MKZ, onze idealen en onze portemonnee
2001-09-14
In Opbouw van 10 augustus schreef C.N. van der Ziel een bewogen artikel over de betekenis van de mond- en klauwzeercrisis in het licht van de Bijbel. Graag vul ik dat artikel aan om duidelijk te naken dat ook wij als ‘gewone burger’ mee verantwoordelijk zijn voor wat er in de landbouw gebeurt – en dat het wel degelijk wat uitmaakt wat wij denken, geloven en doen (lees: kopen).- Jaargang 45
- nummer 18
De christelijke traditie is een rijke bron van inspiratie als het gaat om de diverse aspecten van milieu, natuur en dierwelzijn.
Het geeft te denken dat in de Bijbel naastenliefde, zorg voor de dieren en voor de hele schepping – oftewel sociale en ecologische gerechtigheid - hand in hand. Alles en iedereen is immers door dezelfde Meesterhand geschapen, alles verwijst naar de grootheid van Hem en alles zal delen in de Grote Vernieuwing.
De bezinning hierop is niet nieuw. Al vanaf eind jaren zeventig werd hieraan een bijdrage geleverd door de vereniging De Hof van Heden (een initiatief uit Nederlands Gereformeerde kring) en de stichting Zwaluw (vrijgemaaktgereformeerd), die in 2000 fuseerden tot de stichting Aardewerk: christelijke stichting voor goed rentmeesterschap.
Op initiatief van deze organisatie werd in 1998 het zogenaamde ‘Christelijkecologisch Appèl’ opgesteld en - ondertekend door een alliantie van zo’n 40 christelijke organisaties en personen – aangeboden aan minister Pronk. Uit deze organisaties ontstond op 21 juni j.l. het Christelijk Ecologisch Netwerk (CEN).
In deze kring wordt veel nagedacht over de landbouw. Men leze bijvoorbeeld het boekje ‘De schepping in schone handen’ uit 1996, uitgegeven in de reeks van het Gereformeerd Sociaal-Economisch Verband, dat overigens opent met een veelzeggend hoofdstuk van drs. W.G. Rietkerk: ’Eerst strelen, dan smeden’.
Onze idealen ....
Het Christelijk-Ecologisch Appèl stelt: ‘De landbouw kampt met verlies van maatschappelijk en natuurlijk draagvlak voor gangbare praktijken, waar de boeren zelf maar ook de samenleving verantwoordelijk voor zijn. Het verlies aan draagvlak vertaalt zich nauwelijks in de bereidheid van de consument om meer te betalen. De pijn van de noodzakelijke herstructurering dient niet louter bij de boerenbedrijven te worden gelegd.
Uitgangspunt voor maatregelen dient te zijn de waarde van het landbouwbedrijf als leverancier van voedselbinnen een praktijk die de biologische en ecologische basis van deze bedrijfstak respecteert - en tevens bijdragend aan natuurvariatie, recreatie, educatie en leefbaarheid van het platteland.
Daarnaast verdienen bevordering: dier- en milieuvriendelijke teelt- en fokmethoden, vernieuwing, educatie van de consument en meer contact tussen consument en producent.’ 1) In lijn met deze aanbevelingen hebben ir. J Huijgen, ir R. Jongeneel en ondergetekende naar aanleiding van de recente MKZ-crisis in het Nederlands Dagblad, het Reformatorisch Dagblad en het Katholiek Nieuwsblad een nieuw tweesporenbeleid aangewezen voor de landbouw. Immers, de Nederlandse landbouw was tientallen jaren lang moderniseringslandbouw: steeds meer intensief, high tech, grootschalig en exportgericht. Daarbij ontstond een type landbouw met veel dieren, hoge productie, geconcentreerde locaties en weinig samenhang met de locale leefomgeving. Doordat de productie sneller groeide dan de vraag, kwamen de prijzen onder druk te staan en liep het Europese landbouwbeleid in feite vast.
Fatsoenlijk
Het eerste spoor van het nieuwe beleid moet zijn: het beleid van productie tegen onzekere en (te) lage wereldmarktprijzen omzetten in een fatsoenlijk markt- en prijsbeleid. Bij fatsoenlijke prijzen behoort ook een maatschappelijk acceptabele, duurzame productiewijze. Ecologische balansen en voedingsstoffenkringlopen dienen in evenwicht te zijn. De productie moet gericht zijn op producten met hoge toegevoegde waarde en aan de eisen van dierenwelzijn moet worden voldaan.
Dat betekent dat de landbouw aan de grond gebonden moet worden.
Het tweede spoor is dat van ‘regionaal boeren’. Daarbij wordt de landbouw veel meer in samenhang met een regio ontwikkeld. Boeren produceren voor de lokale en regionale markt; het surplus gaat naar elders. Maar ze produceren ook ‘plattelandsproducten’ als natuur, landschap, schoon water, educatie- en recreatiemogelijkheden.
Daarvoor krijgen ze ook een prijs betaald, zodat ze niet alles op de kaarten van de voedselproductie hoeven te zetten. Het idee van het regio- contract tussen boeren en een gewest of provincie kan hier nadere invulling aangeven. Dat gebeurt al in Frankrijk met bekende regiomerken kaas en wijn. De boeren kunnen er een regionaal contract afsluiten. Ze leveren een eigen bijdrage aan onder andere natuur, voedsel en dierenwelzijn en worden beloond door de regio.
In feite ontstaat op deze manier een dubbel-doel (dual purpose) landbouw die de samenleving op tweeledige wijze dient. Enerzijds door op een maatschappelijk verantwoorde manier bij te dragen aan de hoogwaardige voedselvoorziening.
Anderzijds door nieuwe regionale functies te ontplooien die passen bij de wensen van een welvarende samenleving.
Het recente advies van de commissie-Wijffels (genoemd naar de CDA-er en SER-voorzitter, die ook de oprichtingsbijeenkomst van het Christelijk Ecologisch Netwerk opende) gaat in deze richting. Kortom, er is beweging in het beleid. Maar er is één probleem: in onderscheid van andere Europese landen is de Nederlandse consument maar op één ding uit: waar krijg ik mijn spullen het goedkoopst?
.... en onze portemonnee
Daarom blijven ook wij als consument niet buiten schot. In onze samenleving ligt nog steeds een sterk accent op individuele consumptiegoederen. Het individualisme en het neo-liberale denken versterken die tendens en doen de zorg voor gemeenschapsgoederen, zoals het milieu, de leefomgeving en het landschap afnemen. Ook de burgers – inclusief wij, gelovigen, kerkleden, die niet houden van een scheiding tussen zondag en maandag, toch? – moeten hun bijdrage leveren door een eerlijke prijs te betalen voor landbouwproducten. Stel, dat alle christenen – meer dan 40% van de bevolking – dat zouden gaan doen ….. wat zou dat een marktrevolutie betekenen. Wat weerhoudt ons eigenlijk? En zou dat zonde kunnen zijn?
Drs. P.H. Siebe is lid van de NGK te Amersfoort en vice-voorzitter van Aardewerk 1) Het Christelijk-ecologisch Appèl en diverse andere documenten en informatie is te vinden is op www.aardewerk.org