Stenen messen en bevrijdingsbanket

2000-03-03
  • Jaargang 44
  • nummer 5
Israël is zojuist door de Jordaan Kanaän binnengetrokken en dat nog wel op een tijdstip waarop de Jordaan ver buiten haar oevers getreden was en een geducht obstakel vormde. Het had een geweldige indruk gemaakt op de inwoners van Kanaän en Jericho. Het hart van de kanaänitische koningen versmolt, staat er.
Je zou denken: dit is het ideale moment om vernietigend toe te slaan. Laat Jozua nu niet aarzelen. Een geschikter moment om aan te vallen komt niet. Wie deze kans laat lopen, moet straks veel meer energie, tijd en inspanning investeren en ook meer verliezen incasseren om hetzelfde resultaat te bereiken, dat nu in een handomdraai te verwezenlijken valt. Maar er gebeurt iets heel anders. De HERE zegt tot Jozua: laat alle menselijke tactiek en militaire, strategische overwegingen schieten. Laat zwaard, schild en speer voorlopig nog maar rusten.
Maak u stenen messen. Die stenen messen waren niet nodig voor de strijd maar voor de besnijdenis van de Israëlieten. Gedurende de veertig jaar in de woestijn was daar niets van gekomen.
Nu moet het hele volk besneden worden (Joz. 5:8). Tengevolge van pijn en koorts zou de gevechtskracht van Israël voor minstens een week tot niets teruggebracht zijn. Als de Kanaänieten in die week een aanval gelanceerd hadden, zouden ze nauwelijks verzet ondervonden hebben.
Iedere militaire commandant zou dan ook zeggen: die besnijdenis is nu veel te riskant en moet wachten tot na de verovering van het land. Maar de HERE zegt: vergeet alle strategische, menselijke berekeningen.
Zoek eerst mijn koninkrijk en zijn gerechtigheid. Begin je verblijf in het beloofde land met het volk in militair opzicht krachteloos te maken.
De besnijdenis was het teken van het verbond en de gemeenschap met God.
Dat moet voor Israël voorop staan als ze Kanaän binnengetrokken zijn. Niet een of andere strategische meesterzet maar de gemeenschap met Jahwe moet voor hen het belangrijkste zijn. Ze moeten niet beginnen met de produktie van aanvalswapenen om een maximale gevechtskracht op te bouwen, maar met het maken van stenen messen voor de besnijdenis. Die volgorde geldt ook vandaag nog. Ons nieuwe leven begint niet met prestaties van onszelf, maar met de gemeenschap met God. Toen Israël besneden werd, kon het zelf niets beginnen. Het was volkomen hulpeloos en afhankelijk van God voor zijn veiligheid.
Pas vanuit de afhankelijkheid van God en de gemeenschap met Hem is het mogelijk om op de goede wijze strijd te voeren tegen de Kanaänieten, de duivel, de wereld en ons eigen vlees.
Maar ze moesten ook, onmiddellijk na hun besnijdenis, terwijl ze nog ziek en koortsig waren, het pascha vieren, het feest der bevrijding.
Pas tegen het einde van het zeven dagen durende pascha zouden ze weer in hun normale doen zijn.
Terwijl ze zelf niet in staat waren te vechten en er nog niet één vijand gesneuveld was, moeten ze de bevrijding vieren. Dat lijkt prematuur.
Is het niet onverstandig de huid al te verkopen voordat de beer geschoten is?
Nee, want door nu al pascha te vieren belijden ze hun geloof en vertrouwen in Gods belofte. Zo mogen ook wij, terwijl de satan nog rondgaat als een briesende leeuw, al deelnemen aan Christus' bevrijdingsbanket, het avondmaal, niet vanuit een grenzeloze zelfoverschatting, maar omdat er op Golgotha een kruis heeft gestaan.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief