De hoorder en de preken

2001-06-08
  • Jaargang 45
  • nummer 12
Ik denk, dat Douma zijn kerken echt gediend heeft met een eerlijke analyse van een fenomeen waar niemand omheen kan: de afbrokkeling van de vrijgemaakte zuil. Het perspectief dat hij voor de verschillende organisaties schetst, namelijk verbreding tot confessioneel-gereformeerde organisaties of (waar dit kan) christelijke organisaties, lijkt me heel reëel. Ik verwacht daar nog wel wat moeiten mee, maar het is niet aan mij om daarop in te gaan.

Wel moet ik eerlijk kwijt, dat ik in bredere zin Douma's kijk op het heden wel gebrekkig vind. Zijn kijk op het verleden: alle respect van mijn kant. Maar in het heden vind ik dat hij drie blinde vlekken heeft: voor de uitdaging van de evangelische beweging, voor de hermeneutische vraag in de preken en voor het leven in een post-moderne wereld. Jammer genoeg zijn dit nu net de drie punten waar het in de vrijgemaakte kerken (en daarmee grotendeels ook bij ons, want we verschillen niet zoveel) om draait. Wat de evangelische beweging betreft: jaren geleden al noteerde ik uit de mond van een vrijgemaakte collega, dat een doorsnee gereformeerde zendingsavond in die tijd begon met "Samen in de naam van Jezus" en afgesloten werd met "Kom, Jezus kom!". Dat kan uiteindelijk niet zonder gevolgen blijven.
Duizenden hebben intussen bijeenkomsten en congressen bijgewoond van de beweging waar Aad Kamsteeg mee begon en je proeft nog steeds de hang daarnaar. Nadruk op persoonlijk geloof, op beleving en ervaring zijn er kenmerken van. Persoonlijk denk ik niet, dat het laatste antwoord op alle vragen hierin te vinden is, maar enige bezinning op wat daar gebeurt is toch wel nodig. De hoogste aspiratie die ik op oecumenisch gebied van Douma tegenkwam is het verlangen om ooit nog eens samen met de christelijke gereformeerden avondmaal te vieren. Dat is een nobel streven, maar ik vermoed dat de gedachten bij sommigen wel wat verder gaan.

Vanaf Calvijn tot aan Trimp
Iets uitvoeriger wil ik ingaan op wat technisch genoemd wordt "de hermeneutische vraag in de prediking". Douma heeft het gevoel dat er bij de vakgroep Praktische Theologie in Kampen gemorreld wordt aan het beproefde recept van preken maken. Dat ze naar moderne snit met 'hermeneutiek' aan de slag gaan. Hij is wel voorzichtig in zijn oordeel, want zowel kritisch als solidair. Dat levert subtiele teksten op, zoals: "Vanaf Calvijn tot aan prof. Trimp toe hebben de gereformeerden beweerd, dat zij in de prediking met de bediening van het levende woord van God te maken hebben" (pag. 71).
Men voelt de ingehouden boodschap: na Trimp zijn ze in Kampen van het spoor van Calvijn af geraakt! Daar volgen wel heel wat relativeringen op, maar het loopt toch uit op de verzuchting "Ik herken wel Ezau's handen, maar heel wat minder duidelijk Jakobs stem" (pag. 91). Waar gaat het om? In Kampen zijn ze druk met bezinning op het proces van het maken en houden van een preek. Ze zijn daarbij tot de overtuiging gekomen, dat niet alleen de tekst, maar ook de hoorder een constitutieve rol in het preekproces moet spelen. Lees: wanneer je je alleen druk maakt om een verantwoorde uitleg van de tekst, dan loop je een mooie kans dat het over de hoorder heen gaat en dan heb je niets bereikt. Voor een heldere beschouwing daarover verwijs ik naar het artikel van Jeannette Westerkamp in het vorig nummer van Opbouw.
Douma vindt dit maar niks. Calvijn (die meestal lange seriepreken hield) begon ook niet met de vraag "hoe is de situatie van mijn hoorders?", om daarbij dan een tekst te zoeken. "Nee, hij ging van de zekerheid uit dat het woord van God uit heel de Schrift tot zegen voor de hoorder is" (pag. 73). Nu is daar wel wat op af te dingen. Wie de preken en verklaringen van Calvijn leest, merkt al gauw dat de vragen en moeiten van zijn hoorders een grote rol speelden in zijn woorden.
En ook dat hij (mogelijk zonder het zelf toe te willen geven, maar dat weet ik niet zeker) tot op het bot bepaald werd door het denken van zijn tijd. Als we dat ongewijzigd overnemen, dan hebben we niet de zuivere bediening van het Woord, maar de bediening ervan uit de 16e eeuw.

Gewoon wat er staat
Nu erkent Douma dat wel, maar hij vindt dat we er toch naar moeten blijven streven om 'objectieve' uitleg te geven. Tegenover heel die benadering in Kampen van tegenwoordig stelt hij, dat de predikant ernaar moet streven "gewoon te lezen wat er staat" (pag. 75). Hier kan ik weinig mee. Ik probeer al twintig jaar om het werkelijke Woord van God door te geven in de kerk.
Maar allereerst is daar niets gewoons aan en ten tweede heb ik wel geleerd dat ik meer naar mijn hoorders moet luisteren, wil er iets overkomen. Als ik 'gewoon' vertel wat er staat, dan denken mijn hoorders dat ik een speciale hobby voor geschiedenis heb. Aardig misschien voor mij, maar zij zitten met de vraag "is Hij er wel? En waar vind ik Hem dan?".
Douma ziet het zo zwaar niet in. Hij vindt dat in nieuwe Vrijgemaakte studies de vervreemding van God het meest urgente probleem voor de gemiddelde kerkganger wordt genoemd. En hij stelt daar tegenover "Onze predikanten kunnen zich gelukkig nog richten tot een gemeente die niet vervreemd van God is" en "de kerk is geen evangelisatietent"
(pag. 85). Tja, dat kan ik natuurlijk niet beoordelen. Maar zelf zou ik me niet graag door zo'n taxatie laten leiden.
En het belangrijkste: ik geloof er niets van dat het nodig zou zijn, dat de boodschap eronder lijdt wanneer je veel meer rekent met de vragen van de hoorder. Ik wil dat eerst verduidelijken met een gelijkenis van Jezus en daarna met een Vrijgemaakte preek (hoe ongelijksoortig dat ook is). Jezus vertelt in Lukas 18 de gelijkenis van de onrechtvaardige rechter. Het is een onvoorstelbaar verhaal: Hij vergelijkt God daar met een onrechtvaardige rechter en de gemeente met een weduwe die in haar recht staat. U moet zich indenken, wat een pijn het Jezus gedaan heeft om deze vergelijking te maken! Het is al heel wat om God met een boer te vergelijken of met een visser, maar dit... Waarom dééd Hij zoiets? Ooit gaf een van mijn catechisanten het prachtige antwoord: "omdat wij mensen zo vaak denken dat God een onrechtvaardige rechter is". Ik geloof dat dat waar is.
Daarmee heeft Jezus dan zijn meest riskante gelijkenis gesproken voor het meest riskante moment van ons leven, als we ons afvragen "luistert er wel iemand?". In elk geval is de hoorder hier voluit constitutief geweest voor de preek, inclusief zijn bange vragen. En de boodschap is er niet door geschaad, integendeel!

Christus leeft in mij
Nu naar een Vrijgemaakte preek. Eén van de auteurs waartegen Douma opponeert is zijn neef dr. Jos Douma, die onder de titel "Veni Creator Spiritus" een dissertatie over het preekproces schreef. De prof. heeft er forse kritiek op, maar laat niet na in een voetnoot te zeggen dat de preken van Jos wèl goed zijn, onder verwijzing naar de pagina op het Internet waar ze te vinden zijn. Dat laatste moet in een nieuwe druk gewijzigd worden, want de preken staan nu op, jawel: www.josdouma.
nl. Ik trof er een preek over Galaten 2:20 : "Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, (dat is), niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij." In zijn inleiding op de preek verwoordt Jos Douma, hoe moeilijk dit na te voelen is. "Mijn woorden zijn vaak niet diep genoeg, niet vurig genoeg, de Geest spat er niet vanaf.
Mijn woorden hebben vaak geen wortels in mijn hart. En dan deze woorden van Paulus, die zijn zo echt, zo persoonlijk, zo intiem en intens, daar kan ik niet aan tippen, dat is voor mij niet weggelegd. Dat maken Paulus' woorden in mij los: teleurstelling over mijn eigen tekortschieten." Met een herinnering aan een pianolerares die het zo oneindig veel beter kon dan hijzelf, voegt hij er dan aan toe: "Maar aan de andere kant roepen die woorden in mij ook een verlangen wakker, een verlangen naar meer, een verlangen naar iets beters. Paulus is in deze tekst voor mij als een pianoleraar die zelf geweldig spelen kan en die juist daardoor in mij de wens wakker roept dat ook te leren. Ik verlang ernaar om met hem te kunnen zeggen: `Ik leef, want Christus leeft in mij.' En van dat verlangen hoop ik dat het ook in uw harten leeft. Een verlangen naar meer, naar iets beters en mooiers in ons leven met Christus." Kijk, dat vind ik nu een geweldige start.
Dat is nu, dat de hoorder met zijn twijfels een werkelijke plek heeft in het preekproces. En u mag er de preek op nalezen: het doet absoluut niet af aan de boodschap, integendeel.

Bevreemdend
Ik kan heus niet alles beoordelen wat ze daar in Kampen bedenken op dit punt. Maar ik vind het vervreemdend, te lezen dat Douma heel deze bezinning wegwuift als onnodig en verdacht. Net zoals elders in dit nummer van Opbouw Wielenga zijn bevreemding uitspreekt over een student die al in zijn propedeuse verklaart dat hij al die theologie niet nodig heeft. Echt waar, we zullen het allemaal nodig hebben. Met erkenning dat God het moet doen, en dat zijn Woord genoeg is, zeker. Maar zweet en studie, luisteren naar je hoorders en verstaan van je cultuur wordt daar niet overbodig door.
Daarom kijk ik geregeld met respect en belangstelling naar wat er in Kampen verschijnt. En ik zou daar ook onder ons wel meer discussie over willen zien. Want niet alle nieuwe ideetjes zijn goed. We worden in de kerk niet voldoende gebouwd als we iets warms over Jezus horen, aangevuld met een paar voorbeelden of persoonlijke ontboezemingen. We hebben werkelijk nodig dat de Schrift zelf opengaat en dat we verrast worden door de rijkdom die in dat Woord zèlf ligt. Eigenlijk ben ik het dus zo eens met Douma. Maar juist daarom hoop ik, dat ze in Kampen verder blijven gaan, zelfs nog na prof. Trimp...
En, dat voeg ik er nu maar even bij, ik hoop dat onze kerken morgen op de Landelijke Vergadering ook echt weer een stap verder gaan als het over de opleiding van predikanten gaat. Het moet niet zo zijn, dat je bij de Nederlands Gereformeerde Kerken van alle kerken de minste opleiding nodig hebt om predikant te worden. Hoezeer ik het ook mensen gun die eerst een achtenswaardig beroep in de samenleving vervuld hebben, maar je zult ervoor moeten blokken! En je zult ervoor moeten bidden, maar het een heft het ander niet op.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief