Met al onze wegen vertrouwd

2000-03-17
  • Jaargang 44
  • nummer 6
Een mens gaat in zijn leven veel wegen. Als kind begint hij zijn omgeving te verkennen en leert hij de weg kennen naar huis, naar school, naar de kerk.
Na een tijdje kent hij alle straten en paadjes binnen zijn horizon.. Geleidelijk aan wordt die horizon wijder en in diezelfde mate groeit ook het aantal wegen dat hij kent.
Soms gaat hij wonen in een andere stad. Dan begint daar het proces opnieuw. Later krijgt hij een baan. Sommigen rijden dan met de auto van de zaak kriskras door Nederland en Europa.
Kilometervreters worden ze. Een groot deel van hun leven brengen ze door op de weg. Talloze wegen kennen ze. Soms ontmoet je mensen die overal de weg schijnen te weten. Maar hoeveel wegen ze ook kennen, toch is er niemand die alle wegen kent. Dat is onmogelijk. Er zijn er teveel.
Maar God is met al mijn wegen vertrouwd, zegt David in Ps. 139:3.
Natuurlijk denkt hij daarbij niet alleen aan de schaarse wegen en talloze bergpaadjes in Kanaän.
Uiteraard zijn die er niet van uitgesloten. Als David over een van die bergpaadjes liep, wist hij zich ook dan opgenomen in Gods aandacht voor hem.
En dat geldt ook vandaag nog. Als je voor een stoplicht staat te wachten, over een bospaadje fietst, over de snelweg rijdt of met een trouwstoet onderweg bent van het gemeentehuis naar de kerk, dan is God ook met die wegen vertrouwd.
Maar toch gaat het hier met name om mijn wegen als: levenswandel, gedrag, doen en laten.
Dat raakt de totaliteit van mijn leven: mijn ontbijt, de manier waarop ik mijn werk doe, met mijn collega's omga, van de tv gebruik maak, mijn geld besteed. Dat zijn mijn wegen. En God is daarmee vertrouwd. Hij is erop betrokken, omdat Hij van mij houdt.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief