De groene eeuwigheid van Meint van den Berg

2001-03-30
  • Jaargang 45
  • nummer 7
Ter gelegenheid van de Boekenweek 2001 verscheen het boek ‘Zwart water en andere verhalen’, geschreven door Meint R. van den Berg. Meint van den Berg heeft menige kolom in Opbouw volgeschreven en is bij velen bekend van zijn zondagavond-bijbellezingen voor de EO-microfoon. Hij heeft zo’n 70 boeken, waaronder bijbelverklaringen, gedichten, romans en verhalen op zijn naam staan. Naar aanleiding van de verschijning van ‘Zwart water en andere verhalen’ had Peter Siebe een gesprek met hem.

Dominee Van den Berg, u schrijft al heel wat jaren en u hebt een kleine zeventig titels gepubliceerd. Hoe bent u ertoe gekomen om te gaan schrijven?
Ik denk dat het de aard van het beestje is. Het is in m’n studententijd begonnen.
In de jaren vijftig ben ik begonnen met het schrijven van korte verhalen en gedichten. Daar hebben er diverse van in Ontmoeting gestaan, het toenmalige christelijke culturele maandblad. En dat ben ik blijven doen.

Waren de reacties zodanig dat u dacht: ik ga door?
Het feit dat een redactie iets van mij opneemt is op zich natuurlijk al een graadmeter. Maar eigenlijk heb ik nooit veel reacties gehad, mondeling of op andere wijze op wat ik geschreven heb. Daar ben ik dus ook niet van afhankelijk geweest. Ik ben gewoon doorgegaan.

Uw boeken vallen in twee categorieën uiteen, enerzijds de non-fictie - bijbelverklaringen - en aan de andere kant fictie: gedichten en verhalen. Toch proef ik in al uw boeken diepgang, gedrevenheid en de neiging om door te stoten naar datgene wat voor u essentieel is. Herkent u zich in deze karakteristiek?
Ik heb dat wel eens meer horen zeggen ja. Zelf ben ik me daarvan eigenlijk niet zo bewust. Ik schrijf gewoon wat ik denk dat ik moet schrijven en ik ga niet van te voren bedenken ‘Nu wil ik iets met diepgang schrijven’..
Nee, dat gebeurt op een heel natuurlijke wijze. Anderen kwalificeren dat dan wel eens in die geest zoals u dat noemt.

Wat is essentieel voor u?
Bij de boeken die over de Bijbel gaan is het punt voor mij dat ik wil laten zien wat er eigenlijk staat. De Bijbel wordt zo enorm veel op de klank af gebruikt. Er sluipen allerlei dingen bij in die er in werkelijkheid helemaal niet staan. Van het begin af heb ik in mijn bijbelverklaringen uit willen zoeken wat er nu werkelijk staat en wat dat ook voor vandaag te betekenen kan hebben.

Kunt u een voorbeeld noemen van een onderwerp waar de Bijbel dan op de klank af geciteerd wordt?
Onlangs deed ik een ontdekking in de gelijkenis van Jezus over het koninklijke bruiloftsmaal, waar aan het slot de conclusie staat: ‘Want velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren’.. Als je die conclusie vergelijkt met de gelijkenis zelf, klopt dat niet met elkaar. Toen ging ik het verband eens lezen.
De drie gelijkenissen die eraan vooraf gaan hebben allemaal dezelfde tendens: dat er wel veel mensen geroepen zijn - het Joodse volk en de Joodse leiders - maar dat die uiteindelijk uit de boot vallen en dat de mensen van de straat binnengeroepen worden. Als je die drie gelijkenissen - waarvan de onderhavige het sluitstuk vormt - met elkaar gaat vergelijken, hebben ze dezelfde spits. Het gaat altijd over de rijken die het heil uiteindelijk niet te pakken krijgen en de armen die het wel krijgen.
En toen realiseerde ik me bij de eindconclusie ‘velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren’ dat het Griekse woord voor ‘weinig’ ook ‘arm, gering, onaanzienlijk’ kan betekenen.
Vervolgens ben ik gaan uitzoeken of ‘velen’ ook kan betekenen ‘de rijken, de aanzienlijken, het neusje van de zalm’. Daar heb ik inderdaad een paar voorbeelden van gevonden. Daarmee krijgt zo’n gelijkenis ineens een heel ander karakter.

Dan nog even naar de fictie, de verhalen en gedichten. Wilt u daarin ook een bepaalde essentie overdragen?
Ik heb daar geen bewuste doelstelling bij. Als ik een verhaal begin, dan weet ik nog niet wat het worden gaat. Het is sterk afhankelijk van de eerste regel die mij invalt. Ik zet zo’n regel op papier en daar brei ik dan aan verder. Dan komt er een verhaal uit, vrijwel altijd zonder dat ik er een bepaalde vooropgezette bedoeling mee heb.

Is er in uw oeuvre een boek waar u zelf bijzonder aan gehecht bent?
Ik was toch wel een beetje trots op ‘Portret van een oude dame’. Dat boek gaat over een oude vrouw die schizofrene trekken begint te vertonen. Ik heb me helemaal proberen in te leven in deze vrouw en in haar psychologische problematiek. Ik heb voor mezelf de indruk dat ik die twee elementen behoorlijk goed te pakken gekregen heb en daar voel ik toch wel een beetje trots over.

Werd u daarin bevestigd door reacties van lezers?
Vooraf heb ik het laten lezen aan een paar psychologen. Die bevestigden dat ik het wel aardig getroffen had.
Daarentegen vielen de literatuurkritieken juist een beetje tegen. In ‘Woordwerk’ heeft een min of meer vernietigende bespreking gestaan. De kritiek over één en hetzelfde boek kan dus sterk uiteenlopen. Ik lees die kritiek en vraag me dan af of ik er iets mee kan. Als dat zo is, dan maak ik er gebruik van en als dat niet zo is, laat ik het maar langs me afglijden.

Waar gaat ‘Zwart water en andere verhalen’ over?
In totaal bevat het boek acht verhalen. Het eerste heet ‘Zwart water’. Dat is ook de titel van het boek geworden.
Dit verhaal gaat over iemand die op een avondwandeling getuige is van een zelfmoord door een sprong in het water. Deze persoon blijft dan met een schuldgevoel zitten. Het tweede verhaal gaat over een aalscholver die heel graag een ooievaar zou willen zijn. Het derde verhaal, ‘Ontheemd’, gaat over iemand die al een week lang geen post ontvangt terwijl zijn brievenbus normaal gesproken altijd min of meer vol zit. Hij vraagt zich af wat er aan de hand is, gaat de stad in om bij het postkantoor geld te pinnen en merkt dat dit geblokkeerd wordt. Hij wordt een outcast doordat al die ‘gewone’ dingen niet meer werken.
Het vierde verhaal, ‘Het hek’, gaat over iemand die op de snelweg rijdt en dan ineens tegen een hek aan komt te staan. Deze gebeurtenis wordt een symbool van zijn sterven. Hij wordt begraven en beseft dat het er nu op aan komt. Hij heeft in zijn graf het zicht op een deur die op een keer open zal gaan en weet dat hij daar op moet wachten.
‘De miniatuur’ is het volgende verhaal.
Het gaat over iemand die op zoek gaat naar een middeleeuwse miniatuur van Jozef en Maria en het kind Jezus in de werkplaats van Jozef. Hij bekijkt die miniatuur, ziet dan ineens ook zichzelf voor dat raam staan en realiseert zich plotseling dat hij daar ook bij mag horen. Het volgende verhaal is getiteld ‘De treinreis’.. Iemand krijgt een oproep om met de trein te vertrekken naar een onbekende bestemming. Die treinreis staat symbool voor de reis naar de dood, een bekend motief.
Het merkwaardige in dit verhaal is dat hij, terwijl hij bijna aan het eind van zijn bestemming is, weer terug gaat. Je zou het kunnen vergelijken met een bijna-dood-ervaring. Het verhaal ‘Dijkdoorbraak’ gaat over een ambtenaar bij de sociale dienst.
Op een bepaalde avond komt hij thuis na overdag nogal agressief behandeld te zijn door één van zijn cliënten.. Hij blijkt dan bovendien ineens helemaal van zijn omgeving vervreemd te zijn en komt uiteindelijk in een inrichting terecht. Het laatste verhaal, ‘Regeneratie’, gaat over iemand die door de stad loopt terwijl alles achter hem verpulvert en wegzakt in een diep gat. Uiteindelijk loopt hij een gebouw binnen. Hoe verder hij daarin doordringt, hoe duidelijker het hem wordt: ‘Hier ga ik de groene eeuwigheid tegemoet’.

Loopt er een bepaald thema door deze verhalen heen?
In bijna alle verhalen komt wel iets van vervreemding voor. Ook de dood komt herhaaldelijk ter sprake en de machteloosheid van mensen als hen gebeurtenissen overkomen waardoor ze met de handen in het haar zitten. En uiteindelijk ook het perspectief dat ligt te wachten. Dit zijn thema’s die regelmatig in mijn werk aan de orde komen.

U kijkt terug op een lang en werkzaam leven. Is er een boodschap die u in dat verband aan de lezers zou willen doorgeven?
Jazeker, en wel de boodschap van het laatste verhaal in de bundel ‘Zwart water’. De boodschap van het perspectief, het zicht op de ‘groene eeuwigheid’, zoals het in een gezang staat. In het blad ‘Liter’ van oktober vorig jaar, nummer 14, heb ik een verhaal geschreven over het leven op de nieuwe aarde. Daar kom ik bijvoorbeeld Geert Groote tegen. In dat verhaal heb ik mijn eigen perspectief onder woorden gebracht van het leven op de nieuwe aarde. Mensen zeggen vaak dat je bij het sterven naar de hemel gaat, maar ik denk dat het bijbelse perspectief is dat we naar de nieuwe hemel en de nieuwe aarde gaan. En dat is ook mijn verwachting.

‘Zwart water en andere verhalen’ verschijnt zowel in boekvorm als op cassette. Het boekje en de cassette-versie zijn te koop in de christelijke boekhandel. Tot en met 21 april kost hij f 3,95, daarna is de prijs f 14,95 per exemplaar. De gesproken versie bestaat uit 2 cassettes.
Drs. P.H. Siebe is voorlichter bij de CBB, Christelijke Bibliotheek voor Blinden en Slechtzienden te Ermelo. Dit interview is een bewerking van een vraaggesprek dat eveneens verschijnt in CBB-Info, het magazine voor lezers van de CBB.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief