Kerkelijk samenleven
2001-05-11
‘Ik dacht dat de gemeente niet werkte op zaterdag’. Dat was het commentaar van een inwoner van Amersfoort toen hij 21 april j.l. een drietal afgevaardigden zag, op weg naar de vierde zitting van de Landelijke Vergadering (LV) van de Nederlands Gereformeerde Kerken (NGK). ‘Of zijn jullie niet van de gemeente’? De wandelaars verzekerden dat zij dat wel waren. ‘Van een heleboel gemeentes zelfs’. Maar dat betekende niet dat zij en de veertig andere afgevaardigden die dag geen werk te doen hadden. Integendeel.- Jaargang 45
- nummer 10
Omdat ds. J.Bouma deze dag afwezig is, wordt de vergadering geopend door de tweede preses, br. H.G.Lakerveld.
Direct na de opening memoreert ds. C.C.Koolsbergen het overlijden van ds. Meint R. van den Berg. Met gezang 525 ‘Het lied van het nieuwe leven’, dat door ds. Van den Berg gedicht is, zingt de vergadering van de hoop die er is in Christus. ‘Hij heeft ons van de dood bevrijd, halleluja’.
Opleiding (bis)
Het moderamen stelt dan voor om terug te komen op het besluit dat tijdens de vorige zitting is genomen over het vervolg van de gesprekken over de predikantsopleiding. De commissie opleiding predikanten (COP) zou opnieuw in gesprek moeten gaan met het bestuur van het Nederlands Gereformeerd Seminarie (NGS). Het moderamen vindt dat het toch beter is, wanneer het zelf dit gesprek zal voeren, namens de LV. Van de kant van een ‘fors deel’ van de kerken uit de regio Harderwijk roept ds. Van Es het moderamen op om niet alleen over het voorstel van de COP te spreken met het NGS, maar ook over de ‘basisvragen’. Het voorstel wil vooral ‘knutselen aan de uitvoering’, maar heeft het niet over de principes, zoals ‘de plaats van de theologie in de encyclopedie van de wetenschap’.
Het moderamen geeft aan dat het wel aandacht wil geven aan deze vragen. Br. Lakerveld herinnert eraan dat de ‘tendens van de vergadering’ wel in de richting van de voorstellen van de COP gaat. Daarom zal het gesprek met het NGS daarover moeten gaan. De vergadering gaat nu unaniem akkoord met de voorgestelde verzwaring van het takenpakket van het moderamen.
Samen verder
Het is de afgevaardigden niet ontgaan dat kroonprins Willem-Alexander en Maxima Zorreguita besloten hebben samen verder door het leven te gaan. Het moderamen heeft op verzoek van de vergadering koningin Beatrix met het voorgenomen huwelijk gefeliciteerd. Het volgende agendapunt heeft ook met een vorm van samenleven te maken. Namens de commissie Akkoord van Kerkelijk Samenleven (AKS) doet ds. W.G.Rietkerk verslag. Zijn commissie heeft onderzocht welke mogelijkheden er zijn om de bezwaren die er in de kerken tegen dit AKS leven te overbruggen.
Eerst moest de commissie vaststellen welke kerken precies het AKS niet aanvaarden (‘ondertekenen’).
In 1982, toen het AKS werd aanvaard, stemde een aantal kerken ertegen.
Deze kerken gelden daarom vaak als ‘niet-aanvaardend’. Maar sommige kerken hebben, ondanks hun bezwaren, toch het akkoord aanvaard. De commissie is erachter gekomen dat er nog zes kerken zijn met principiële bezwaren tegen (delen van) het AKS. Allen willen ze zich wel loyaal opstellen in het kerkverband. De bezwaren lijken vooral nog te leven bij een oudere generatie. Volgens ds. Rietkerk ‘verbleekt’ de belangstelling voor het AKS sowieso. Hoeveel mensen ‘beneden de veertig’ kennen het eigenlijk? De afgevaardigden kennen het wel en sommigen van hen onderstrepen met nadruk het belang van het akkoord. Volgens ds. W.van Dijk ‘betreuren’ de kerken in de regio Harderwijk het, dat er nog zo weinig vertrouwen is gegroeid tussen de kerken. Waarom spreekt niet elke kerk een volmondig en hartelijk ‘ja‘ uit over het AKS? De commissie heeft ook gesignaleerd dat sommigen een revisie van het akkoord wenselijk vinden. Ds. Rietkerk is het niet met hen eens. Het AKS heeft nu eindelijk een vaste voet in de kerken gekregen. Als je het gaat veranderen levert dat alleen maar conflictstof op.
Het gaat nu goed in ons kerkverband, dus kunnen de kerken hun tijd en energie beter ergens anders aan besteden.
Niet iedereen deelt zijn conclusie. Sommige bepalingen zijn namelijk verouderd en moeten ‘up to date’ gemaakt worden. Bovendien ontbreken er bepalingen om de rechtspositie van predikanten goed te beschermen.
Namens de regio Noord-Nederland stelt ds. Koolsbergen daarom voor, dat een commissie namens de LV een ‘zekere actualisering’ van het AKS gaat voorbereiden. Dit voorstel wordt tijdens een volgende zitting besproken.
TOP
De commissie Taakverlichting Oudere Predikanten (TOP) presenteert vervolgens haar verslag. De commissie heeft in de verslagperiode vier keer een gemeente kunnen ondersteunen die haar predikant al voor zijn vijfenzestigste verjaardag wat extra rust wilde geven. Verder is er nagedacht over de ontwikkelingen in de samenleving op arbeidsgebied. Flex-pensioen en ‘sabbatical leave’ zijn daar inmiddels gemeengoed geworden. Br. M.S.Liefhebber geeft de vergadering ter overweging mee, dat de kerk hierin achterloopt op de maatschappij. Hij stelt voor dat de LV een commissie het hele veld van pensioenregelingen en werkvoorwaarden laat onderzoeken. Een vaste regeling voor studieverlof of arbeidstijdverkorting zou goed voor de huidige predikanten en maakt het predikantschap voor anderen misschien wat aantrekkelijker. De vergadering benoemt inderdaad zo’n commissie, die ook de opdracht krijgt, contact te leggen met het bestuur van de Stichting Emeritaatsvoorziening (SEV).
Voorlopig niet
Een van de hete hangijzers die tijdens de LV van Amersfoort besproken worden, is de verhouding van de NGK tot de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK) en de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) (GKV). De synode van de CGK sprak in 1998 ‘met droefheid’ uit dat verdere samensprekingen met de NGK ‘niet nuttig’ is en dat er ‘geen grond’ meer is om de samenwerking op plaatselijk niveau uit te breiden.
Namens de CGK-deputaten geeft prof. dr. J.W.Maris een toelichting op deze uitspraken. Hij zegt, dat hij het ‘niet gemakkelijk’ vindt om op de LV aanwezig te zijn. Toch kende zijn deputaatschap ‘geen seconde van aarzeling’ om in te gaan op de uitnodiging van de NGK, want ‘we hebben dezelfde identiteit: die van Jezus Christus ons Hoofd’. Daarom mag er volgens de Apeldoornse hoogleraar geen onverschilligheid zijn over het gescheiden optrekken met deze kerken. De ernstige vragen die de CGK-synode stelt aan de NGK, over de toeeïgening des heils, over Schrift en confessie en over vrouwelijke ambtsdragers, wil prof.
Maris ‘niet zonder verootmoediging’ handhaven. Blijkbaar zijn kerken van gereformeerde confessie niet in staat om het gemeenschappelijk erfgoed samen te bewaren. Het besluit van de CGK-synode om ‘voorlopig’ niet verder te zoeken naar kerkelijke eenheid met de NGK was heel moeilijk, maar wel eerlijk. Het woord ‘voorlopig’ hoort er wezenlijk bij. De deputaten staan ‘beschaamd’ over het feit dat de synode geen antwoord heeft gegeven op de vraag van de NGK, of de vragen rond de toeeïgening des heils binnen het gereformeerde belijden vallen.
Overigens benadrukt prof. Maris dat de toenadering tussen GKV en CGK geen rol heeft gespeeld bij de besluitvorming over de NGK. ‘Daarvan is geen sprake’. Hij suggereert zelfs dat het gesprek van zijn kerken met de GKV over de ‘toeeïgening’ een nieuwe opening tot gesprek met de NGK kan bieden.
Over de positie van de samenwerkingsgemeenten merkt hij op, dat er geen sprake van is geweest dat de CGKsynode de klok zou willen terugdraaien.
De Here is gedankt voor de samenwerking die er is. Kerkelijk gezien is de positie van samenwerkende gemeentes wel ‘lastig’, maar misschien ligt hierin een ‘vermaning, die voor ons tot een zegen zou kunnen worden’.
Van de LV vraagt prof. Maris om voor Gods aangezicht de vragen vanuit de CGK te heroverwegen. Hij wijst erop dat de vrijblijvende omgang met gemeentes die voor de besluitvorming uit vrouwelijke ouderlingen benoemen geen goede
indruk maakt. ‘Hoe principieel is uw principiële bezinning eigelijk?’
Plaatselijk wel
Ook voor ds. M.H. Sliggers is het ‘meer dan een gebaar van beleefdheid’ dat het deputaatschap van de GKV ter vergadering aanwezig is. ‘U legt zich niet bij de situatie neer. Broeders, wij doen dat ook niet’. De contacten verkeren in een ‘impasse’, sinds de GKV synode van Leusden in 1998 moest constateren dat er geen basis is gelegd door de LV van 1998 om opnieuw verkennende contacten met de NGK te beginnen. Ds. Sliggers benadrukt dat de GKV ‘gemengde gevoelens’ hebben over deze situatie. Er is ‘veel dat wij als kerken kunnen delen’. En in zijn kerken is ook ruimte voor de vraag: ‘waar dragen wij schuld over de breuk’.
Toch ontbreekt de basis voor verder gesprek. ‘Is niet de vraag over de belijdenis de angel die alle pijn tussen u en ons veroorzaakt?’ De GKV ontkennen dat zij de NGK hun ‘juk’ voorhouden, ‘waar u zich aan zou moeten onderwerpen’.
Het gaat volgens ds. Sliggers om ‘de zaak van Christus’. Een ‘ondubbelzinnige binding’ aan de leer van apostelen en profeten ‘is voor ons onopgeefbaar’. Hij vraagt de afgevaardigen: ‘waarom kunnen wij elkaar op de beproefde plaats (de belijdenis, DT) niet vinden, althans niet landelijk?’. Plaatselijk kan soms blijkbaar wel. In het besluit van ‘Leusden’ is daar rekening mee gehouden. In ‘incidentele gevallen’ kan een ‘uitzondering’ gemaakt worden voor contacten op plaatselijk niveau. Mede namens de aanwezigen van een conferentie die tegelijkertijd in Amersfoort wordt gehouden (‘Werken aan eenheid’) doet ds. Sliggers een appèl op de LV: Als kerken plaatselijk blijkbaar ondubbelzinnig vasthouden aan de confessie, waarom kan dat dan niet landelijk. ‘Wat is daar echt op tegen, als dat van uw kant een wezenlijke bijdrage zou betekenen?’
Nieuwe ruimte
Namens de NGK-commissie voor Contact en Samenspreking met andere kerken spreekt ds. W.Smouter de vergadering toe. Het rapport van zijn commissie was ‘overwegend in mineur opgesteld’. Dat had te maken met de besluitvorming aan de kant van CGK en GKV. Ds. Smouter constateert met dankbaarheid dat er sindsdien een ‘ontwikkeling ten goede’ heeft plaatsgevonden. Op plaatselijk gebied breiden de contacten met GKV- en CGK-kerken zich uit. Met de CGK-deputaten wordt positief overleg gevoerd, waarbij niet alleen de papieren, maar ook de praktijk in beide kerkgemeenschappen met elkaar vergeleken wordt. De NGK worden door de GKV-afgevaardigden niet ‘in de beklaagdenbank’ gezet, maar er is ruimte voor ‘positief en opbouwend’ gesprek. Ds. Smouter is ‘erg dankbaar’ dat de NGK niet in een isolement zijn geraakt. Er lijkt volgens hem ‘nieuwe ruimte’ te zijn voor een gesprek over het doel van de kerk: in deze tijd het evangelie doorgeven.
Contact met de andere gereformeerde kerken is ook nodig. De NGK met haar ‘allergie’ voor organiseren, maken immers dankbaar gebruik van de opleiding en de organisaties van de CGK en GKV.
Reacties
De reactie van de afgevaardigden op de drie toespraken is bepaald niet eenstemmig. Br. L.C.van den Berg spreekt namens de kerk van Schiedam uit, dat de NGK wat minder tijd moeten steken in de samenwerking en meer moet doen om de onderlinge eenheid te vergroten. Ds. H. de Jong is wel blij met de ontwikkelingen, maar wil vasthouden aan de ruimte die er binnen de NGK is om vrij om te gaan met de belijdenisgeschriften. Hij ziet een rol voor zijn kerken weggelegd in het laten zien van wat ‘staan in de vrijheid’ inhoudt. Br. G.van Raalte roept de vergadering met klem op om kleur te bekennen en zo de eenheid te dienen.
We zijn toch gereformeerd? ‘Sta er dan ook voor’! Br. K.R.Veenhof benadrukt dat de NGK wel degelijk principiële, bijbelse besluiten nemen. Zijn eigen gemeente heeft weloverwogen besloten vrouwelijke ouderlingen aan te stellen. Ds. J.J.van Es wijst erop, dat het ten diepste gaat om de antithese die te vinden is in Genesis 3,15. De kerken moeten in het oog houden, dat we samen een front vormen tegen het zaad van de slang. Op grond van Spreuken 13,12 wil ds.
G.Vrooland niet alleen maar blijven wachten op de gereformeerde zusterkerken, maar ook openstaan voor ontmoeting met evangelischen. Na deze en andere reacties concludeert de preses dat het onderwerp tijdens deze zitting niet kan worden afgerond. Hij roept de vergadering op, iets te zeggen over de richting waarin de commissie moet gaan in haar contacten met andere kerken. Namens de regio Amsterdam-Haarlem presenteert br. Veenhof een voorstel daartoe. Wordt vervolgd.
De LV vergadert op 19 mei verder over het werk van de commissies voor Steunbehoevende studenten, Contact met de hoge overheid, Evangelie en Moslims, Liedboek 2000 en Aangepaste diensten.