Brood

2001-08-31
  • Jaargang 45
  • nummer 17
‘Ik ben het levende Brood’ Johannes 6:48

Brood.
Het was groot nieuws; het halve Journaal ging erover, en het avondprogramma op tv werd omgegooid: Herman Brood was van het dak van het Hilton in Amsterdam gesprongen.
‘Ik heb er geen zin meer in’, was z’n laatste boodschap aan de wereld. Dat heeft hij ons nagelaten: ‘Ik heb er geen zin meer in; voor mij hoeft het niet langer. Ik heb het wel bekeken’.
Geen Brood meer.

Brood en Brood.
Wat geef je mee aan de wereld, wat laat je na?

In de kerk vieren wij de dood van de Here Jezus. Net als Herman Brood wist ook Jezus van tevoren wat er zou gebeuren.
Maar Hij piept er niet tussenuit, zoals Herman Brood; Hij laat ons niet in de steek op het moment waarop het moeilijk wordt. En Hij zadelt ons ook niet op met een briefje: ‘Ik heb er geen zin meer in’. Hij heeft ons heel wat anders meegegeven. Hij komt naar ons toe: in de Persoon van de Heilige Geest, en in de gestalte van brood en wijn.

Ik kan ‘t me nog wel voorstellen ook, van Herman Brood. Dat je er geen zin meer in hebt; dat het leven een ondraaglijke last is geworden; dat je niet ziet hoe het nú nog verder moet, en dan bij jezelf denkt: ‘Ik wou dat ik dood was’.
Leven op aarde ís soms ook zwaar. Ja, soms is het prachtig, heerlijk - en geniet er asjeblieft van. Maar soms is ‘t ook echt moeilijk. En als je dan niet meer hebt dan wat je zelf in huis hebt, dan kan ik het me wel indenken: dat je het dóét: van zo’n dak naar beneden springen. ‘k Heb er zelfs wel iets van respect voor: want wat je er verder ook van kunt zeggen, maar ‘t is in elk geval wel consequent.

Leven op aarde: hoe hou je het vol? En dan niet alleen als het
allemaal perfect gaat - want dat is niet zo moeilijk - maar ook, en juist als het allemaal niet wil, en als jij het misschien ook wel eens denkt: ‘Ik heb er geen zin meer in’.
God geeft Brood en Wijn.
Voor onderweg. Voor ons leven in deze wereld. Om het vol te houden. Om niet van een hoog dak naar beneden te springen. Maar om telkens weer jezelf, je leven, in handen te leggen van Hem die als enige ons leven werkelijk zin kan geven.
Brood is dood - Herman bedoel ik.
Maar dít Brood, Jezus Christus, leeft in eeuwigheid.
Hij leeft, en wij zúllen leven. Want wie dit Brood eet, zal in eeuwigheid leven.
Eet maar; drink maar.
Dít is het lévende Brood!

Mijn vrienden, Ik heb begeerd deze maaltijd met jullie te eten.
Het is de laatste keer dat we samen zijn voor Ik heenga.

Eén van jullie zal Me verraden; een ander zal Mij verloochenen.
Ze zullen me gevangennemen en aan het kruis hangen.
De haan zal kraaien, en de tranen zullen stromen.
Morgen zal Ik sterven, en jullie zullen vrij zijn.

Ik zal jullie niet alleen achterlaten, Ik zal Mijn Geest zenden om bij jullie te zijn als Ik heengegaan ben.

Waak met Mij, want Ik heb jullie nodig als Ik ween.
Ik ben alleen, Ik heb Mijn vrienden nodig. Slaap niet.
Straks zullen ze Me meenemen, Me wonden, Me slaan, Me breken.
Maar nu ben Ik bij jullie, om je in Mijn handen te houden.
Drink daarom de wijn, want Ik houd van jullie.
Eet het brood, Ik zal bij jullie zijn.
Later zullen jullie het verstaan.

De oorspronkelijk Engelse tekst is van Mariecke van den Berg, lid van de Nederlands Gereformeerde Kerk van Emmeloord, die na de Avondmaalsviering dit lied ook heeft gezongen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief