De belangrijkste verandering

2000-01-07
  • Jaargang 44
  • nummer 1
Ik begin dit keer eens met een stelling. Toegegeven: het is een stelling over het verleden en u zou misschien in het eerste nummer van het nieuwe millennium liever een stelling lezen over de toekomst.
Het probleem is, dat ik daar weinig van weet en dat ik ook anderen niet geloof, die het wèl weten.
Ik zet de radio al uit bij het weerbericht, omdat ik vind dat het toch nooit klopt.
Zelfs de file-meldingen (het heden) zitten er vaak naast; ik sta vaak in een file die niet op de radio is en dan voel ik me miskend.
Het is al heel wat, als we iets van het verleden snappen om daar vandaag wat mee te doen.

De stelling luidt: de belangrijkste verandering in onze kerken van de afgelopen tien jaar is de opkomst van de PC, de computer. En de belangrijkste verandering van de laatste vijf jaar is dat ze de handboeken bij de programma's afgeschaft hebben. U weet wel: jaren geleden werd WordPerfect geleverd met dikke boeken vol aanwijzingen voor het gebruik; de programma's van nu hebben tien keer zo veel mogelijkheden maar er zit alleen een folder bij hoe je het programma moet starten.
Ik kan me voorstellen dat u denkt: nu is de schrijver op hol geraakt; misschien is hij door de millenniumbug getroffen. Want we gebruiken de computer op het werk, de kinderen hebben er een nodig voor school en we spelen er thuis mee. Maar in de kerk, nee, daar gebruiken we (gelukkig!) nu juist geen computer. Wat er bij ons veranderd is, dat is dat de preek steeds korter moet worden, dat er overhead-sheets worden gebruikt als illustratie, dat de mensen steeds minder lezen, dat het vaak over ervaringen gaat en dat de kerkgangers zich als consumenten gedragen.
Goed, ik kan me dus voorstellen dat u denkt dat de PC er buiten moet staan.
Maar leest u toch even verder. Laten we eens kijken naar de manier waarop onze kinderen leren.
Mijn kinderen zaten pas met een computer-programma dat Roller-coaster heet; je moet een avonturenpark bouwen, of zo.
Het is heel ingewikkeld, er zit geen handleiding bij en de ingebouwde tips zijn in het Engels, wat ze niet begrijpen. Toch spelen ze zo'n programma fluitend. Hoe doen ze dat dan? Dat is heel eenvoudig: dat doen ze door proberen en net zo lang fouten maken tot ze succes hebben. Trial and error heet dat: proberen en fouten maken, tot het lukt. Bij een computer is dat zonder meer de snelste vorm van leren. Ook wel learning by experience genoemd: leren door ervaring op te doen.
Daarom zijn die handboeken ook afgeschaft, omdat het handboek een slechte manier is om de computer te leren gebruiken.
Eigenlijk moet je gewoon durven en proberen.
Iemand die steeds vraagt welke knopjes je moet indrukken om te kunnen typen, die redt het niet echt.

Leren van je fouten
Ik geloof, dat we geen idee hebben, hoe ingrijpend dat is. Toen ik een taal moest leren, leerde ik nog eerst de grammatica en de rijtjes plus uitzonderingen en later kon je dat nog eens toepassen in spreken en schrijven. Dat systeem is allang vervangen door een aanpak die geheel andersom was: eerst een beetje gaan praten in de vreemde taal en dan merk je gaandeweg wel wanneer je iets moet leren over de grammatica er achter. Proberen en dan leren van je fouten.
Maar daar zijn we nu al veel verder in: dat je alle dingen eigenlijk leert, niet door te weten hoe het in elkaar zit en dan toe te passen. Maar door flarden ervaring op te doen, fouten te maken, te leren, bij te stellen en zo ergens te komen. In de natuurwetenschap bijvoorbeeld gaat het niet meer om de vraag, hoe de natuur is, maar hoe je haar kunt benaderen. Dit heet model-denken. Je hebt een model van de werkelijkheid, of het nu een atoom is, of het ontstaan van de aarde, of de werking van de economie.
Niemand beweert, dat de werkelijkheid zo is als dat model - die vraag is veel te ingewikkeld, zo niet onoplosbaar. We kijken alleen of dat model werkt, dat is: of de berekeningen die je ermee uitvoert, redelijk kloppen. En daar proberen we resultaten mee te behalen. Het is net als in dat computerspel: je probeert wat, net zo lang tot het werkt.
Daar is ook geen discussie over mogelijk, want met een computer discussieer je niet en met de beginselen van de wetenschap ook niet.

Hoe leer je geloven?
Dit is de wereld, waarin onze jonge mensen opgroeien, en het is in veel opzichten een succesvolle wereld. Maar nu willen we deze jonge mensen ook iets meegeven op het gebied van geloof.
Hoe leer je geloven? Nou, dat is eenvoudig: je hebt eerst catechisatie, ongeveer tot je achttiende.
Dan leer je wat er in de bijbel staat en hoe het geloof in elkaar zit. En daarna doe je belijdenis en dan ga je het toepassen.
Zo zit dat traditioneel.
Begrijpt u, hoe haaks dat staat op de manier waarop jongeren normaal leren? Op de scholen wordt het leerproces steeds verder aangepast aan de realiteit van leren door ontdekken.
Het studiehuis is daar (met alle rumoer van dien) een voorbeeld van.
Maar in de kerk zouden ze dan helemaal weer moeten overstappen naar: als je jong bent leer je het handboek (de Bijbel, de catechismus) en later mag je dat toepassen. Dat is ècht moeilijk! Zeer onlangs merkte ik nog eens, wat voor invloed dit heeft. Op een belijdeniscatechisatie had ik het over het avondmaal. Dat heb ik natuurlijk altijd gedaan, maar nu kwam er een reactie die ik nooit eerder had gehad. Ik informeerde of ze begrepen wat ik op papier gezet had, en een van de jongeren antwoordde: "ik vind het avondmaal moeilijk te vatten, want ik heb het natuurlijk nog nooit meegemaakt". Daar heb je het verschil in benadering in een notendop.
Allerlei uitleg over de betekenis van het avondmaal glijdt langs ze heen, zolang ze het niet hebben meegemaakt. Het hoeft dan ook niet te verwonderen, dat jongeren op de leeftijd waarop ze zèlf over het geloof na gaan denken, steeds minder geneigd zijn om 'de leer' te aanvaarden en steeds meer geneigd om zelf eens uit te gaan zoeken wat ze de waarheid vinden.
Daar hoort op een gegeven moment ook bij, dat ze verschillende kerken of evangelische groepen gaan 'proberen'. En geef dan maar eens goede argumenten, als je te horen krijgt dat je dáár pas kunt voelen dat het echt is en dat je dáár pas blij vandaan komt.

Goed of verkeerd?
Is deze ontwikkeling nu goed, of is het allemaal verkeerd? Het lijkt me belangrijk, om eerst te constateren dat het waar is. En daar bedoel ik mee, dat het voor ons allemaal waar is. Natuurlijk is er een generatie-verschil: ouderen, die met verbijstering naar deze wereld van computers en eigengereide mensen kijken. Ik denk niet eens, dat het hun helemaal voorbij gaat. Maar niemand die nu opgroeit ontkomt eraan. Zelfs de reformatorische scholen bijvoorbeeld, die de televisie zo dapper buiten de deur hielden, storten zich massaal op de computer. Ze proberen weliswaar een eigen, schoon Internet te organiseren, maar ze zullen merken dat dat niet genoeg is. Een computer is niet een neutraal stukje gereedschap, zoals de maatlat en de rekenmachine dat zijn. Het is een manier van denken: zelf uitvinden, de hele wereld onder handbereik, te gebruiken ook als je er niets van snapt. Geloven op gezag en vasthouden aan een zinvol isolement, dat is hier op den duur niet mee te combineren.
En daarmee is, voor ons net zo goed als voor refokerken, een echt probleem gegeven. Want hoe je het ook wendt of keert, er zit in het christelijk geloof nu eenmaal heel wat, dat we eerder door openbaring dan door ervaring weten. Heel simpel gezegd: dat Jezus Christus de Zoon van God is, weten we niet door ervaring, maar doordat de Bijbel ons dit leert. Maar ook het hele begrip 'zonde' is niet in de eerste plaats ervaringswerkelijkheid.
De meeste mensen beginnen niet aan het geloof met een besef van zonde, van schuld tegenover God. Het is integendeel zo: als we Gods geopenbaarde Woord gaan geloven, dan gaan we verstaan (en wel met verschillende stappen), dat we schuldig staan tegenover onze Schepper en dat we verlossing nodig hebben.
Maar als mensen vandaag leren door ervaring, hoe leer je dan geloven in dingen die veel groter zijn dan onze ervaring, en die er soms tegenin gaan?

Echt gewerkt heeft het nooit
Het is een echt probleem, maar volgens mij geen nieuw probleem. Vandaag regeren gevoel en ervaring, die ons niet automatisch bij de Verlosser brengen.
Vroeger regeerden verstand en logica en die brachten ons ook niet vanzelf bij Hem. Het is wel heel vaak geprobeerd, vanaf Anselmus die probeerde om op basis van de logica te redeneren naar God, die mens werd en voor onze zonden stierf. Maar echt gewerkt heeft het nooit.
Vandaag proberen velen om op basis van gevoel en ervaring naar dat geheim toe te redeneren, maar het einde is dat niet. En toch weet ik, niet alleen omdat het in de Bijbel staat, maar ook door de stem van de Heilige Geest in mijn eigen leven, dat de kern van het geloof te vinden is in de verlossing van al mijn zonden door het bloed van Jezus Christus. Ik kom daarmee toch weer uit bij de eerbiedige erkenning, dat het geloof uiteindelijk het werk is van de Heilige Geest zelf en dat wij geen middelen hebben om dat af te dwingen. Dit betekent niet, dat de manier waarop je het geloof brengt er niet toe zou doen. Ik zoek integendeel naar nieuwe wegen, door middel van ervaren en ontdekken, waarop het geloof in Christus zo dicht mogelijk bij ons hart wordt gebracht. Net zo goed als je vroeger zocht naar wegen om dit geheim zo goed mogelijk 'uit te leggen' met woorden, hoe ontoereikend ook. Ik ben heel benieuwd, aan het begin van deze eeuw, welke wegen de Geest ons zal wijzen in de tijd. En ik hoop dat velen meebidden of God de Geest van genade en van gebeden nog veel rijker over ons wil uitstorten. Zodat Christus het geloof zal vinden, ook in een generatie die - onontkoombaar! - leeft in de wereld van de PC.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief