Hij werkt nog!
2009-12-04
Wie een houten vloer wil leggen, gebruikt daarvoor hout dat is uitgewerkt. Anders zul je zien dat de vloerdelen na verloop van tijd gaan kieren. Voor dr. D. Holwerda vormt de Griekse tekst van het evangelie van Johannes de vaste ondergrond, maar blijft de vertaling die je er overheen legt altijd werken. In Gespitst op het komende Pinksterfeest biedt hij ons een nieuwe vertaling van het evangelie van Johannes, vergezeld van een aantal verklarende artikelen die eerder verschenen in het blad van de Tehuisgemeente in Groningen.- Jaargang 53
- nummer 24
Vertalen is werk in uitvoering Dat zijn vertaling ‘werkt’, blijkt bijvoorbeeld als Holwerda op bladzijde 92 stelt ‘dat we Johannes 3:33 het duidelijkst weergeven, als we vertalen “[Wie Jezus’ getuigenis aanneemt] … bezegelt daarmee, dat God woord houdt” (blz. 92). Maar in de voorafgaande, doorlopende vertaling van het evangelie kiest hij voor: ‘…bezegelt daarmee, dat Gód betrouwbaar is’ (blz. 18).
Typerend is ook de opmerking van Holwerda op bladzijde 109, dat hij, voordat hij aan zijn toelichting over de toerusting met de Geest begint, ons alvast de vertaling voorlegt ‘zoals die naar mijn inzicht ongeveer hoort te luiden’. In de doorlopende vertaling van het evangelie blijkt ook deze vertaling bijgeslepen te zijn.
Vertalen is wikken en wegen Voor wie zich tijdens zijn studie heeft beperkt tot het nieuwtestamentische Grieks – wat voor de meeste predikanten geldt - is het een buitenkans om over de schouder te mogen meekijken van een geleerde die het hele veld van het oude Grieks overziet.
Vanuit dat oogpunt blijft ook de twintig jaar geleden verschenen Johannes-vertaling van Marie van der Zeyde, levensgezel van de classica Ida Gerhardt, van eminent belang. Maar wat een verschil tussen haar vertaling (in 1989 verschenen als: Het is er altijd geweest, het Woord) en die van Holwerda! De vertaling van Van der Zeyde is áf: hij staat als een huis, is voornaam en poëtisch. Die van Holwerda is in beweging. Al vertalend blijft hij wikken en wegen, voortdurend op zoek naar nieuwe inzichten.
Verrassende inzichten Een proeve van zo’n verrassend inzicht vinden we in Holwerda’s uitleg van Johannes 12:32. Het werkwoord dat vertaald is met ‘trekken’ (in de NBV naar zich toehalen) komt in het klassieke Grieks ook voor in de betekenis ‘voor het gerecht slepen’. Holwerda vermoedt dat die betekenis in Johannes 12 bedoeld is, en komt tot de vertaling: ‘dan zal Ik allen voor mijn rechterstoel slepen’. Inderdaad past deze zinsnede dan veel beter in de context die handelt over het oordeel dat de Heiland over de wereld gaat vellen. Het kruis wordt rechterstoel.
Ook de artikelen, bieden verrassende inzichten. Een eyeopener was voor mij wat Holwerda zegt over het feit dat Jezus zijn leerlingen vrienden noemt (zie hoofdstuk 20). Tegen de achtergrond van het Oude Testament legt hij uit dat het hier gaat om een ondergeschikte die door zijn meerdere in de positie van vertrouwensman wordt geplaatst. Het is de meerdere die de ondergeschikte tot ‘vriend’ maakt door hem in vertrouwen te nemen en inzicht te geven in zijn plannen. Een verbondsverhouding dus: eenzijdig in z’n ontstaan, maar met de intentie om wederkerig te worden! ‘Niet langer noem Ik jullie “knechten”… Nee, “vrienden” heb Ik jullie genoemd…’ (Johannes 15:15).
Dieper inzicht Het gaat in Gespitst op het komende Pinksterfeest om meer dan een nieuwe vertaling van het vierde evangelie. Het boek biedt ook een dieper inzicht in de opzet van het evangelie. Johannes heeft zijn evangelie geschreven ‘vanuit Jezus’ uiteindelijke verheerlijking, waarbij ‘Hij van zijn Vader de bevoegdheid zal krijgen de Geest uit te delen’ (blz. 119). Heel het evangelie van Johannes is gefocust op de uitstorting van de Geest na Jezus’ hemelvaart. Naar Holwerda’s overtuiging geldt dit ook voor het hogepriesterlijke gebed van Johannes 17. Hij stelt dat het ‘ “één zijn” van de leerlingen niet betekent “onderling één zijn” – wat men er doorgaans van maakt – maar “één zijn met Christus en met de Vader”.Dat wil zeggen: doordat de Geest van God via Jezus in de leerlingen gaat wonen, komen zij als het ware bij Christus en zijn Vader inwonen’ (blz. 113).
Precieze vertaling Hoewel Holwerda’s vertaling van Johannes goed leesbaar is, is hij – anders dan de vertaling van Marie van der Zeyde – minder geschikt om voor te lezen. Soms dringt een vondst zich teveel aan je op. Bijvoorbeeld wanneer de Geest, de parakletos, de Rechtsbijstand wordt genoemd, een woord dat we wel voor een zaak, maar nooit voor een persoon gebruiken. En soms is een vertaling bij het informele af. Ik denk aan wat Johannes de Doper zegt, als hij Jezus naar zich toe ziet komen: ‘Daar heb je het Lam van God, dat de zonde van de wereld wegdraagt’ (Johannes 1:29). En aan het woord van Jezus: ‘Ik ga een kamer voor jullie bespreken’ (Johannes 14:2).
Holwerda is precies. Staat er een meervoud in het Grieks, dan verschijnt die ook in de vertaling. Een principe dat de NBV heeft losgelaten, omdat dat naar hedendaagse maatstaven wat houterig klinkt. Precisie. Die spreekt ook uit de weergave van de verleden en de tegenwoordige tijd. Marie van der Zeyde zégt dat die in haar vertaling exact die van het Grieks is. Maar wat van der Zeyde zegt, dóet Holwerda. En dat geeft aan zijn vertaling een bijzonder verrassende toets.
Blijven zoeken Samenvattend: de vertaling van Holwerda is een werkvertaling. Wie ermee aan de slag gaat, zal nieuwe dingen ontdekken. Hij leert om geen genoegen te nemen met het oude bekende, maar te blijven zoeken naar het nieuwe, onverwachte. De vertaling van Holwerda is geen afgerond werk, maar een vertaling die ‘werkt’. Zoals past bij iemand die, ook op hoge leeftijd, blijft werken zolang het licht hem wordt gegeven.
Holwerda, D. (2009), Gespitst op het komende Pinksterfeest. Kok, Kampen. 153 p. €17,50.
Drs. Albert M. van Leeuwen is predikant van de NGK Dronten.