Ik voor u, daar gij anders (2)
1998-03-20
Forum - Jaargang 42
- nummer 6
In het forumgesprek zei prof. dr. G. W. Neven (gereformeerd, Theologische Universiteit Kampen) dat we eerst goed moeten definiëren wat verzoening is. Hij deed dat als volgt: verzoening is vrede stichten, waarin God de eerste stap zet. In het evangelie zien we wat dat uitwerkt: rondom Jezus ontstaat een nieuwe gemeente. Op een ander moment in het gesprek zei hij dat verzoening er is voor iedereen, die in zijn eigen zelfbeeld gevangen zit; voor iedereen, die misbruikt is en misbruikt heeft, dus voor slachtoffer én dader. Verhelderend was ook wat hij opmerkte over de relatie tussen het lijden en de moderne cultuur: daarin wordt het lijden verdrongen, o.a. doordat we er het nodige aan kunnen doen. Maar daarom is het voor ons wel moeilijker geworden het lijden (dat een facet van de verzoening is) te aanvaarden. Op de vraag of de verzoening als het hart van het evangelie kan worden beschouwd, antwoordde hij: Ja, want zonder verzoening is er geen evangelie, en zonder evangelie is er geen kerk. Dr. A. H. Wöhle (luthers, Almere) gaf antwoord op de vraag naar de betekenis van het bloed. Van de joodse traditie kunnen wij leren dat verzoening tussen God en mens een proces is om breuken tussen mensen hersteld te krijgen. Daarbij symboliseert het (offer)bloed het leven en de levenskracht. Dat er bloed vloeit, betekent de overgave van heel het leven aan God.
Prof. dr. A. de Reuver (hervormd, Rijksuniversiteit Utrecht) stelde dat voor de verzoening "bloed" en het aspect van het offer onmisbaar zijn. Het gaat om de plaatsbekleding door Christus. Wat dat inhoudt, is moeilijk op de hedendaagse mens over te brengen. Verwezen zou kunnen worden naar oorlogsverhalen, waarin de een zich voor de ander opoffert. Maar ten diepste bestaat er van Christus' plaatsvervanging geen ander voorbeeld, geen gelijkenis. Paulus geeft dat aan in Romeinen 5:7 v.v. Naarmate wij meer stilstaan bij het offer, naar die mate worden wij er meer door geraakt. Hoe de mens door Gods liefde overweldigd wordt, is niet vast te leggen; maar dát hij erdoor overweldigd wordt: die dimensie is onopgeefbaar. Vervolgens nam De Reuver het op voor Anselmus (1033-1109), die zeer diep heeft nagedacht over de vraag waarom God mens werd, het antwoord in juridische termen vatte en daarvoor alle eeuwen door veel kritiek te verduren kreeg.
De Reuver erkende dat Anselmus' uitwerking typisch' middeleeuws is, maar dat de kern van zijn gedachten teruggaat op Augustinus en de Schrift. Want deze drie dingen heeft Anselmus goed gezien:
1. de zonde is een aantasting van Gods eer,
2. de zonde stelt ons schuldig,
3.God Zelf moet er aan te pas komen om ons ervan af te helpen.
Bouwstenen
Vervolgens werd het woord gegeven aan enkele theologen, die de opdracht hadden ontvangen "bouwstenen" aan te dragen voor een synodale brief over verzoening. Ieder van hen kreeg drie minuten om alvast mondeling zo'n bouwsteen te leggen.
Dr. C. van der Kooi (gereformeerd, Vrije Universiteit Amsterdam) gaf aan dat ons heil niet alleen gegrond is op Pasen maar ook op Goede Vrijdag. Dat laatste is niet vanzelfsprekend. Het kruis is namelijk iets paradoxaals: het spreekt van gericht. Maar door het gericht heen houdt God aan deze wereld vast. Psychologisch gezien is een begrip als gericht evenals toorn zwaar geladen, maar we hebben ze wel nodig om te verwoorden wat het heil inhoudt. Er is in ieder geval een dikke streep getrokken tussen de zonde en de zondaar. De kwade machten zijn reeds door God veroordeeld. Er ligt dus al iets achter ons. Want God heeft onze vervreemding van Hem Zich zozeer aangetrokken dat zij bij Hem terecht komt, althans bij Zijn Zoon. Is dat niet de diepste bedoeling van het dogma van de Drie-eenheid?
Dit verslag is van de hand van Ds. H. J. Lam, Ned. Herv. predikant te Den Ham (Ov.). Wij troffen het aan in: "De Waarheidsvriend", wekelijks orgaan van de Gereformeerde Bond. Wij konden slechts een gedeelte van het verslag ovememen, maar hopen zo de belangstelling voor dit actuele onderwerp te intensiveren.
Verzoening door voldoening is het hart van het evangelie! Wie dit miskent doet geen recht aan de intentie en de inhoud van de bijbelse boodschap en is in strijd met het belijdenis van de kerk (zie zondag 15 en 23 van de Heid. Catechismus). Alle lijnen lopen op het kruis van Golgotha uit en via het geopende graf op de Paasmorgen als aanknopingspunt voor een herleefde hoop wordt een beslissend nieuw begin gemaakt. Juist hier moeten wij met twee woorden blijven spreken: kruis en opstanding. Die horen bij elkaar naar goddelijke orde, beter en sterker gezegd: volgens goddelijk plan.
Op de Pinksterdag memoreert Petrus in zijn imponerende, appellerende preek de · bepaalde raad en voorkennis van God terwijl de snode daden van wetteloze mensen niet worden verdoezeld. Maar de God van het heil heeft het eerste en het laatste woord! Want de Heilige Schrift spreekt ervan, dat de Vader de Zoon OPWEKTE en dat de Zoon OPSTOND (zie Hand. 2:23 en 24). Deze dingen moeten recht overeind blijven staan in de verkondiging. Anders wordt de gemeente van Christus met lege handen naar huis gestuurd. En daarvoor was men niet naar de kerk gekomen!