Kruimels van de tafel

1999-02-05
  • Jaargang 43
  • nummer 3
Eed van trouw
Volgens de Heidelbergse Catechismus mag een overheid de eed van haar onderdanen vorderen om daardoor trouw en waarheid te bevestigen. Dat dit juist is ten aanzien van het bevestigen van de waarheid, voor een rechtbank bijvoorbeeld, kan moeilijk betwijfeld worden, omdat we daarvan ook voorbeelden vinden in de bijbel. Maar ten aanzien van de eed van trouw ligt het m.i. anders en is het helemaal niet zo vanzelfsprekend, dat die voor een christen geen problemen oplevert.
De Duitse officieren die vóór en tijdens de Tweede Wereldoorlog de eed van trouw aan Hitler hebben afgelegd, hebben hem daardoor de gelegenheid gegeven zijn satanische en anti-christelijke werk te doen. Wie als christen die eed aflegde, gebruikte zo Gods naam als dekmantel voor het anti-goddelijke. Het is bekend dat tal van duitse officieren in de loop van de oorlog steeds duidelijker zagen met wie ze in Hitler te doen hadden en ook grote moeite hadden om te doen wat hun opgedragen, maar vanwege hun eed van trouw deden ze het toch maar. En zo werden ze mede verantwoordelijk voor wat er gebeurde. Dat is een duidelijk voorbeeld van een eed van trouw die wel door de overheid gevorderd werd, maar die door en door onchristelijk en onbijbels was.
Maar ook afgedacht van die anti-christelijke situatie in Duitsland is het voor mij de vraag of je als christen wel verantwoord bent, wanneer je een eed van trouw aflegt aan het staatshoofd, een vlag, een vaandel, het vaderland, of wat dan ook. Je geeft daarmee aan iets of iemand zo’n grote plaats in je leven, dat God en Christus erdoor in het gedrang komen en van hun plaats verdrongen worden.
Christus heeft zijn naam op mij gelegd.
Ik ben zijn eigendom. Hij heeft een absolute claim op me. Dat betekent dat ik Hem trouw behoor te zijn voor honderd procent. Wanneer ik een eed van trouw afleg, waarbij ik absolute trouw beloof, geef ik daarmee aan iets of iemand anders een claim op me en zeggenschap over me, die alleen aan God toekomen.
Niets of niemand heeft zo’n grote claim op mij als God en Christus. Zij zijn de enigen die aanspraak mogen maken op mijn absolute loyaliteit. Het komt me voor dat een eed van trouw, zeker in bepaalde gevallen, dat ook doet. Het zou goed zijn als we daarover vanuit de bijbel weer eens gingen nadenken.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief