijn prachtige spotzucht en de dramatische spanningsmomenten.
De dochter van Jefta heeft indruk op me gemaakt. Een gave roman.5

Lion Feuchtwanger is een Duitse toneel- en romanschrijver die leefde van 1884 tot 1958. Hij was een felle anti-fascist en vluchtte voor de nazi’s via Frankrijk naar Californië . Van zijn romans zijn miljoenen exemplaren verkocht. Een van de bekendste is Jud Süsz, dat ook verfilmd is. Jefta und Seine Tochter dateert van 1957. Het is pas nu voor het eerst in het Nederlands vertaald.

1 Jefta komt uit Gilead dat behoort tot de stam van Manasse. Manasse en Efraïm hebben beide Jozef als stamvader.
2 Ik vond het voorschrift in Deuteronomium 21:12
3 Zie Rechters 9
4 Zie 2 Samuël 11:11. En ook 2 Samuël 15:23-26
5 Hoewel Ja’ala een belangrijke rol speelt, is Jefta de hoofdfiguur. Ten onrechte heeft de vertaler het boek naar haar genoemd. De oorspronkelijke titel luidt Jefta en zijn dochter en dat geeft de inhoud beter weer.

Lion Feuchtwanger (2009), De dochter van Jefta. De Vuurbaak, Barneveld. 285 pag., € 19,75.

Jan Lakerveld is neerlandicus en lid van de NGK in Emmeloord.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief